[go: up one dir, main page]

NL9100239A - Inrichting voor het beschermen van schuilplaatsen tegen de directe inslag van conventionele projectielen. - Google Patents

Inrichting voor het beschermen van schuilplaatsen tegen de directe inslag van conventionele projectielen. Download PDF

Info

Publication number
NL9100239A
NL9100239A NL9100239A NL9100239A NL9100239A NL 9100239 A NL9100239 A NL 9100239A NL 9100239 A NL9100239 A NL 9100239A NL 9100239 A NL9100239 A NL 9100239A NL 9100239 A NL9100239 A NL 9100239A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
bars
protective device
layer
projectile
shelter
Prior art date
Application number
NL9100239A
Other languages
English (en)
Original Assignee
Francois Conversy
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Priority to FR8808741A priority Critical patent/FR2747719A1/fr
Application filed by Francois Conversy filed Critical Francois Conversy
Priority to NL9100239A priority patent/NL9100239A/nl
Priority to DE4106566A priority patent/DE4106566A1/de
Publication of NL9100239A publication Critical patent/NL9100239A/nl

Links

Classifications

    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F41WEAPONS
    • F41HARMOUR; ARMOURED TURRETS; ARMOURED OR ARMED VEHICLES; MEANS OF ATTACK OR DEFENCE, e.g. CAMOUFLAGE, IN GENERAL
    • F41H5/00Armour; Armour plates
    • F41H5/02Plate construction
    • F41H5/023Armour plate, or auxiliary armour plate mounted at a distance of the main armour plate, having cavities at its outer impact surface, or holes, for deflecting the projectile
    • F41H5/026Slat armour; Nets
    • EFIXED CONSTRUCTIONS
    • E04BUILDING
    • E04HBUILDINGS OR LIKE STRUCTURES FOR PARTICULAR PURPOSES; SWIMMING OR SPLASH BATHS OR POOLS; MASTS; FENCING; TENTS OR CANOPIES, IN GENERAL
    • E04H9/00Buildings, groups of buildings or shelters adapted to withstand or provide protection against abnormal external influences, e.g. war-like action, earthquake or extreme climate
    • E04H9/04Buildings, groups of buildings or shelters adapted to withstand or provide protection against abnormal external influences, e.g. war-like action, earthquake or extreme climate against air-raid or other war-like actions
    • E04H9/06Structures arranged in or forming part of buildings
    • EFIXED CONSTRUCTIONS
    • E06DOORS, WINDOWS, SHUTTERS, OR ROLLER BLINDS IN GENERAL; LADDERS
    • E06BFIXED OR MOVABLE CLOSURES FOR OPENINGS IN BUILDINGS, VEHICLES, FENCES OR LIKE ENCLOSURES IN GENERAL, e.g. DOORS, WINDOWS, BLINDS, GATES
    • E06B5/00Doors, windows, or like closures for special purposes; Border constructions therefor
    • E06B5/10Doors, windows, or like closures for special purposes; Border constructions therefor for protection against air-raid or other war-like action; for other protective purposes
    • E06B5/12Doors, windows, or like closures for special purposes; Border constructions therefor for protection against air-raid or other war-like action; for other protective purposes against air pressure, explosion, or gas
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F41WEAPONS
    • F41HARMOUR; ARMOURED TURRETS; ARMOURED OR ARMED VEHICLES; MEANS OF ATTACK OR DEFENCE, e.g. CAMOUFLAGE, IN GENERAL
    • F41H5/00Armour; Armour plates
    • F41H5/02Plate construction
    • F41H5/023Armour plate, or auxiliary armour plate mounted at a distance of the main armour plate, having cavities at its outer impact surface, or holes, for deflecting the projectile
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F41WEAPONS
    • F41HARMOUR; ARMOURED TURRETS; ARMOURED OR ARMED VEHICLES; MEANS OF ATTACK OR DEFENCE, e.g. CAMOUFLAGE, IN GENERAL
    • F41H5/00Armour; Armour plates
    • F41H5/02Plate construction
    • F41H5/04Plate construction composed of more than one layer

