[go: up one dir, main page]

NL8601143A - MULTI-PIECE CONNECTING ROD FOR A LARGE DIESEL ENGINE. - Google Patents

MULTI-PIECE CONNECTING ROD FOR A LARGE DIESEL ENGINE. Download PDF

Info

Publication number
NL8601143A
NL8601143A NL8601143A NL8601143A NL8601143A NL 8601143 A NL8601143 A NL 8601143A NL 8601143 A NL8601143 A NL 8601143A NL 8601143 A NL8601143 A NL 8601143A NL 8601143 A NL8601143 A NL 8601143A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
connecting rod
collar
rod
diameter
nut
Prior art date
Application number
NL8601143A
Other languages
Dutch (nl)
Other versions
NL192347B (en
NL192347C (en
Original Assignee
Man B & W Diesel Gmbh
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Man B & W Diesel Gmbh filed Critical Man B & W Diesel Gmbh
Publication of NL8601143A publication Critical patent/NL8601143A/en
Publication of NL192347B publication Critical patent/NL192347B/en
Application granted granted Critical
Publication of NL192347C publication Critical patent/NL192347C/en

Links

Classifications

    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F02COMBUSTION ENGINES; HOT-GAS OR COMBUSTION-PRODUCT ENGINE PLANTS
    • F02BINTERNAL-COMBUSTION PISTON ENGINES; COMBUSTION ENGINES IN GENERAL
    • F02B3/00Engines characterised by air compression and subsequent fuel addition
    • F02B3/06Engines characterised by air compression and subsequent fuel addition with compression ignition
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F16ENGINEERING ELEMENTS AND UNITS; GENERAL MEASURES FOR PRODUCING AND MAINTAINING EFFECTIVE FUNCTIONING OF MACHINES OR INSTALLATIONS; THERMAL INSULATION IN GENERAL
    • F16CSHAFTS; FLEXIBLE SHAFTS; ELEMENTS OR CRANKSHAFT MECHANISMS; ROTARY BODIES OTHER THAN GEARING ELEMENTS; BEARINGS
    • F16C7/00Connecting-rods or like links pivoted at both ends; Construction of connecting-rod heads
    • F16C7/02Constructions of connecting-rods with constant length
    • F16C7/023Constructions of connecting-rods with constant length for piston engines, pumps or the like
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F16ENGINEERING ELEMENTS AND UNITS; GENERAL MEASURES FOR PRODUCING AND MAINTAINING EFFECTIVE FUNCTIONING OF MACHINES OR INSTALLATIONS; THERMAL INSULATION IN GENERAL
    • F16CSHAFTS; FLEXIBLE SHAFTS; ELEMENTS OR CRANKSHAFT MECHANISMS; ROTARY BODIES OTHER THAN GEARING ELEMENTS; BEARINGS
    • F16C2360/00Engines or pumps
    • F16C2360/22Internal combustion engines

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • General Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Combustion & Propulsion (AREA)
  • Shafts, Cranks, Connecting Bars, And Related Bearings (AREA)
  • Cylinder Crankcases Of Internal Combustion Engines (AREA)

Description

<#' * M Kon/MSB MAN gev. 372<# '* M Kon / MSB MAN found. 372

Meerdelige drijfstang voor een grote dieselmotorMulti-part connecting rod for a large diesel engine

De uitvinding betreft een meerdelige drijfstang, die het verbindingselement vormt tussen een krukas van een grote dieselmotor en een op en neer gaande zuiger, met een eerste scheidingsplaats in het gebied van de kruktap, waarbij 5 een de onderste legerhelft vormend legerdeksel door middel van spanschroeven aan een bovenste, aan het onderste deel van de tweedelige stang van de drijfstang aangebrachte legerhelft is bevestigd, en met een tweede scheidingsplaats in het gebied van de stang van de drijfstang, waarbij het bovenste, 10 de kop van de drijfstang dragende deel daarvan met het onderste deel daarvan via een schroefverbinding is verbonden, en beide stangdelen van de drijfstang met vlakke, loodrecht op de langsas van de drijfstang staande aanligvlakken tegen elkaar aanliggen.The invention relates to a multi-part connecting rod, which forms the connecting element between a crankshaft of a large diesel engine and an up-and-down piston, with a first separation point in the area of the crank pin, wherein an army cover forming the lower bearing half by means of tension screws an upper bearing half arranged on the lower part of the two-piece rod of the connecting rod is attached, and with a second separation point in the region of the rod of the connecting rod, the upper part of the connecting rod carrying the head thereof having the lower part thereof is connected via a screw connection, and both rod parts of the connecting rod abut against each other with flat contact surfaces perpendicular to the longitudinal axis of the connecting rod.

15 Een dergelijke drijfstang is bekend uit het Duitse octrooischrift 111 965. Deze bekende drijfstang heeft een nogal lange bouwlengte. De tweede scheidingsplaats ligt daar ongeveer in het midden van de drijfstang. De verbinding van de beide stangdelen van de drijfstang geschiedt daar door 20 middel van meerdere rondom de stang van de drijfstang aangebrachte, door een verbindingsflens stekende bevestigings-schroeven.Such a connecting rod is known from German patent specification 111 965. This known connecting rod has a rather long construction length. The second separation point is located approximately in the middle of the connecting rod. The connection of the two rod parts of the connecting rod takes place there by means of several fastening screws arranged around the rod of the connecting rod and passing through a connecting flange.

Aan een drijfstangverbinding worden in hoofdzaak de volgende eisen gesteld: 25 1) De drijfstangverbinding moet het demonteren van de zuiger uit de cilinder naar boven mogelijk maken.The following requirements are mainly imposed on a connecting rod connection: 1) The connecting rod connection must enable the piston to be removed from the cylinder upwards.

2) De drijfstangverbinding dient voor een zo klein mogelijke motorhoogte uitgevoerd te zijn.2) The connecting rod connection must be made for the smallest possible engine height.

3) De drijfstangverbinding dient een zo klein mogelijke 30 bouwhoogte van de zuiger mogelijk te maken.3) The connecting rod connection should allow the piston to be as small as possible.

4) De drijfstangverbinding dient ontworpen te zijn voor zo klein mogelijke roterende en oscillerende massakrach-ten.4) The connecting rod connection should be designed for the smallest possible rotating and oscillating mass forces.

