NL8302589A - Lier, in het bijzonder davitlier, evenals davitlier met deiningscompensator. - Google Patents
Lier, in het bijzonder davitlier, evenals davitlier met deiningscompensator. Download PDFInfo
- Publication number
- NL8302589A NL8302589A NL8302589A NL8302589A NL8302589A NL 8302589 A NL8302589 A NL 8302589A NL 8302589 A NL8302589 A NL 8302589A NL 8302589 A NL8302589 A NL 8302589A NL 8302589 A NL8302589 A NL 8302589A
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- gear
- winch according
- planetary gear
- coupled
- wheel
- Prior art date
Links
Classifications
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B66—HOISTING; LIFTING; HAULING
- B66D—CAPSTANS; WINCHES; TACKLES, e.g. PULLEY BLOCKS; HOISTS
- B66D1/00—Rope, cable, or chain winding mechanisms; Capstans
- B66D1/28—Other constructional details
- B66D1/40—Control devices
- B66D1/48—Control devices automatic
- B66D1/52—Control devices automatic for varying rope or cable tension, e.g. when recovering craft from water
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B63—SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; RELATED EQUIPMENT
- B63B—SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; EQUIPMENT FOR SHIPPING
- B63B23/00—Equipment for handling lifeboats or the like
- B63B23/40—Use of lowering or hoisting gear
- B63B23/48—Use of lowering or hoisting gear using winches for boat handling
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- Chemical & Material Sciences (AREA)
- Combustion & Propulsion (AREA)
- Ocean & Marine Engineering (AREA)
- Retarders (AREA)
Description
' ψ i> :y
83.202/vA
— Korte aanduiding: Lier, in het bijzonder davitlier, evenals davitlier met deiningscompensator.
De uitvinding betreft een lier, in het bijzonder bestemd voor het bedienen van de besturingskabels van davits en/of red-dingsvaartuigen, voorzien van één of meer kabeltrommels die via een overbrenging zijn verbonden met één of meer aandrijf motoren.
Lieren van de in de aanhef beschreven soort zijn in vele uiteenlopende uitvoeringen bekend. Zij hebben evenwel allen met elkaar gemeen, dat zij met enkelvoudige tandwieloverbrengingen zijn uitgerust, welke gewoonlijk rechte tandwielen omvatten. Als gevolg van de 5 steeds scherper wordende eisen van de scheepvaartinspecties en de klassi-ficatiebureaus, evenals door de steeds grotere afmetingen en daardoor het grotere gewicht van de reddingsvaartuigen worden de belastingskrachten, waaronder de optredende stootkrachten steeds groter. Dit leidt tot steeds grotere afmetingen van de lieren, welke daardoor enerzijds steeds 10 meer ruimte innemen en anderzijds een groter gewicht verkrijgen, terwijl ook de fabricagekosten met deze afmetingen stijgen.
Het doel van de uitvinding is het verschaffen van een lier die de bovenstaande bezwaren mist.
Dit doel wordt volgens de uitvinding bereikt, doordat 15 de overbrenging één of meer planetaire tandwieloverbrengingen omvat.
Door toepassing van deze een of meer planetaire tandwieloverbrengingen kunnen de afmetingen en daarmede het gewicht van de lier bij een zelfde vermogen aanzienlijk worden teruggebracht, terwijl ook de fabricage en installatiekosten, zoals door lichtere funderingen 20 aan boord van het moedervaartuig van de reddingsvaartuigen, aanzienlijk dalen.
Volgens een voorkeursuitvoeringsvorm zijn één of meer yan de planetaire tandwieloverbrengingen voorzien van een aan het 8302589 f - 2 - buiten- of kroonwiel vast bevestigd tandwiel, dat in ingrijping is met een tandrondsel. Deze constructie heeft het voordeel, dat met behulp van het tandrondsel de draaiing van het buiten- of kroonwiel kan worden beïnvloed, zonder dat een wrijvingskoppeling behoeft te worden in of uit-5 geschakeld. Hiermede kunnen verschillende functies worden verkregen.
De uitvinding zal thans nader worden toegelicht aan de hand van de bijgaande tekening van enkele uitvoexingsvoorbeelden.