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Architecture (AREA)
  • General Engineering & Computer Science (AREA)
  • Civil Engineering (AREA)
  • Structural Engineering (AREA)
  • Business, Economics & Management (AREA)
  • Emergency Management (AREA)
  • Environmental & Geological Engineering (AREA)
  • Devices Affording Protection Of Roads Or Walls For Sound Insulation (AREA)
  • Buildings Adapted To Withstand Abnormal External Influences (AREA)

Description

Inrichting voor het beschermen van schuilplaatsen tegen de directe inslag van conventionele projectielen.
Beschrijving
De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een inrichting die bestemd is voor het beschermen van het bijvoorbeeld betonnen buitenoppervlak van een schuilplaats tegen de rechtstreekse inslag van conventionele projectielen.
Tot conventionele projectielen behoren bommen, raketten en al het materieel waarvan de lading traditioneel is en die door hun kinetische energie binnendringen in het beton en vervolgens exploderen.
De tot op heden gebruikte methode om schuilplaatsen weerbaar te maken tegen het effekt van conventionele projectielen bestaat in hoofdzaak uit het vergroten van de dikte van het beton van de constructie of ook door het aanbrengen van een exploderende afdekplaat die bestemd is om de explosie van het projectiel te veroorzaken voordat deze de schuilplaats zelf heeft bereikt.
De vergroting van de effektiviteit van de projectielen, van hun snelheid, hun precisie, hun binnendringingskracht en hun explosiekracht heeft geleid tot een aanzienlijke toename van de aangebrachte hoeveelheden beton.
In dergelijke gevallen heeft het de voorkeur om in plaats van te proberen weerstand te bieden aan een projectiel dat het doel onder zeer optimale omstandigheden bereikt, de doelmatigheid van dat projectiel te verminderen door het evenwicht daarvan te verstoren en/of door deze te vervormen voordat het doel daarvan is bereikt.
Volgens de onderhavige uitvinding kan deze vermindering van de doelmatigheid van het projectiel op voordelige en goedkope wijze worden bereikt door gebruik te maken van een beschermingsinrichting die wordt gevormd door een samenstel van massieve staven die hoofdzakelijk evenwijdig aan het buitenoppervlak van de schuilplaats en aangrenzend daaraan zijn aangebracht.
Onder massieve staven worden staven verstaan met een massa en een buigzaamheid die voldoende zijn om een aanzienlijk effekt te hebben op het projectiel tijdens de inslag daarvan met één van deze staven.
Deze staven zijn bij voorkeur cilindrisch, met een cirkelvormige dwarsdoorsnede en bevinden zich voldoende dicht bijeen opdat het projectiel ten minste één van deze staven treft vóór het bereiken van het oppervlak van de schuilplaats.
Dankzij hun massa, hun plaatsing en hun vorm hebben deze staven tot gevolg dat het traject van het projectiel wordt afgebogen, of het projectiel wordt vervormd waardoor de effekten op de schuilplaats aanzienlijk worden verminderd.
Bij voorkeur zijn de staven zodanig onderling met elkaar bevestigd, dat zij in het bijzonder onder het effekt van de inslag van een projectiel moeilijk kunnen worden verplaatst.
Andere bijzonderheden en voordelen van de onderhavige uitvinding zullen blijken uit de hierna volgende beschrijving.
In de tekeningen, bijgevoegd als niet beperkende voorbeelden, is Fig. 1 een deelaanzicht in perspectief en in doorsnede, van een uitvoeringsvorm van de beschermingsinrichting volgens de uitvinding, bevestigd aan een verticale wand, omvattende een enkele laag van evenwijdig aan elkaar lopende cilindrische staven; is Fig. 2 een deelaanzicht, in perspectief en in doorsnede van een uitvoeringsvorm van de beschermingsinrichting volgens de uitvinding, bevestigd aan een verticale wand, omvattende twee lagen evenwijdig aan elkaar lopende cilindrische staven; is Fig. 3 een deelaanzicht, in perspectief en in doorsnede, van een uitvoeringsvorm van de beschermingsinrichting volgens de uitvinding, bevestigd aan een verticale wand omvattende drie lagen van evenwijdig aan elkaar lopende cilindrische staven; toont Fig. 4 een plaats van inslag van een projectiel met een staaf van de beschermingsinrichting; toont Fig. 5 de plaats van inslag van een projectiel