5) De schroefverbinding van de beide stangdelen van 35 de drijfstang dient buiten invloeden van ontstekingskrachten5) The screw connection of the two rod parts of the connecting rod serves outside the influence of ignition forces

- - - KI- - - AI

·- - - “* ^ V % - 2 - te liggen.· - - - “* ^ V% - 2 -.

6) Met de drijfstangverbinding moet een zo groot mogelijke explosiedruk van de zuiger op de drijfstang kunnen worden overgedragen, hetgeen noodgedwongen een grote diameter 5 van de kruktap aan de krukas vereist.6) The connecting rod connection must be able to transfer the greatest possible explosion pressure from the piston to the connecting rod, which necessitates a large diameter of the crank pin to the crankshaft.

7) De drijfstangverbinding moet zelf zo kort mogelijk te konstrueren zijn, om een zo groot mogelijke slag-boring-verhouding te verzekeren.7) The connecting rod connection itself must be as short as possible, to ensure the greatest possible stroke-bore ratio.

Met de bekende drijfstang zijn weliswaar de ver-10 eisten volgens de punten 1), 5) en 6) vervuld, doch de vereisten van de punten 2), 3), 4) en 7) zijn met de bekende drijfstang niet vervuld en wel om de volgende redenen. Door de lengte van de bekende drijfstang ontstaat een verhoudingsgewijs grote bouwhoogte van de motor. Als gevolg van de nogal 15 ver naar beneden in de richting van het leger van de kruktap gelegde scheidingsplaats van de stang van de drijfstang ontstaat ook een betrekkelijk grote bouwhoogte van de zuiger.Although the requirements of points 1), 5) and 6) are met with the known connecting rod, the requirements of points 2), 3), 4) and 7) are not fulfilled with the known connecting rod and that Because of the following reasons. The length of the known connecting rod results in a relatively large construction height of the engine. As a result of the separation location of the rod from the connecting rod placed quite far down in the direction of the bearing of the crank pin, a relatively large construction height of the piston is also created.

Als gevolg van de betrekkelijk ver naar het leger van de kruktap toe aangebrachte scheidingsplaats van de drijfstang 20 en de daar in dit gebied aanwezige grote hoeveelheden materiaal, ontstaan tijdens bedrijf bij de bekende drijfstang betrekkelijk grote roterende en oscillerende massakrachten.As a result of the separation of the connecting rod 20, which is arranged relatively far towards the bearing of the crank pin, and the large amounts of material present there in this region, relatively large rotating and oscillating mass forces are generated during operation at the known connecting rod.

Als gevolg van de lengte van de bekende drijfstang en de betrekkelijk ver naar het leger van de kruktap toe aange-25 brachte scheidingsplaats van de stang van de drijfstang is ook slechts een matige slag-boring-verhouding van de motor te realiseren.Due to the length of the known connecting rod and the separation location of the rod from the connecting rod which is arranged relatively far towards the bearing of the crank pin, only a moderate stroke-bore ratio of the engine can also be realized.

. Het is derhalve het doel van de uitvinding een meerdelige drijfstang van de in de aanhef genoemde soort 30 zodanig uit te voeren, dat de hiervoor onder punten 1) tot 7) genoemde vereisten aan een dergelijke drijfstangverbinding geheel te vervullen zijn.. It is therefore the object of the invention to design a multi-part connecting rod of the type mentioned in the preamble such that the requirements of such a connecting rod connection mentioned above under points 1) to 7) can be fully met.

Dit probleem wordt volgens de uitvinding opgelost door een meerdelige drijfstang met de in het kenmerk 35 van conclusie 1 aangegeven konstruktiemaatregelen. Voordelige uitvoeringsvormen van deze oplossing zijn in de onderconclu-sies aangegeven.According to the invention this problem is solved by a multi-part connecting rod with the construction measures indicated in the feature 35 of claim 1. Advantageous embodiments of this solution are indicated in the subclaims.

Hierna zijn bijzonderheden van de oplossing vol- •\ - Π * iFollowing are details of the solution vol- • \ - Π * i

• , ' CMCM

m · - 3 - gens de uitvinding en de voordelen daarvan aan de hand van een in de tekening weergegeven uitvoeringsvoorbeeld nader toegelicht. In de tekening tonen:The invention and the advantages thereof are explained in more detail with reference to an illustrative embodiment shown in the drawing. Show in the drawing:

Figuur 1 een volgens de uitvinding uitgevoerde 5 drijfstang van een grote dieselmotor in het gebied van de verbinding van de beide stangdelen van de drijfstang.Figure 1 shows a connecting rod of a large diesel engine designed according to the invention in the region of the connection of the two rod parts of the connecting rod.

Figuur 2 de drijfstang volgens figuur 1 in geheel zijaanzicht voordat de verbinding vein de beide stangdelen tot stand is gebracht.Figure 2 shows the connecting rod according to figure 1 in full side view before the connection has been made in the two rod parts.

10 Figuur 3 een zijaanzicht van de drijfstang vol- ‘ gens figuur 2 nadat de verbinding van de beide stangdelen tot stand is gebracht.Figure 3 shows a side view of the connecting rod according to figure 2 after the connection of the two rod parts has been established.

In de figuren is een meerdelige^ het verbindings-orgaan tussen een krukas van een grote dieselmotor en een op 15 en neer gaande zuiger vormende drijfstang weergegeven en is daar in zijn geheel met 1 aangeduid. Deze drijfstang 1 is in het gebied van een met 2 aangeduide eerste scheidingsplaats (zie fig. 3) in het gebied van het leger van de kruktap gedeeld. Daarbij is een de onderste legerhelft vormend leger-20 deksel 3 door middel van spanschroeven 4 aan een bovenste legerhelft 5 bevestigd, die aan het onderste deel 6 van de tweedelige stang van de drijfstang is aangebracht.The figures show a multi-part connecting element between a crankshaft of a large diesel engine and a connecting rod forming an up-and-down piston and is indicated therein in its entirety by 1. This connecting rod 1 is divided in the area of a first separating point indicated by 2 (see fig. 3) in the area of the bearing of the crank pin. In this case, a bearing cover 3 forming the lower bearing half is secured to an upper bearing half 5 by means of clamping screws 4, which is arranged on the lower part 6 of the two-part rod of the connecting rod.