Fig. 4 toont een schematische voorstelling van een eerste uitvoeringsvoorbeeld van een lier volgens de uitvinding, JO Fig. 2 toont een soortgelijk schema van een tweede uitvoeringsvorm.
De in fig. 1 weergegeven uitvoeringsvorm omvat een trommel 4 voor de (niet weergegeven) kabels, die bijvoorbeeld de be-sturingskabels van een stel davits en/of van één of meer reddingsvaar-45 tuigen kunnen zijn. De kabeltrommel 4 is bevestigd op de uitgaande as 2 van een reductiedrijfwerk, dat in zijn geheel met 3 wordt aangeduid en is voorzien van een ingaande as 4.
Dit reductiedrijfwerk 3 omvat twee achter elkaar geplaatste planetaire tandwieloverbrengingen 5 en 6. Hierbij is de 20 ingaande as 4 rechtstreeks verbonden met het zonnetandwiel 61, dat in zijn buitenvertanding een aantal, bij voorkeur ten minste drie, gelijke planeettandwielen 62 in ingrijping heeft, welke planeettand-wielen 62 eveneens in ingrijping zijn met de bianenvertanding van het kroonwiel 63. De planeettandwielen 62 zijn onderling verbonden door 25 een planeetdrager 64 die via de tussenas 7 is gekoppeld met het zonnewiel 51 van de planetaire tandwieloverbrenging 5. Dit zonnewiel 5-4 heeft opnieuw aan zijn buitenomtrek een aantal planeettandwielen 52, die enerzijds in ingrijping zijn met de binnenvertanding van het buitenof kroontandwiel 53 en anderzijds met behulp van een planeetwieldrager 30 54 zijn gekoppeld met de uitgaande as 2 welke, zoals boven werd vermeld, de ëën of meer kabeltrommels 4 aandrijft.
De ingaande as 4 van het reductiedrijfwerk. 3 is de uitgaande as van het planetaire-differentiaal drijfwerk dat in zijn geheel met 8 wordt aangeduid en wordt aangedreven via de ingaande as 9.
35 Deze ingaande as 9 is gekoppeld met het zonnewiel 81, waaromheen een aantal, ten minste drie planeettandwielen 82 bewegen, die op hun beurt weer binnen het buiten of kroonwiel 83 beweegbaar zijn. De planeettandwielen 82 zijn bevestigd aan de planeetdrager 84 die gekoppeld is met de uitgaande as 4.
40 Het buiten- of kroonwiel 83 is bevestigd aan een tand- 8302589 • Λ ' > - 3 - wiel 85 toet uitwendige vertauding, waarmede een rondsel 10 in ingrijping is, dat zalf in ingrijping is met een groter tandwiel 31.
Dit tandwiel Π is bevestigd op de uitgaande as 12 van een planetaire tandwieloverbrenging, in zijn geheel aangeduid met 5 13, waarvan de ingaande as 34 een centrifugaalrem 15 en een stoprem 16 draagt. De ingangsas 14 is verbonden met het zonnewiel 133, waaromheen ten minste drie planeettandwielen 332 draaien en op hun beurt in ingrijping zijn met de binnenvertanding van het kroon- of buitentandwiel 133, dat vast is bevestigd. De planeetwieldrager 134 is met de uitgaande as 10 12 gekoppeld.
De ingaande as 9 van de planetaire - differentiaal tandwieloverbrenging 8 is bevestigd aan een schuin tandwiel 37, en een loodrecht daarop staand, schuin tandrondsel 18 verbonden met de aandrijfas 19 van een bijvoorbeeld elektrische motor M 20, welke aan de 35 andere zijde van de as 39 de stoprem 21 draagt. Voor de eventuele hand-aandrijving van de lier is nog het eveneens loodrecht op het tandwiel 37 staande schuine tandrondsel 22 aangebraeht, wat verbonden is aan de handaandrijfas 23 die met behulp van een koppeling 24 door middel van de zwengel 25 kan worden aangedreven.