met twee staven van de beschermingsinrichting; tonen Fig. 6 en 7 een andere plaats van inslag van een projectiel met een staaf van de beschermingsinrichting, waarbij Fig. 7 een aanzicht is vanaf de linkerzijde van Fig. 6, is Fig. 8 een deelaanzicht, in perspectief en in doorsnede, van een uitvoeringsvorm van de beschermingsinrichting volgens de uitvinding, bevestigd aan een verticale wand, omvattende drie lagen van evenwijdig aan elkaar lopende staven met vierkante dwarsdoorsnede; is Fig. 9 een deelaanzicht, in perspectief en in doorsnede, van een uitvoeringsvorm van de beschermingsinrichting volgens de uitvinding, bevestigd aan een gewelf, omvattende twee lagen evenwijdig aan elkaar lopende cilindrische staven; toont Fig. 10 in perspectief de samenstelling van de beschermingsinrichting volgens de uitvinding voor een schuilplaats in de vorm van een gewelf; is Fig. 11 identiek aan Fig. 10 met dien verstande, dat de deur van de schuilplaats zich in de geopende stand bevindt; toont Fig. 12 in perspectief een deeldoorsnede van de samenstelling van de beschermingsinrichting voor een schuilplaats in de vorm van een gewelf, zoals bepaald door Fig. 10; is Fig. 13 een deelaanzicht, in perspectief en in doorsnede, van een uitvoeringsvorm van de beschermingsinrichting volgens de uitvinding, bevestigd aan de basis van een gewelf, omvattende twee lagen evenwijdig aan elkaar lopende cilindrische staven.
De beschermingsinrichting volgens de uitvinding zoals weergegeven in Fig. 1 is bestemd om de rechtstreekse inslag van projectielen op de verticale betonnen wand 3 van een schuilplaats te voorkomen. Deze wordt gevormd door een laag cilindrische staven 1 met een cirkelvormige dwarsdoorsnede, die grenst aan de wand 3 en wordt ondersteund door betonnen palen 2. In het gekozen voorbeeld zijn de betonnen palen 2 bevestigd aan de betonnen verticale wand 3· Omdat de cilindrische staven 1 in een enkele laag zijn aangebracht, dienen zij zich voldoende dicht bij elkaar te bevinden opdat de ruimte tussen twee naburige staven geringer is dan de diameter van de projectielen.
De beschermingsinrichting volgens de uitvinding zoals weergegeven in Fig. 2 wordt gevormd door twee lagen cilindrische staven la, lb die onafhankelijk van de verticale betonnen wand 3 worden ondersteund door palen 4, waarvan er een wordt getoond. De staven lb van de tweede laag zijn verspringend aangebracht ten opzichte van de staven van de eerste laag. Meer in het bijzonder is in het gekozen voorbeeld de afstand tussen opeenvolgende staven la of lb van eenzelfde laag hoofdzakelijk gelijk aan de afstand tussen twee aangrenzende staven la en lb die behoren tot respectievelijk de eerste en de tweede laag. Voor eenzelfde doelmatigheid kan de afstand tussen staven la, lb van Fig. 2 groter zijn dan de afstand tussen staven 1 van Fig. 1. De palen 4 kunnen van beton zijn, zij kunnen echter ook metalen kokerbalken zijn.
De beschermingsinrichting volgens de uitvinding zoals weergegeven in Fig. 3 wordt gevormd door drie lagen cilindrische staven la, lb, lc die onafhankelijk van de verticale betonnen wand 3 worden ondersteund door metalen poten 5 met een H-vorm, waarvan er een wordt getoond. De staven lb van de tweede laag zijn versprongen aangebracht ten opzichte van de staven la van de eerste laag, zoals in het geval van Fig. 2. De staven lc van de derde laag bevinden zich tegenover de staven lb van de tweede laag, waarbij de afstand tussen aangrenzende staven lb en lc zodanig is dat een projectiel dat volgens het traject T langs de staven la en lb gaat noodzakelijkerwijs een staaf lc raakt. Voor eenzelfde doelmatigheid kan de afstand tussen staven la, lb, lc van Fig. 3 veel groter zijn dan de afstand tussen staven la, lb van Fig. 2.
Met behulp van Fig. 4, 5. 6 en 7 kan op eenvoudige wijze het functioneren van de beschermingsinrichtingen volgens de uitvinding worden uitgelegd.
In het geval van Fig. 4 loopt het traject van het projectiel 7 tussen de assen van de twee aangrenzende staven ld en le door. Dit traject is zodanig dat de punt 8 van het projectiel 7 de staaf ld tan-gentiaal raakt. Tijdens de daaropvolgende verplaatsing, zal het projectiel 7 tegen de staaf ld glijden, hetgeen het volgende tot gevolg heeft: - een plaatselijk op de staaf ld werkzame impuls in de richting Dl, dwars op het traject, - een op het projectiel 7 werkzame impuls in de richting D2, tegengesteld aan de richting Dl, - een vervorming van de staaf ld, - een vervorming van de wand van het projectiel 7 in gebied 9 grenzend aan de punt 8 van het projectiel.