De delen 3 en 5 van de aandrijfstang 1 omvatten via een in een dwarsboring 7 ingezette, uit twee helften 25 bestaande glijlegerhuls 8 een kruktap 9 van de verder niet weergegeven krukas van de grote dieselmotor. De tweede, met 10 aangeduide scheidingsplaats aan de drijfstang 1 ligt in het gebied van de stang daarvan, waarbij het bovenste deel 11 ervan, dat de een zuigerpen via een glijlegerbus 13 omvattende 30 drijfstangkop 14 draagt, met het onderste deel 6 van de stang van de drijfstang door middel van een schroefverbinding verbonden is. Beide stangdelen 6 en 11 hebben aan hun naar elkaar toegekeerde, aan de kopzijde aangebrachte vlakke, loodrecht op de langsas van de drijfstang staande aanligvlakken 15, 16 35 waarover de beide stangdelen 6 en 11 na aanhalen van de schroefverbinding tegen elkaar aanliggen.The parts 3 and 5 of the driving rod 1 comprise a crank pin 9 of the crankshaft of the large diesel engine (not shown), which is inserted in a transverse bore 7 and consists of two halves 25 consisting of a sliding bearing sleeve 8. The second separation location on the connecting rod 1, indicated by 10, lies in the region of the rod thereof, the upper part 11 of which carries the connecting rod head 14 comprising a piston pin 13 via a sliding bearing sleeve 13, with the lower part 6 of the rod of the connecting rod is connected by means of a screw connection. Both rod parts 6 and 11 have flat surfaces perpendicular to the longitudinal axis of the connecting rod which are arranged on the head side and which face each other, and the two rod parts 6 and 11 abut each other after tightening the screw connection.

De tweede scheidingsplaats 10 van de drijfstang 1 ligt - zoals uit de figuren zichtbaar is - dicht bij de « · * «.* Λ i % - - 4 - overgang van de stang 6, 11 van de drijfstang naar de drijf-stangkop 14. De schroefverbinding van de beide stangdelen is daarbij zoals hierna zal worden aangegeven, karakteristiek.The second separation location 10 of the connecting rod 1 is - as can be seen from the figures - close to the transition from the rod 6, 11 from the connecting rod to the connecting rod head 14. The screw connection of the two rod parts is characteristic here, as will be indicated below.

Boven de tweede scheidingsplaats 10 van de drijf-5 stang is op enige afstand daarvan aan het bovenste stang- deel 11 van de drijfstang een eerste kraag 18 met een buitenschroefdraad 19 aanwezig, van welke kraag 18 de diameter groter is dan die van de schacht 17.Above the second separating location 10 of the connecting rod, a first collar 18 with an external screw thread 19, the collar 18 of which is larger than that of the shaft 17, is located at some distance therefrom on the upper rod part 11 of the connecting rod. .

Onder de tweede scheidingsplaat 10 op enige 10 afstand daarvan is aan het onderste stangdeel 6 een tweede kraag 21 met een buitenschroefdraad 22 aanwezig, welke kraag 21 een grotere diameter heeft dan die van de schacht 20.Below the second separating plate 10 at some distance therefrom there is a second collar 21 with an external screw thread 22 on the lower rod part 6, which collar 21 has a larger diameter than that of the shaft 20.

De buitenschroefdraad 22 aan de kraag 21 heeft een andere helling dan die van de buitenschroefdraad 19 van de 15 kraag 18.The outer thread 22 on the collar 21 has a different slope than that of the outer thread 19 of the collar 18.

Beide stangdelen 6 en 11 van de drijfstang zijn door een verbindingsmoer 23 losmaakbaar met elkaar verbonden.Both rod parts 6 and 11 of the connecting rod are releasably connected to each other by a connecting nut 23.

De verbindingsmoer 23 heeft een bovenste binnenschroefdraad 24 en een daarvan door middel van een lijf 25 gescheiden onder-20 ste binnenschroefdraad 26. De verbindingsmoer 23 grijpt daarbij met haar bovenste binnenschroefdraad 24 aan op de buitenschroefdraad 19 van de bovenste kraag 18 en met haar onderste binnenschroefdraad 26 op de buitenschroefdraad 22 van de onderste kraag 21. Tengevolge van de verschillende, echter 25 in dezelfde zin hellende schroefdraadhellingen worden bij het aanhalen van de verbindingsmoer 23 de beide stangdelen 6 en 11 naar elkaar toe bewogen, tot zij met hun aan de kopzijde aanwezige aanlegvlakken 18 en 16 tegen elkaar aan komen te liggen.The connecting nut 23 has an upper inner thread 24 and a lower-inner thread 26 separated by a web 25, the connecting nut 23 engaging the outer thread 19 of the upper collar 18 with its upper inner thread 24 and its lower inner thread. 26 on the outer thread 22 of the lower collar 21. Due to the different, but inclined thread slopes in the same sense, when the connecting nut 23 is tightened, the two rod parts 6 and 11 are moved towards each other until they are present at the front side abutting surfaces 18 and 16 abut each other.

30 Teneinde een juiste onderlinge positionering van de beide stangdelen 6 en 11 tijdens het verbindingsproces en tijdens bedrijf te verzekeren, zijn in het gebied van de tweede scheidingsplaats 10 van de drijfstang middelen voor het centreren en voor het borgen tegen verdraaiing van de 35 beide stangdelen 6 en 11 aanwezig.In order to ensure a correct mutual positioning of the two rod parts 6 and 11 during the connecting process and during operation, in the region of the second separating place 10 of the connecting rod there are means for centering and for locking against twisting of the two rod parts 6 and 11 present.