20 Voorts is nog de op de handaandrijfas 23 werkende centrifugaalrem 26 aangebracht.
De werking van de in fig. 1 beschreven uitvoeringsvorm van de lier volgens de uitvinding is als volgt: De motor 20 drijft hetzij in de ene, hetzij in de andere richting via de as 39, 25 de haakse tandwieloverbrenging 38, 37 de ingaande as 9 aan van het planetaire differentiaaldrijfwerk 8. Hiervan drijft de uitgaande as 4 via de dubbele planetaire tandwielreductie 6, 5 van het drijfwerk 3 via de as 2 de kabeltrommel 3 aan. Met de ene draairichting van de motor 20 kan de trommel 3 bijvoorbeeld de (niet weergegeven) kabels hijsen, 30 met de andere draairichting deze zelfde kabels vieren. Door middel van het rondsel 30 en de tandwieloverbrenging 31, 12, 33, 34 kan met behulp van de rem 15 worden geslipt én met de rem 16 worden gestopt. Dit betekent dat het rondsel 30 hetzij vast kan worden gehouden, hetzij een gering toerental in de ene of de andere draairichting kan krijgen, waar-35 mede opnieuw toerental-variaties van de nitgaande as 4 van het planetaire differentiaal drijfwerk 8 kunnen worden bereikt. Met deze constructie, die altijd in ingrijping is,'is geen in en uitschakelhare koppeling noodzakelijk, terwijl 2eer grote remkrachten met de stopremmen 36 en 23 kunnen worden opgenomen. Ook de stootbelasting van deze over-4Q brenging kan tot zeer hoge waarden oplopen, zonder dat enige beschadiging 8302589 * *- - 4 - optreedt.
De handaandrijving 22, 23, 24, 25 is uitsluitend bestemd voor die gevallen waarin bijvoorbeeld de elektrische spanning aan boord van het moedervaartuig is weggevallen waardoor de elektrische 5 motor 20 niet werkt. Hiermede kunnen eveneens alle functies van de lier, maar met uiteraard een veel geringere snelheid, worden bereikt.
De uitvoeringsvorm die in fig. 2 is weergegeven stemt in belangrijke mate overeen met dievan fig. 1, waarbij echter het belangrijkste verschil wordt gevormd door de aanwezigheid van een deinings-10 compensatie-inriehting die met de lier is verbonden. Deze deinings-compensatie-inrichting maakt mogelijk om bij het ophijsen van een red-dingsvaartuig uit zee of een andere water op een geschikt moment het hijsen van het reddingsvaartuig te laten plaats vinden.
Het gedeelte van de lier in fig. 2 dat rechts ligt 15 van de vertikale streep-stip-lijn B-B is constructief gelijk aan het gedeelte dat in fig. 4 rechts ligt van de streep-stiplijn A-A, zodat de bespreking hiervan niet zal worden herhaald.
De as 14 draagt een stoprem 26 en wordt aangedreven door de hoofdmotor 27 die via een as 28 met vrij loopkoppeling 29 20 is gekoppeld met een hydraulische pomp P 30. Deze hydraulische pomp 30 is met de hydraulische leidingen 31 en 32 gekoppeld met de hydraulische regelinrichting C 33, welke enerzijds met de hydraulische leidingen 33 respectievelijk 34 is gekoppeld met de hydraulische deiningscompen-satiemotor M 35. Deze motor is bevestigd op de aandrijfas 9 van het 25 differentiaal-planeetdrijfwerk 8, welke as een stoprem 36 met vrijloop 37 en een centrifugaalrem 38 met vrijloop 39 draagt. De hydraulische regelinrichting 33 is via de besturingsleidingen 40 en 44 verbonden met respectievelijk de stoprem 36 en de centrifugaalrem 38.