Deze technische effekten vinden binnen een zeer kort tijdsbestek plaats. Aldus, bij 300 m per seconde, zal een projectiel 7 waarvan het voorste puntboogvormige deel 27 50 cm zou kunnen meten niet langer dan l/600ete seconde in heftig contact staan met de staaf ld, zodat de staaf le, die zich onder de staaf ld bevindt, niet tussen beide hoeft te komen.
De consequenties van het treffen van het projectiel 7 en de staaf ld zijn voor het projectiel 7 als volgt: - diens snelheid wordt enigszins verminderd, - diens traject wordt enigszins naar beneden afgebogen, - een rotatiesnelheid rondom een as die loodrecht staat op diens traject, zoals getoond volgens de gekromde pijl R, wordt ontwikkeld, - diens buitenwand wordt in het gebied 9 ingedrukt.
Al deze resultaten leiden tot het verminderen van het vermogen van het projectiel 7 om binnen te dringen, waarbij het er echter op lijkt, dat de vervorming van de wand het belangrijkst is. Immers, als een projectiel 7 een betonnen massa binnendringt, worden de krachten die zich manifesteren ter hoogte van de punt 8 daarvan, ontstaan door het afremmen van het projectiel 7. door de wand overgebracht op de punt 8. Hierdoor worden in de genoemde wand zeer hoge drukbelastingen in langs-richting en trekbelastingen in dwarsrichting ontwikkeld, in de gebieden waar de beschrijvende van de wand convex is, dit voor zover het projectiel 7 een symmetrisch omwentelingslichaam is. Als daarentegen het projectiel 7. tengevolge van lokale vervormingen, geen symmetrisch omwentelingslichaam meer is, zal het hierboven beschreven belastings-systeem zich niet meer ontwikkelen, en de grote vertraging van de punt 8 heeft daardoor de vernietiging van het projectiel 7 tengevolge.
In het geval van Fig. 5 bevindt het projectiel 7 zich op gelijke afstand van de twee aangrenzende staven ld en le. Het is evident dat het traject van het projectiel 7 niet wordt gewijzigd, dat de snelheid daarvan enigszins wordt verminderd en dat de wand daarvan zal worden ingedeukt in de gebieden 9& en 9b die grenzen aan de punt 8, met als resultaat het verlies van binnendringende kracht zoals beschreven bij het voorstel van Fig. 4.
In het geval van de figuren 6 en 7 treft het traject van het projectiel 7 de as van de staaf ld. Twee gevallen kunnen worden beschouwd: - het materiaal van de staaf ld biedt voldoende weerstand opdat het projectiel 7 niet kan passeren, waarbij de staaf ld aldus lokaal wordt meegenomen door het projectiel 7. waardoor het vermogen tot binnendringen daarvan geheel wordt ontnomen, - het projectiel 7 kan door de staaf ld gaan.
Bij deze laatste hypothese wordt het traject van het projectiel 7 niet gewijzigd, terwijl de snelheid daarvan wordt verminderd. Anderzijds wordt de wand daarvan ingedeukt in het gebied 9c en het gebied 9d dat symmetrisch is gelegen met het gebied 9c ten opzichte van een verticaal vlak dat door de as van het projectiel 7 gaat. Immers, zie Fig. 7. doet de binnendringing van het projectiel 7 in de staaf ld de staaf ld in verticale richting splijten, waarbij op de wand van het projectiel 7 in verticale richting relatief zwakke krachten worden uitgeoefend, terwijl in horizontale richting de versnelling van de massa van de twee delen van de staaf 10a en 10b, omdat het projectiel tracht deze uit elkaar te drijven, zeer grote horizontale krachten doet ontstaan op de wand van het projectiel 7·
Het andere woorden is het evident dat de staaf ld ten opzichte van de as van het projectiel 7 geen omwentelingssymmetrische vorm heeft, waardoor bij de passage van het projectiel 7 door de staaf ld met kracht de omwentelingssymmetrie van dit projectiel 7 wordt vernield.
Het gebruik van niet-cilindrische staven kan worden overwogen.
De beschermingsinrichting overeenkomstig de uitvinding zoals gedeeltelijk is weergegeven in Fig. 8 wordt gevormd door drie lagen staven met vierkante doorsneden 11a, 11b, 11c, ondersteund door palen 4 waarvan er een is weergegeven. Deze beschermingsinrichting is voor een verticale betonnen wand 3 geplaatst.