Bij het weergegeven uitvoeringsvoorbeeld is als middel voor het centreren van de beide stangdelen 6 en 11 aan één daarvan, hier het stangdeel 6, een centrische, voor- 8?.*:143 - 5 - bij de aanlegvlakken 15 stekende centreertap 27 (zie figuur 2) aanwezig, welke centreertap in een aan het andere stang-deel, hier het stangdeel 11 van de drijfstang, aanwezige centrische eindigende boring 28 vormsluitend aangrijpt. Als 5 middel voor het borgen tegen verdraaiing van beide stang-delen 6, 11 zijn bij weergegeven uitvoeringsvoorbeeld in beide stangdelen 6, 11 excentrische, met elkaar in lijn liggende, evenwijdig aan de as van de drijfstang aangebrachte, eindigende boringen 29, 30 als ook een daarin vormsluitend 10 grijpende borgpen 31 aanwezig. Hierdoor is verzekerd, dat enerzijds de doorgaande boring 32 voor de zuigerpen 12 en 33 voor de kruktap 9 onderling evenwijdig aan elkaar zijn aangebracht en anderzijds de vlakke zijvlakken 34, 35 aan de aandrijfstangkop 14 evenwijdig aan de zijvlakken 36, 37 15 aan de aandrijfstang 1 in het gebied van de legers 3, 5 van de kruktap zijn aangebracht.In the exemplary embodiment shown, as a means for centering the two rod parts 6 and 11 on one of them, here the rod part 6, is a centric centering spigot 27 projecting at the contact surfaces 15 (see figure 6). 2), which centering pin engages positively in a centric ending bore 28 present on the other rod part, here the rod part 11 of the connecting rod. As a means of securing against rotation of both rod parts 6, 11, in the exemplary embodiment shown there are eccentric aligned bores 29, 30 in both rod parts 6, 11 aligned with one another and parallel to the axis of the connecting rod. a locking pin 31 engaging positively therein. This ensures that, on the one hand, the through bore 32 for the gudgeon pin 12 and 33 for the crank pin 9 are arranged mutually parallel to each other and, on the other hand, the flat side surfaces 34, 35 on the drive rod head 14 parallel to the side surfaces 36, 37 15 on the drive rod 1. in the region of the bearings 3, 5 of the crank pin.

De helling van de buitenschroefdraad 19 aan de bovenste kraag 18 en de helling van de bovenste binnenschroefdraad 24 van de verbindingsmoer 23 zijn ca. 50% groter dan de helling 20 van de buitenschroefdraad 22 aan de kraag 21 en van de onderste binnenschroefdraad 26 van de verbindingsmoer 23. In de praktijk kunnen fijne schroefdraden met een helling van 6 mm en 4 mm anderzijds toegepast worden.The inclination of the outer thread 19 on the upper collar 18 and the inclination of the upper inner thread 24 of the connecting nut 23 are approx. 50% greater than the inclination 20 of the outer thread 22 on the collar 21 and of the lower inner thread 26 of the connecting nut 23. In practice, fine threads with a slope of 6 mm and 4 mm can be used on the other hand.

Het tussen de beide binnenschroefdraden 24 en 26 van de 25 verbindingsmoer aangebrachte lijf 25 heeft een wanddikte, die geringer is dan die in het gebied van de schroefdraden. Het lijf 25 vormt aldus een uitzettingszóne voor het verzekeren van een ook tijdens motorbedrijf resterende hoge aandruk-kracht bij een bepaald aanhaalmoment, waarmee de beide stang-30 delen van de aandrijfstang 6, 11 via hun aan hun kopzijden aanwezige aanlegvlakken 15, 16 tegen elkaar aan te drukken zijn.The web 25 arranged between the two internal threads 24 and 26 of the connecting nut has a wall thickness which is less than that in the area of the threads. The web 25 thus forms an expansion zone for ensuring a high contact force remaining during engine operation at a certain tightening torque, with which the two rod-30 parts of the drive rod 6, 11 contact each other via their contact surfaces 15, 16 on their end sides. can be pressed.

Met voordeel is aan het onderste stangdeel 6 onder de daar aanwezige kraag 21 op enige afstand daarvan een vang-35 kraag 38 met een wat grotere diameter aanwezig, die bestemd is voor de verbindingsmoer 23. Daarbij is de afstand tussen de onderzijde 39 van de kraag 21 en de bovenzijde 40 van de vangkraag 38 iets groter dan de axiale lengte van de bovensteAdvantageously, on the lower rod part 6 below the collar 21 present there, a catching collar 38 with a somewhat larger diameter is provided at some distance therefrom, which is intended for the connecting nut 23. The distance between the underside 39 of the collar is thereby 21 and the top 40 of the catch collar 38 slightly larger than the axial length of the top

* * * J* * * J

\ ή'ί » ^ -> 6 — binnenschroefdraad 24 van de verbindingsmoer 23. Hierdoor is verzekerd dat na het losmaken van de verbindingsmoer 23 en het afschroeven daarvan zover, tot deze aan de vangkraag 38 komt aan te liggen - zoals in figuur 2 is getoond - geen schroef-5 draadverbinding meer tussen de bovenste binnenschroefdraad 24 van de verbindingsmoer 23 en de buitenschroefdraad 19 van de kraag 18 aan het bovenste stangdeel 11 bestaat, en aldus de zuiger tezamen met het bovenste stangdeel 6 door de bijbehorende cilinder heen naar boven toe daaruit kan worden genomen. 10 De vangkraag 38 is van aangrijporganen, bijvoorbeeld vlakken 41 (zie figuur 3) voorzien, die dienen voor het tegen verdraaiing geborgd aangrijpen van een aanhaalgereedschap voor de verbindingsmoer 23.\ ή'ί »^ -> 6 - internal thread 24 of the connecting nut 23. This ensures that after loosening the connecting nut 23 and unscrewing it until it rests on the catch collar 38 - as in figure 2. shown - no more screw-5 thread connection between the upper inner thread 24 of the connecting nut 23 and the outer thread 19 of the collar 18 on the upper rod part 11, and thus the piston together with the upper rod part 6 upwards through the associated cylinder can be taken from it. The catching collar 38 is provided with engaging members, for instance surfaces 41 (see figure 3), which serve for engaging a tightening tool for the connecting nut 23 against rotation.