De werking van deze lier met deiningseompensatie-30 inrichting is als volgt: De hoofdmotor 27 drijft via de as 44, het planetaire raductiedrijfwerk 43 de as 32 aan die met de tandwieloverbrengingen ee, 40, 85, het kroonwiel 84 en de planeetwielen 82, de planeetdrager 84, de as 4, het reduceerdrijfwerk .3 en de as 2 de trommel 3. Behalve deze van de hoofdmotor 27 afgeleide hoofdhijsbeweging is 35 eveneens nog een voor de deiningscompensatie bestemde hulphijsbeweging aanwezig, die gesuperponeerd wordt op de hoofdhijsbeweging. Deze hulphijsbeweging wordt eveneens afgeleid van de hoofdmotor 27 die via de vrijloopkoppeling 29 de hydraulische pomp P aandrijft. Deze. hydraulische pomp P voedt via de hydraulische regelaar C de hydraulische 40 motor 35, die de as 9 aandrijft welke, met het zonnewiel 84 is gekoppeld 8302589 . ί· '« - 5 - van het planetaire differentiaaldrijfwerk 8. Mat behulp van deze langzamer lopende hydraulische motor 35 kunnen nu bijvoorbeeld de (niet weergegeven) hijskabels die met een reddings vaar tuig zijn verbonden, dat door een golf wordt opgeheven en daardoor slaphangen, met klein vermogen 5 strak worden getrokken. Deze deiningscompensatie werkt eveneens bij het vieren van de hijskabels. Indien een reddingsboot aan de hijskabels is opgehangen en door een golf wordt opgenomen vermindert de spanning op de hijskabels. Indien deze nu niet door de deiningscampensatiemotor 35 extra zouden worden gevierd, zou bij het terugtrekken van de golf een 10 zeer hoge piekbelasting in de hijskabels optreden. Deze piekbelastingen die schokfactoren van 3 tot 4 kunnen opleveren, welke zeer gevaarlijk zijn voor zowel de bevestiging van de ophanghaken in het reddingsvaartuig, als voor de hijskabels en de lier, worden door de deiningscompensatie-inrichting volgens de uitvinding volledig voorkomen, De hydraulische 15 motor 25 kan daarbij, indien hij als gevolg van de golfbeweging in tegengestelde richting wordt aangedreven, als pomp werken waardoor de regelaar 33 met behulp van de leidingen 40 en 41 de remmen 36 en 39 naar behoefte kan inschakelen.
Bij het uit het water ophijsen van een reddingsvaar-2Q tuig wordt bij voorkeur het gunstigste hijsmoment, waarbij de stoprem 36 wordt ingeschakeld, bepaald door het omkeren van de draairichting van de as 9. Het snelheidsverloop is dan vloeiend en er treden geen piekbelastingen of schokfactoren in het stelsel op.
De uitvinding is niet beperkt tot de weergegeyen en/of 25 beschreven uitvoeringsvormen maar strekt zich uit tot alle varianten daarvan.
8302589
Claims (15)
1. Lier, in het bijzonder bestemd voor het bedienen van de besturingskabels van davits en/of reddingsvaartuigen, 5 voorzien van ëên of meer kabeltrommels die via een overbrenging zijn verbonden met één of meer aandrijfmotoren, met het kenmerk, dat de overbrenging ëën of meer planetaire tandwieloverbrengingen (3, 8, 13) omvat.
2. Lier volgens conclusie 1, met het kenmerk, 10 dat ten minste ëën van de planetaire tandwieloverbrengingen (8) zijn voorzien van een aan het buiten- of kroonwiel (83) vast bevestigd tandwiel (85) dat in ingrijping is met een tandrondsel (10).
3. Lier volgens conclusie 2, net het kenmerk, dat het tandrondsel (10) is voorzien van middelen (11) voor het naar 45 keuze in de ene of de andere draairichting aandrijven, of het onbeweeglijk houden van het tandrondsel (10) en het tandwiel (85).
4. Lier volgens een of meer van de conclusies 1-3, met het kenmerk, dat van de planetaire tandwieloverbrenging (8) de as (9) van het zonnewiel (81) is gekoppeld net een aandrijf- 20 motor (20, 35).
5. Lier volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat tussen de as (9) van het zonnewiel (81) en de aandrijfmotor (20, 35) tenminste een centrifugaalrem (38) is aangebracht (fig.2).
6. Lier volgens conclusie 4, met het kenmerk, 25 dat tussen de as (9) van het zonnewiel (81) en de aandrijfmotor (20) ten minste een stoprem (36) is aangebracht.
7. Lier volgens een of meer van de conclusies 1-6, met het kenmerk, dat het tandrondsel (10) voor de aandrijving van het tandwiel (85) dat vast bevestigd is met het buiten- of 30 kroonwiel (83) van de planetaire tandwieloverbrenging is gekoppeld met een centrifugaalrem (15).
8. Lier volgens een of meer van de conclusies 1-7, met het kenmerk, dat het tandrondsel (10) voor de aandrijving van het tandwiel (85) dat vast bevestigd is met het buiten- of 35 kroonwiel (83) van de planetaire tandwieloverbrenging (8) is ge koppeld met een atoprem (-16).