De staven 11a en 11b die de eerste twee lagen vormen zijn zodanig geörienteerd dat een van de diagonalen van hun dwarsdoorsnede horizontaal is, d.w.z. hoofdzeikelijk dwars op de genoemde lagen. Aldus bezitten de staven 11a en 11b een naar buiten gedraaide rib 26. De staven lib vein de tweede laag zijn ten opzichte van de staven 11a van de eerste laeig versprongen aangebracht.
De staven 11c die de derde laag vormen zijn zodanig geörienteerd dat twee zijden van hun dwarsdoorsnede horizontaal zijn. De staven 11c van de derde laag bevinden zich tegenover de staven 11b van de tweede laag, waarbij de afstand tussen aangrenzende staven 11b en 11c zodanig is dat een projectiel volgens een traject T dat op gelijke afstand de staven 11a en 11b passeert een staaf 11c hoofdzakelijk in het midden van het naar buiten gekeerde vlak raakt.
Natuurlijk kan een beschermingsinrichting worden ontwikkeld die niet is voorzien van de laag staven 11a of de twee lagen staven 11a en 11b. Naarmate een geringer aantal lagen wordt gebruikt, dient de onderlinge afstand tussen de staven van dergelijke inrichtingen geringer te zijn.
1 De staven 1, la, lb, lc, ld, le, 11a, 11b of 11c kunnen bestaan uit een homogeen materiaal zoals staal of smeedbaar gietijzer. Deze staven kunnen eveneens worden vervaardigd uit gewapend beton of spanbeton, eventueel beschermd door een metalen omhulsel. Geschikte betonsoorten dienen van een kwaliteit te zijn met een hoge weerstand en een < grote dichtheid. Voor het verkrijgen van beton met grote dichtheid is een werkwijze bekend waarbij gebruik gemaakt wordt van toevoegingen van ijzererts.
Fig. 2 en 3 tonen cilindrische staven la, lb, lc, gevormd door metalen buizen 12 gevuld met beton.
) Fig. 9 toont een gewelfboog 14, bijvoorbeeld van beton, beschermd door cilindrische staven la, lb verdeeld over een buitenlaag gevormd door cilindrische staven la en een binnenlaag gevormd door de cilindrische staven lb. De cilindrische staven la en lb worden gedragen door palen in de vorm van bogen 15 die concentrisch zijn met het gewelf 14. i De bogen 15 kunnen zijn vervaardigd van beton of staal. In het getoonde voorbeeld zijn de bogen 15 los van het gewelf 14.
De figuren 10, 11 en 12 tonen schematisch een beschermingsinrichting van een gewelfvormige schuilplaats 16 en van de deur 17 daarvan. Fig. 10 is een buitenaanzicht, waarbij de deur 17 is gesloten. Fig. 11 ) is identiek aan Fig. 10, met dien verstande dat de deur 17 zich in de geopende stand bevindt. Fig. 12 is een deeldoorsnede van Fig. 10.
De beschermingsinrichting wordt gevormd door een enkele laag cilindrische staven 18, 19. 20, 21. De gewelfvormige schuilplaats 16 heeft een symmetrievlak in langsrichting en verticale richting. Onder de cilindrische staven zijn te onderscheiden: - de staven 18 boven de gewelfvormige schuilplaats 16 die zich hoofdzakelijk uitstrekken over een helft van de gewelfvormige schuilplaats 16 die wordt begrensd door het symmetrievlak en waarvan de uiteinden 18a een verticaal vlak bepalen dat loodrecht staat op het symmetrievlak, dat enigszins is teruggeplaatst ten opzichte van het vlak l6a van de gewelfvormige schuilplaats 16 waartegen de deur 17 wordt geplaatst wanneer deze is gesloten.
- de staven 19 boven de andere helft van de gewelfvormige schuilplaats 16, die zich met hun deel 19c voortzetten in de gewelfvormige schuilplaats 16 aan de andere kant van de deur 17 tot aan hun uiteinden 19a die zich bevinden in een vlak dat dwars staat op het symmetrievlak.
- de staven 20 die zich bevinden in het verlengde van de staven 18 en waarvan de uiteinden 20a en 20b zijn, waarbij de uiteinden 20a zich bevinden in het verticale vlak van de uiteinden 19a van de staven 19, terwijl tussen de uiteinden 18a van de staven 18 en de uiteinden 20a van de staven 20 een ruimte is vrij gehouden die voldoende is om de verplaatsing van de deur 17 mogelijk te maken.
- de staven 21, die wanneer de deur gesloten is, zich tussen de uiteinden 18a van de staven 18 en de uiteinden 20b van de staven 20 bevinden.