Aan de omtrek van de drijfstangkop 14 evenals aan 15 de bovenzijde 40 van de vangkraag 38 kunnen loodrecht ten opzichte van de langsas van de drijfstang staande meetvlakken 42, 43 aanwezig zijn, die voor het daarop aangrijpen van een controleapparaat voor een meting van de afstand na het aanhalen respektievelijk losmaken van de verbindingsmoer 23 20 dienst doen.Measuring surfaces 42, 43 perpendicular to the longitudinal axis of the connecting rod can be provided on the circumference of the connecting rod head 14 as well as on the top side 40 of the catching collar 38, which are used for engaging a control device for measuring the distance after tightening or loosening the connecting nut 23 is used.

In de voorkeursuitvoeringsvorm hebben zowel de kraag 18 aan het bovenste stangdeel 11 als ook de kraag 21 aan het onderste stangdeel 6 eenzelfde buitendiameter. De voetringdiameter van de beide buitenschroefdraden 19 en 22 25 heeft een grootte, die ongeveer overeenkomt met het 0,4- voudige van de diameter van de bijbehorende op en neer gaande zuiger. De verbindingsmoer 23 heeft van buitenaf toegankelijke aangrijpmiddelen voor een vormsluitend daarop aan te grijpen aanhaal- respektievelijk losmaakgereedschap en 30 een slipvrije verdraaiing.In the preferred embodiment, both the collar 18 on the upper rod part 11 and the collar 21 on the lower rod part 6 have the same outer diameter. The base ring diameter of the two outer threads 19 and 22 has a size approximately corresponding to 0.4 times the diameter of the associated up and down piston. The connecting nut 23 has externally accessible engaging means for a form-fitting tightening or loosening tool to be engaged thereon and a slip-free rotation.

Voor het overige heeft de verbindingsmoer 23 bij voorkeur een lengte die ongeveer overeenkomt met het 0,4-voudige van de diameter van de bijbehorende op en neer gaande zuiger. De buitendiameter van de verbindingsmoer 23 heeft 35 bij voorkeur een grootte, die ongeveer overeenkomt met het 0,5- tot 0,6-voudige van de diameter van de bijbehorende op en neer gaande zuiger.Otherwise, the connecting nut 23 preferably has a length approximately corresponding to 0.4 times the diameter of the associated up and down piston. The outer diameter of the connecting nut 23 preferably has a size approximately corresponding to 0.5 to 0.6 times the diameter of the associated up and down piston.

Bij volledig tegen elkaar aanliggende stangdelen - 7 - 6 en 11 als ook volledig aangehaalde verbindingsmoer 23 is tussen de onderrand 44 daarvan en de middenas van de zuiger-pen 12 een afstand aanwezig, die bij voorkeur ongeveer overeenkomt met het 0,8- tot 0,9-voudige van de diameter van de 5 bijbehorende op en neer gaande zuiger.With rods - 7 - 6 and 11 fully abutting against each other, as well as fully tightened connecting nut 23, a distance is present between the bottom edge 44 thereof and the center axis of the piston pin 12, which preferably corresponds approximately to 0.8- to 0 , 9-fold the diameter of the 5 associated up and down piston.

Met de drijfstang volgens de uitvinding zijn alle doelstellingen volgens de eisen vervulbaar. Er is bij de kleinst mogelijke bouwhoogte van de zuiger na het losmaken van de verbindingsmoer 23 een demontage en uitnemen 10 van de zuiger uit de cilinder naar boven toe gemakkelijk mogelijk. De drijfstangverbinding volgens de uitvinding maakt het mogelijk relatief kort te bouwen, en met een nogal kleine diameter, zodat een grote aanslaghoek oé-wordt bereikt en aldus bij kleine drijfstanglengte ook een relatief kleine 15 bouwhoogte van de motor mogelijk is. Doordat de tweede scheidingsplaats van de drijfstang en de schroefverbinding van de beide stangdelen nogal dicht bij de drijfstangkop ligt, treden tijdens motorbedrijf tengevolge van de nogal korte hefboom ook betrekkelijk kleine roterende en oscille-20 rende massakrachten op. De schroefverbinding voor de beide stangdelen ligt bovendien buiten invloeden van explosie-kracht. De drijfstang volgens de uitvinding is zeer robuust gebouwd en staat toe dat explosiedrukken worden overgedragen in de orde-grootte van meer dan 150 bar. Dankzij de nogal 25 korte lengte van de drijfstang volgens de uitvinding maakt dit ook de realisering mogelijk van een zo groot mogelijke slag-boringverhauding en wel in combinatie met de bereikte betrekkelijk grote aanslaghoek ö£,en aldus een motor met een lange slag, hetgeen wederom gunstig op het rendement van de 30 motor inwerkt.With the connecting rod according to the invention, all objectives can be fulfilled according to the requirements. With the smallest possible construction height of the piston, disassembly and removal of the piston from the cylinder upwards is easily possible after loosening the connecting nut 23. The connecting rod connection according to the invention makes it possible to build relatively short, and with a rather small diameter, so that a large stop angle is also achieved and thus a relatively small construction height of the engine is also possible with a small connecting rod length. Because the second separating place of the connecting rod and the screw connection of the two rod parts is rather close to the connecting rod head, relatively small rotating and oscillating mass forces also occur during engine operation due to the rather short lever. The screw connection for the two rod parts is also outside the influence of explosive force. The connecting rod according to the invention has a very robust construction and allows explosion pressures of the order of more than 150 bar to be transferred. Thanks to the rather short length of the connecting rod according to the invention, this also enables the realization of the greatest possible stroke-bore ratio, in combination with the relatively large angle of attack achieved, and thus a long-stroke engine, which again has a favorable effect on the efficiency of the motor.