9. Lier volgens een of meer van de conclusies 1-5, met het kenmerk, dat het tandronsel (10) via een planetaire tandwieloverbrenging (13) met een aandrijfmotor (27) is gekoppeld.
10. Lier volgens conclusies 1-9, met het kenmerk, 8302589 * - Is - 7 - dat het tandrondsel (10) via een tussentandwie1 (14) is gekoppeld met de planeetdrager (134), terwijl de stoprem (16) en de centrifugaalrem (45) met het zonnewiel (13) van dezelfde planetaire tandwieloverbrenging (13) is of zijn gekoppeld.
11. Lier volgens een of meer van de conclusies 4-40, met het kenmerk, dat de ëën of meer hijstrommels (1) via ëën of meer planetaire tandwieloverbrengingen (5, 6) zijn gekoppeld met de planetaire tandwieloverbrenging (8) waarvan het buiten- of kroonwiel (83) is voorzien van een vast bevestigd tandwiel (85).
12. Lier volgens een of meer van de conclusies 1-11, met het kenmerk, dat de ingaande as (4) van de ëën of meer planetaire tandwieloverbrengingen (5, 6), die de uitgangsas (2) met de hijstrommels (l)koppelt, is verbonden met de planeetdrager (83) van de planetaire tandwieloverbrenging (8) waarvan het buiten- of kroonwiel is voorzien 15 van een vast bevestigd tandwiel (85).
13. Lier volgens een of meer van de conclusies 1-12, met het kenmerk, dat de aandrijfmotor (27) die indirect met het buitenof kroonwiel (83) van de planetaire tandwieloverbrenging (8) is gekoppeld, tevens indirect is gekoppeld met het zonnewiel (8) van deze zelfde 20 planetaire tandwieloverbrenging (8).
14, Lier volgens conclusie 13, met het kenmerk, dat de aandrijfmotor via een voorloopkoppeling (29) is verbonden met een hydraulische pomp (30) die op zijn beurt via een regelaar (33) is verbonden met een hydraulische motor (35) die het zonnewiel (81) aandrijft, 25 terwijl de regelaar (35) eveneens de stoprem (36) en/of de centrifugaalrem (38) bestuurt.
45. Lier volgens conclusie 14, met het kenmerk, dat de regelaar (33) aanspreekt op het in tegengestelde richting draaien van de hydraulische motor (35), die dan pompwerking krijgt, voor het vastzet- 3Q ten van de stoprem (36) en daarmede het zonnewiel (81) van de planetaire tandwieloverbrenging (8), waardoor uitsluitend de motor (27) op de trommels (1) werkt. % 8302589
Priority Applications (3)
Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
---|---|---|---|
NL8302589A NL8302589A (nl) | 1983-07-19 | 1983-07-19 | Lier, in het bijzonder davitlier, evenals davitlier met deiningscompensator. |
PCT/NL1984/000023 WO1985000581A1 (en) | 1983-07-19 | 1984-07-19 | A winch for marine application, in particular a davit winch, a davit winch provided with a swell-compensator |
EP19840902830 EP0148933A1 (en) | 1983-07-19 | 1984-07-19 | A winch for marine application, in particular a davit winch, a davit winch provided with a swell-compensator |
Applications Claiming Priority (2)
Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
---|---|---|---|
NL8302589A NL8302589A (nl) | 1983-07-19 | 1983-07-19 | Lier, in het bijzonder davitlier, evenals davitlier met deiningscompensator. |
NL8302589 | 1983-07-19 |
Publications (1)
Publication Number | Publication Date |
---|---|
NL8302589A true NL8302589A (nl) | 1985-02-18 |
Family
ID=19842181
Family Applications (1)
Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
---|---|---|---|
NL8302589A NL8302589A (nl) | 1983-07-19 | 1983-07-19 | Lier, in het bijzonder davitlier, evenals davitlier met deiningscompensator. |
Country Status (3)
Country | Link |
---|---|
EP (1) | EP0148933A1 (nl) |
NL (1) | NL8302589A (nl) |
WO (1) | WO1985000581A1 (nl) |