De staven 18 worden ondersteund door de bogen 22 die zich boven de gewelfvormige schuilplaats 16 bevinden. De staven 19 worden eveneens ondersteund door de bogen 22 en de bogen 22a achter de gewelf vormige schuilplaats 16, d.w.z. ter weerszijden van de deur 17. De staven 20 worden ondersteund door de enkele bogen 22a. De staven 21 worden ondersteund door twee stalen verlengingen 23 van de deur 17.
Aan het uiteinde van de gewelfvormige schuilplaats 16 tegenover de deur 17 (niet te zien in Fig. 10-12), is een analoge beschermingsinrichting geplaatst, bijvoorbeeld zoals getoond in Fig. 1.
Aldus zijn de gewelfvormige schuilplaats 16 en de deur 17 daarvan, als de deur 17 gesloten is, beschermd tegen rechtstreekse inslagen van alle projectielen die van achteren of van opzij aankomen. Het buitenvlak 17a van de deur 17 is gedeeltelijk beschermd tegen rechtstreekse inslagen door de staven 20 en de verlengingen 19c van de staven 19 die een afdak vormen.
Opgemerkt wordt dat de middelen die het verplaatsen van de deur 17 dwars op het symmetrievlak van de gewelfvormige schuilplaats 16 mogelijk maken niet zijn weergegeven.
De bescherming van de fundatie vein de schuilplaats tegen een projectiel dat in de direkte nabijheid van deze schuilplaats in de grond dringt, zou kunnen worden verzekerd door de beschermingsinrichting in de grond voort te zetten, zoals bijvoorbeeld gesuggereerd door de Fig. 2 en 3· Een ander middel voor het geven van deze bescherming is het in horizontale richting voortzetten van de beschermingsinrichting zoals wordt getoond in Fig. 13.
Fig. 13 toont de beschermingsinrichting van een gewelfaanzet 25. Het gewelf 25 wordt beschermd door cilindrische staven la, lb die zijn verdeeld over een buitenlaag gevormd door cilindrische staven la en een binnenlaag gevormd door de cilindrische staven lb. De cilindrische staven la en lb worden ondersteund door boogvormige palen 24, die bij de grond zijn voorzien van horizontale voortzettingen 24a die de bovenste en onderste cilindrische staven lf respectievelijk lg dragen.
Het spreekt vanzelf dat, voor een gegeven afmeting van de doorsnede van de staaf, hoe meer staven de beschermingsinrichting heeft hoe doelmatiger hij werkt; het spreekt ook vanzelf dat de doelmatigheid van de beschermingsinrichting toeneemt met de afmeting van de doorsnede van de staven.
Anderzijds kan de doelmatigheid van de beschermingsinrichting niet worden vergroot door deze inrichting verder van het te beschermen oppervlak te verwijderen.
De massieve staven, hoofdzakelijk evenwijdig aan het te beschermen oppervlak, behoeven niet noodzakelijkerwijs recht te zijn. Overwogen kan bijvoorbeeld worden, een gewelf te beschermen door een samenstel van staven die zijn verdeeld over kruisende lagen, waarbij bepaalde staven rechtlijnig horizontaal lopen evenwijdig aan de beschrijvende van het gewelf, terwijl de andere staven zich in de verticale vlakken bevinden, evenwijdig aan de richtlijn van het gewelf.
Een samenstel van staven kan worden ondersteund door een metalen constructie ter vorming van een stijf, mobiel samenstel. Een dergelijk stijf en mobiel samenstel, voorzien van één of meer lagen van staven die zijn aangebracht in de verticale vlakken, zou kunnen worden geplaatst tegen de voorzijde van de uiteinden 19a van de staven 19 en 20a van de staven 20, waardoor zij elke rechtstreekse inslag tegen het vlak 17a van de deur 17 tegen gaan (zie Fig. 10). Een dergelijk stijf, mobiel samenstel, voorzien van een of meer lagen van horizontale staven zou bovenop de opening van een silo kunnen worden geplaatst die is voorzien van een ballistisch projectiel.
Als zij recht zijn, kunnen de massieve staven niet worden verbonden met constructies die hen dragen, doch gaan de staven er eenvoudig doorheen. Deze laatste plaatsing is bestemd om de vervanging van deze massieve staven te vergemakkelijken.
De beschermingsinrichtingen volgens de uitvinding zijn tevens doelmatig tegen holle ladingen omdat, indien de omwentelingssymmetrie van een projectiel dat een holle lading draagt wordt veranderd, de binnendringingskracht van zo een holle lading, zeer wordt verzwakt.
Natuurlijk kunnen de staven van de beschermingsinrichting volgens de uitvinding worden ingebed in een matrixmateriaal, zoals zand of een schuim van geëxpandeerd kunststofmateriaal.