Claims (13)

1. Meerdelige drijfstang, die het verbindingselement vormt tussen een krukas van een grote dieselmotor en een op en neer gaande zuiger, met een eerste scheidingsplaats in het gebied van de kruktap, waarbij een de onderste leger-5 helft vormend legerdeksel door middel van spanschroeven aan een bovenste, aan het onderste deel van de tweedelige stang van de drijfstang aangebrachte legerhelft is bevestigd, en met een tweede scheidingsplaats in het gebied van de stang van de drijfstang, waarbij het bovenste, de kop van de drijf-10 stang dragende deel daarvan met het onderste deel daarvan via een schroefverbinding is verbonden, en beide stangdelen van de drijfstang met vlakke, loodrecht op de langsas van de drijfstang staande aanligvlakken tegen elkaar aanliggen, met het kenmerk, 15 dat de tweede scheidingsplaats (10) van de drijfstang (1) dicht bij de overgang van de stang (6, 11) van de drijfstang (1) naar de kop (14) van de drijfstang ligt, dat boven de tweede scheidingsplaats (10) op enige afstand daarvan aan het bovenste stangdeel (11) van de drijfstang een 20 eerste kraag (18) met een diameter die groter is dan de diameter van de schacht (17) aanwezig is, welke kraag (18) van een buitenschroefdraad (19) is voorzien, dat onder de tweede scheidingsplaats (10) op een afstand daarvan aan het onderste stangdeel (6) van de drijfstang een 25 tweede kraag (21) aanwezig is, die een grotere diameter heeft dan die van de schacht (20) en die van een buitenschroefdraad (22) is voorzien, dat de buitenschroefdraad (22) aan de onderste kraag (21) een andere helling heeft dan de buitenschroefdraad (19) aan 30 de bovenste kraag (18), dat beide stangdelen (6, 11) van de drijfstang door een ver-bindingsmoer (23) losmaakbaar onderling zijn verbonden, welke verbindingsmoer met een bovenste binnenschroefdraad (24) aan de buitenschroefdraad (19) van de bovenste kraag (18) en 35 met een onderste, door een lijf (25) van de bovenste binnenschroefdraad (24) gescheiden binnenschroefdraad (25) aan de buitenschroefdraad (22) van de onderste kraag (21) aangrijpt, - 9 - alsmede tengevolge van de verschillende, echter in dezelfde zin gerichte schroefdraadhellingen bij het aantrekken beide stangdelen (6, 11) van de drijfstang naar elkaar toe beweegt, zolang tot beide met hun aan de kopzijden aanwezige aanlig-5 vlakken (15, 16) tegen elkaar aan komen te liggen, en dat middelen (27, 28, 29, 30, 31) voor het centreren en voor het tegen verdraaiing borgen van beide stangdelen (6, 11) van de drijfstang in het gebied van de tweede scheidingsplaats (10) aanwezig zijn.1. Multi-part connecting rod, which is the connecting element between a crankshaft of a large diesel engine and an up and down piston, with a first separation point in the area of the crank pin, with an army cover forming the lower army half by means of turnbuckles. an upper bearing half arranged on the lower part of the two-piece rod of the connecting rod is attached, and with a second separation point in the region of the rod of the connecting rod, the upper part of which the head of the connecting rod is supported with the lower part thereof is connected by a screw connection, and both rod parts of the connecting rod abut against each other with flat contact surfaces perpendicular to the longitudinal axis of the connecting rod, characterized in that the second separating point (10) of the connecting rod (1) is close to the transition from the rod (6, 11) of the connecting rod (1) to the head (14) of the connecting rod, which is above the second separation point (10) and At some distance therefrom there is provided on the upper rod part (11) of the connecting rod a first collar (18) with a diameter larger than the diameter of the shaft (17), which collar (18) is of an external thread (19) provided that a second collar (21) having a larger diameter than that of the shaft (20) and that of the shaft (20) is provided below the second separation point (10) at a distance therefrom on the lower rod part (6) of the connecting rod an outer thread (22) is provided, that the outer thread (22) on the lower collar (21) has a different slope than the outer thread (19) on the upper collar (18), that both rod parts (6, 11) of the connecting rod are releasably connected by a connecting nut (23), the connecting nut having an upper internal thread (24) on the outer thread (19) of the upper collar (18) and 35 with a lower one, through a web (25) of the upper internal thread (24) separated internal thread (2 5) engages the outer thread (22) of the lower collar (21), and - as a result of the different, but similarly oriented thread slopes, when the two rod parts (6, 11) of the connecting rod move towards each other, until both come together with their abutting surfaces (15, 16) present on the front sides, and that means (27, 28, 29, 30, 31) for centering and for securing both rod parts (6, 11) of the connecting rod are present in the region of the second separation point (10). 2. Meerdelige drijfstang volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat de helling van de buitenschroefdraad (19) aan de bovenste kraag (18) ongeveer 50% groter is dan de helling van de buitenschroefdraad (22) aan de onderste kraag (21).Multi-part connecting rod according to claim 1, characterized in that the slope of the outer thread (19) on the top collar (18) is approximately 50% greater than the slope of the outer thread (22) on the lower collar (21). 3. Meerdelige drijfstang volgens één van de voor gaande conclusies, met het kenmerk, dat zowel de kraag (18) aan het bovenste stangdeel (11) van de drijfstang als ook de kraag (21) aan het onderste deel (6) van de drijfstang eenzelfde buitendiameter hebben.Multi-part connecting rod according to one of the preceding claims, characterized in that both the collar (18) on the upper rod part (11) of the connecting rod and also the collar (21) on the lower part (6) of the connecting rod have the same outer diameter. 4. Meerdelige drijfstang volgens ëën van de voor gaande conclusies, met het kenmerk, dat de voetcirkeldiameter van de beide buitenschroefdraden (19, 22) een maat heeft, die overeenkomt met ongeveer het 0,4-voudige van de diameter van de bijbehorende zuiger.Multi-part connecting rod according to one of the preceding claims, characterized in that the base circle diameter of the two outer threads (19, 22) has a size corresponding to approximately 0.4 times the diameter of the associated piston. 5. Meervoudige drijfstang volgens ëën van de voor gaande conclusies, met het kenmerk, dat de verbindingsmoer (23) een lengte heeft, die ongeveer overeenkomt met het 0,4-voudige van de diameter van de bijbehorende zuiger.Multiple connecting rod according to one of the preceding claims, characterized in that the connecting nut (23) has a length approximately corresponding to 0.4 times the diameter of the associated piston. 6. Meerdelige drijfstang volgens ëën van de voor- 30 gaande conclusies, met het kenmerk, dat de buitendiameter van de verbindingsmoer (23) een grootte heeft, die overeenkomt met ongeveer het 0,5- tot 0,6-voudige van de diameter van de bijbehorende zuiger.Multi-piece connecting rod according to any one of the preceding claims, characterized in that the outer diameter of the connecting nut (23) has a size corresponding to approximately 0.5 to 0.6 times the diameter of the corresponding piston. 