Families Citing this family (5)
Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
---|---|---|---|---|
DE4134742C1 (nl) * | 1991-10-21 | 1992-12-10 | Fuerstlich Hohenzollernsche Werke Laucherthal Gmbh & Co, 7480 Sigmaringen, De | |
DE102010026968B4 (de) | 2010-07-13 | 2014-02-13 | Liebherr-Components Biberach Gmbh | Winde sowie Baumaschine oder Hebegerät |
NO334469B1 (no) * | 2012-03-27 | 2014-03-10 | I P Huse As | Fremgangsmåte ved drift av vinsj for håndtering av last med en line, konstruksjon samt anvendelse |
NO334840B1 (no) | 2012-04-30 | 2014-06-16 | Selantic As | Nedtrekksarrangement for utskiftning av undervanns forankringsliner |
US10081988B2 (en) * | 2014-06-13 | 2018-09-25 | Cameron Sense AS | Heave compensation winches |
Family Cites Families (5)
Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
---|---|---|---|---|
FR2236773A1 (nl) * | 1973-07-11 | 1975-02-07 | Z Im A M Gorkogo | |
NL7508496A (nl) * | 1974-07-30 | 1976-02-03 | Willem Josef George Strolenber | Inrichting voor het omhoog brengen of neerlaten van een last. |
DE2521396A1 (de) * | 1975-05-14 | 1976-11-25 | Fritz Sauerwald Fabrik Fuer Ge | Hebevorrichtung fuer container |
DE2921195C2 (de) * | 1979-05-25 | 1986-03-20 | Maschinenfabrik Julius Marbaise GmbH & Co KG, 4600 Dortmund | Mehrstufiges Planetengetriebe zum Betrieb einer Seilwinde |
FR2491449B1 (fr) * | 1980-10-08 | 1985-07-12 | Ppm Sa | Treuil de levage |
-
1983
- 1983-07-19 NL NL8302589A patent/NL8302589A/nl not_active Application Discontinuation
-
1984
- 1984-07-19 EP EP19840902830 patent/EP0148933A1/en not_active Withdrawn
- 1984-07-19 WO PCT/NL1984/000023 patent/WO1985000581A1/en unknown
Also Published As
Publication number | Publication date |
---|---|
EP0148933A1 (en) | 1985-07-24 |
WO1985000581A1 (en) | 1985-02-14 |
Similar Documents
Publication | Publication Date | Title |
---|---|---|
US4132387A (en) | Winding mechanism | |
US10106380B2 (en) | Cable winch | |
US4180171A (en) | Cranes | |
NL8302589A (nl) | Lier, in het bijzonder davitlier, evenals davitlier met deiningscompensator. | |
GB2276137A (en) | Backwind sailboat winch | |
US5048172A (en) | Method for converting a "backhoe" to a "crane" using a "true free fall" hydraulic winch system | |
US4950125A (en) | "True free fall" hydraulic winch system for converting a "backhoe" to a "crane" | |
US3843097A (en) | Two-drum winch,with built-in reduction gear | |
US3541888A (en) | Mechanical power transmitting mechanism | |
US3436056A (en) | Drive system for yarder used in double main line logging | |
US3282569A (en) | Infinite-ratio driving interlock for yarder | |
US2589172A (en) | Level luffing crane | |
GB1269778A (en) | Hoisting apparatus for handling of floating bodies in rough seas | |
DE69732423D1 (de) | Winde, angetrieben durch das übertragungsgetriebe eines fahrzeuges | |
US2543765A (en) | Winch for convertible draglines and shovels | |
EP0303596B1 (en) | Trawl winch for fishing vessel | |
US4782961A (en) | Crane | |
RU2061646C1 (ru) | Лебедка | |
SU195079A1 (ru) | Лебедка для воздушной трелевки леса | |
GB173102A (en) | Improvements in or relating to lifting and hauling gear | |
CA1116589A (en) | Winch system for controlling closing and lifting of a grab | |
CN87208336U (zh) | 行星传动双卷筒卷扬机 | |
SU1020521A1 (ru) | Рабочее оборудование экскаватора-драглайна | |
SU465480A1 (ru) | Привод скреперной лебедки | |
US1095122A (en) | Land-clearing machine. |
Legal Events
Date | Code | Title | Description |
---|---|---|---|
A1B | A search report has been drawn up | ||
BV | The patent application has lapsed |