Claims (13)

1. Inrichting voor het beschermen van schuilplaatsen tegen de rechtstreekse inslag van conventionele projectielen, met het kenmerk, dat deze wordt gevormd door een samenstel van massieve staven (1, la, lb, lc, ld, le, lf, lg, 11), hoofdzakelijk evenwijdig aan het buitenoppervlak van de schuilplaats (3* 14, 16,25) en in de nabijheid daarvan geplaatst.
2. Beschermingsinrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat de afstand tussen de staven (1) geringer is dan de diameter van het projectiel (7).
3· Beschermingsinrichting volgens een der conclusies 1 of 2, met het kenmerk, dat de staven verdeeld zijn aangebracht in ten minste een laag.
4. Beschermingsinrichting volgens een der conclusies 1-3, met het kenmerk, dat de staven een cirkelvormige doorsnede bezitten.
5· Beschermingsinrichting volgens een der conclusies 1-4, met het kenmerk, dat de staven (la, lb, lc, ld, le) worden gevormd door stalen omhulsels (12) gevuld met beton (13)·
6. Beschermingsinrichting volgens een der conclusies 1-5, met het kenmerk, dat de staven in twee lagen zijn aangebracht, waarbij de staven (lb) van de tweede laag verspringen ten opzichte van de staven (la) van de eerste laag.
7. Beschermingsinrichting volgens een der conclusies 1-5, met het kenmerk, dat de staven zijn aangebracht in drie lagen, waarbij de staven (lb) van de tweede laag verspringen ten opzichte van de staven (la) van de eerste laag en de staven (lc) van de derde laag zich tegenover de staven (lb) van de tweede laag bevinden.
8. Beschermingsinrichting volgens een der conclusies 1-7, met het kenmerk, dat de staven (1, la, lb, lc, lf, lg, 11) onderling met elkaar zijn verbonden.
9· Beschermingsinrichting volgens een der conclusies 1-8, met het kenmerk, dat de staven worden ondersteund door palen van beton of staal (4, 5, 15, 22, 22a, 24) die hoofdzakelijk evenwijdig lopen aan het te beschermen oppervlak.
10. Beschermingsinrichting volgens een der conclusies 1-8, met het kenmerk. dat de staven (1) worden ondersteund door elementen (2) die verbonden zijn met het te beschermen oppervlak.
11. Beschermingsinrichting volgens een der conclusies 1-10, met het kenmerk, dat de staven die het cilindrische buitenoppervlak van een gewelfvormige schuilplaats (16) beschermen zijn aangebracht evenwijdig aan de beschrijvende van dat cilindrische oppervlak en zich voorbij dat cilindrische oppervlak uitstrekken aan de zijde waar zich de deur (17) vein de schuilplaats (16) bevindt, ter bescherming van die deur (17) tegen rechtstreekse inslagen.
12. Beschermingeinrichting volgens een der conclusies 1-8, met het kenmerk, dat de staven worden ondersteund door een metalen constructie ter vorming van een stijf en mobiel samenstel dat kan worden verplaatst om de bescherming van de buitenzijde van een deur te verzekeren.
13· Beschermingsinrichting volgens een der conclusies 1-3 en 5"12, met het kenmerk, dat de staven (11a, 11b, 11c) een hoofdzakelijk vierkante doorsnede bezitten, waarbij een van de diagonalen van de staven (11a, 11b) van ten minste de eerste laag hoofdzakelijk loodrecht staat op die laag.
NL9100239A 1988-06-29 1991-02-12 Inrichting voor het beschermen van schuilplaatsen tegen de directe inslag van conventionele projectielen. NL9100239A (nl)