7. Meerdelige drijfstang volgens ëën van de voor- 35 gaande conclusies, met het kenmerk, dat bij geheel tegen elkaar aanliggende stangdelen (6, 11) van de drijfstang en volkomen aangetrokken verbindingsmoer (23) tussen de onderrand (44) daarvan en de middenas van de door de drijfstang- ;V < -..4 i -10- 9» kop (14) gaande zuigerpen (12) een afstand aanwezig is, die ongeveer overeenkomt met het 0,8- tot 0,9-voudige van de diameter van de bijbehorende zuiger.Multi-part connecting rod according to any one of the preceding claims, characterized in that with rod parts (6, 11) of the connecting rod which are completely abutting against each other and a fully tightened connecting nut (23) between its lower edge (44) and the central shaft the distance between the piston pin (12) passing through the connecting rod; V <- .. 4 i -10- 9 »head (14) is approximately the same as 0.8 to 0.9 times the diameter of the associated piston. 8. Meerdelige drijfstang volgens één van de voor-5 gaande conclusies, met het kenmerk, dat het tussen de beide binnenschroefdraden (24, 26) van de verbindingsmoer (23) aangebrachte lijf (25) een geringere wanddikte heeft dan in het gebied van de schroefdraden en een uitzettingszone vormt, voor het verzekeren van een ook tijdens motorbedrijf aanwezige 10 hoge aandrukkracht bij een gegeven aantrekmoment, waarmee de beide stangdelen (6, 11) over hun aan de kopzijden aangebrachte aanligvlakken (15, 16) tegen elkaar zijn aangedrukt.Multi-part connecting rod according to one of the preceding claims, characterized in that the body (25) arranged between the two internal threads (24, 26) of the connecting nut (23) has a smaller wall thickness than in the region of the threads and an expansion zone, in order to ensure a high contact force also present during motor operation at a given tightening torque, with which the two rod parts (6, 11) are pressed against each other on their abutting surfaces (15, 16). 9. Meerdelige drijfstang volgens één van de voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat als middel voor 15 het centreren van de beide stangdelen (6, 11) van de drijfstang aan één daarvan een centrische, voorbij de aanligvlakken (15 resp. 16) reikende centreertap (27) en aan het andere stangdeel een centrische eindigende boring (28), waarin de centreertap (27) met overeenkomstige vormgeving aansluitend 20 aangrijpt, zijn voorzien, en dat als middel ter borging tegen verdraaiing beide stangdelen (6, 11) van de drijfstang in beide excentrische, in lijn met elkaar liggende, evenwijdig aan de as aangebrachte, eindigende boringen (29, 30) alsmede een daarin grijpende tegen draaiing borgende pen (31) 25 met dezelfde vorm als de boringen zijn aangebracht.Multi-piece connecting rod according to one of the preceding claims, characterized in that as a means for centering the two rod parts (6, 11) of the connecting rod on one of them, a centric extending beyond the abutment surfaces (15 and 16, respectively). centering pin (27) and on the other rod part a centric ending bore (28), in which the centering tap (27) with corresponding design engages, are provided, and that, as a means of securing against rotation, both rod parts (6, 11) of the connecting rod in both eccentric, aligned, parallel bores, terminated bores (29, 30) and a rotationally engaging pin (31) 25 having the same shape as the bores are provided. 10. Meerdelige drijfstang volgens één van de voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat aan het onderste stangdeel (6) van de drijfstang onder de daar aanwezige onderste kraag (21) en op enige afstand daarvan een vangkraag voor 30 de verbindingsmoer (23) aanwezig is, die een iets grotere diameter heeft dan de onderste kraag (21), waarbij de afstand tussen de onderzijde (39) van de kraag (21) en de bovenzijde (40) van de vangkraag (38) iets groter is dan de axiale lengte van de bovenste binnenschroefdraad (24) van de verbindings-35 moer (23), zodat na het losmaken van deze laatste en het afschroeven daarvan tot aan de vangkraag (38) geen schroefverbinding meer tussen de bovenste binnenschroefdraad (24) van de verbindingsmoer (23) en buitenschroefdraad (19) van ^ « <* /, ; v if - 11 - de bovenste kraag (18) bestaat, en dan de aangesloten zuiger tezamen met het bovenste stangdeel (11) van de drijfstang door de bijbehorende cilinder naar boven eruit te nemen is.Multi-part connecting rod according to one of the preceding claims, characterized in that a connecting collar for the connecting nut (23) is present on the lower rod part (6) of the connecting rod under the lower collar (21) present there and at some distance therefrom. which is slightly larger in diameter than the lower collar (21), the distance between the bottom (39) of the collar (21) and the top (40) of the catch collar (38) being slightly greater than the axial length of the upper internal thread (24) of the connecting nut (23), so that after loosening the latter and unscrewing it up to the catch collar (38), there is no longer a screw connection between the upper internal thread (24) of the connecting nut (23 ) and male thread (19) of ^ «<* /,; v if - 11 - the upper collar (18) exists, and then the connected piston together with the upper rod part (11) of the connecting rod can be removed upwards by the corresponding cylinder. 11. Meerdelige drijfstang volgens conclusie 10, 5 met het kenmerk, dat de vangkraag (38) voorzien is van aan-grijpmiddelen, bij voorkeur vlakken (4l), voor het aangrijpen net behulp van een aantrek- respektievelijk demontage-gereed-schap voor de verbindingsmoer (23).Multi-piece connecting rod according to claim 10, 5, characterized in that the catching collar (38) is provided with gripping means, preferably surfaces (4l), for gripping by means of a tightening or disassembly tool for the connecting nut (23). 12. Meerdelige drijfstang volgens één van de voor-10 gaande conclusies, met het kenmerk, dat de verbindingsmoer (23) van buitenaf toegankelijke aangrijpmiddelen voor een daarop naar de vorm aangepast aangrijpen van een draaielement van een aanhaal- respektievelijk demontagegereedschap en een slipvrije overdraging van de draaibeweging bij het losmaken 15 en aanhalen heeft.Multi-part connecting rod according to one of the preceding claims, characterized in that the connecting nut (23) has externally accessible engaging means for engaging a rotating element of a tightening or disassembly tool and a slip-free transmission of the rotary movement when loosening 15 and tightening. 13. Meerdelige drijfstang volgens één of meer van de voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat aan de omtrek van de drijfstangkop (14) en aan de bovenzijde (40) van de vangkraag (38) loodrecht op de langsas van de drijfstang 20 staande meetvlakken (42, 43) voor het opzetten van een controleapparaat voor het meten van de afstand na het aanhalen respektievelijk losmaken van de verbindingsmoer (23) aanwezig zijn.Multi-part connecting rod according to one or more of the preceding claims, characterized in that measuring surfaces are perpendicular to the longitudinal axis of the connecting rod 20 on the circumference of the connecting rod head (14) and on the top (40) of the catching collar (38). (42, 43) for setting up a recording device for measuring the distance after tightening or loosening the connecting nut (23), respectively.
NL8601143A 1985-05-08 1986-05-02 Multi-part connecting rod for a large diesel engine. NL192347C (en)

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
DE3516506 1985-05-08
DE19853516506 DE3516506A1 (en) 1985-05-08 1985-05-08 Multipart connecting rod for a large diesel engine

Publications (3)

Publication Number Publication Date
NL8601143A true NL8601143A (en) 1986-12-01
NL192347B NL192347B (en) 1997-02-03
NL192347C NL192347C (en) 1997-06-04

Family

ID=6270122

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL8601143A NL192347C (en) 1985-05-08 1986-05-02 Multi-part connecting rod for a large diesel engine.

Country Status (5)

Country Link
DE (1) DE3516506A1 (en)
FI (1) FI80135C (en)
FR (1) FR2581721B1 (en)
NL (1) NL192347C (en)
NO (1) NO162356C (en)

Families Citing this family (6)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE102009018827A1 (en) 2009-04-24 2010-10-28 Neumayer Tekfor Holding Gmbh Connecting rod and production of a connecting rod
US10280970B2 (en) 2017-09-25 2019-05-07 Abdulkarim A. A. M. A. Al-Motawwah Piston and connecting rod assembly
DE102018123500A1 (en) * 2018-09-25 2020-03-26 Man Energy Solutions Se Device and method for adjusting the length of a connecting rod of a cylinder of an internal combustion engine
AT521517B1 (en) * 2019-01-30 2020-02-15 Avl List Gmbh Length-adjustable connecting rod with pin connection
US11629751B2 (en) * 2019-06-12 2023-04-18 Achates Power, Inc. Connecting rod assembly
EP4166766A1 (en) * 2021-10-15 2023-04-19 Winterthur Gas & Diesel AG Longitudinally flushed large-scale diesel engine

Family Cites Families (8)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US1417307A (en) * 1922-05-23 Coottscting hod
DE641846C (en) * 1935-06-14 1937-02-15 Atlas Diesel Ab Screw connection between piston rod and cross head, especially for double-acting internal combustion engines
DE1769653U (en) * 1958-02-19 1958-07-03 Masch Und Bohrgeraete Fabrik ARRANGEMENT FOR SECURING CROSS-HEAD RODS IN CROSS-HEADS.
GB1325692A (en) * 1970-08-22 1973-08-08 Singer Co Uk Ltd Connecting rods
JPS515607Y2 (en) * 1971-09-30 1976-02-17
US3786695A (en) * 1972-04-28 1974-01-22 Boeing Co Redundant pitch link
GB1411527A (en) * 1973-02-15 1975-10-29 Agfa Gevaert Liquid electrophotographic developers
DE3017773C2 (en) * 1980-05-09 1986-06-19 Woma-Apparatebau Wolfgang Maasberg & Co Gmbh, 4100 Duisburg Device for axially parallel connection of a plunger with high surface hardness made of ceramic, in particular oxide ceramic, or a brittle metal alloy with a connecting rod

Also Published As

Publication number Publication date
DE3516506C2 (en) 1989-09-14
FI861904A (en) 1986-11-09
NL192347B (en) 1997-02-03
FI80135C (en) 1990-04-10
NO861827L (en) 1986-11-10
DE3516506A1 (en) 1986-11-13
FI861904A0 (en) 1986-05-07
NO162356B (en) 1989-09-04
FI80135B (en) 1989-12-29
NL192347C (en) 1997-06-04
FR2581721B1 (en) 1988-07-22
NO162356C (en) 1989-12-13
FR2581721A1 (en) 1986-11-14

Similar Documents

Publication Publication Date Title
NL8601143A (en) MULTI-PIECE CONNECTING ROD FOR A LARGE DIESEL ENGINE.
US5664536A (en) Self-locating piston ring for a two-stroke engine
NL192933C (en) 4-stroke combustion engine, as well as oil scraper spring.
US8015956B2 (en) Piston assembly for barrel engine
GB0426228D0 (en) Improvements to reciprocating machines
US3889553A (en) Connecting rod assembly
KR101759044B1 (en) Coupling element for a multi-joint crank drive and multi-joint crank drive
JPS62258215A (en) Crankshaft made of iron metal material for piston reciprocating machine
US5701802A (en) Multipart piston for an internal combustion engine
US20090102108A1 (en) Cam-action sleeve puller
WO2002095196A1 (en) Central lubricating unit
RU96111649A (en) Crankshaft Piston Group
JPH08505211A (en) Crankshaft for 2-stroke engine and its use
SU1695006A1 (en) Detachable parts joint
CA1183702A (en) Locking retainer
WO2024107559A1 (en) Connecting rod for a vee type engine
SU590504A1 (en) Device for connecting components
NL8600776A (en) OIL COOLED BOLT COMPOSITION BATTERY SQUEEGEE.
GB2163520A (en) Piston seal and gudgeon pin mounting
SU213523A1 (en) FRAMING FOR ORIENTATION AND TRANSFER OF ROTATION TO PISTONS
US2215005A (en) Piston and piston ring
RU2043877C1 (en) Composite cutting tool
SU1696742A1 (en) Piston machine
SU1570907A1 (en) Lock for joining adjacent sides of mould
SU1556890A1 (en) Arrangement for pressing out bushes

Legal Events

Date Code Title Description
BA A request for search or an international-type search has been filed
BB A search report has been drawn up
BC A request for examination has been filed
V1 Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20001201