Priority Applications (3)

Application Number Priority Date Filing Date Title
FR8808741A FR2747719A1 (fr) 1988-06-29 1988-06-29 Dispositif de protection des abris contre l'impact direct des projectiles conventionnels
NL9100239A NL9100239A (nl) 1988-06-29 1991-02-12 Inrichting voor het beschermen van schuilplaatsen tegen de directe inslag van conventionele projectielen.
DE4106566A DE4106566A1 (de) 1988-06-29 1991-03-01 Schutzvorrichtung für gegen den Aufprall herkömmlicher Projektile geschützte Orte

Applications Claiming Priority (6)

Application Number Priority Date Filing Date Title
FR8808741A FR2747719A1 (fr) 1988-06-29 1988-06-29 Dispositif de protection des abris contre l'impact direct des projectiles conventionnels
FR8808741 1988-06-29
NL9100239 1991-02-12
NL9100239A NL9100239A (nl) 1988-06-29 1991-02-12 Inrichting voor het beschermen van schuilplaatsen tegen de directe inslag van conventionele projectielen.
DE4106566A DE4106566A1 (de) 1988-06-29 1991-03-01 Schutzvorrichtung für gegen den Aufprall herkömmlicher Projektile geschützte Orte
DE4106566 1991-03-01

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL9100239A true NL9100239A (nl) 1998-01-05

Family

ID=27202251

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL9100239A NL9100239A (nl) 1988-06-29 1991-02-12 Inrichting voor het beschermen van schuilplaatsen tegen de directe inslag van conventionele projectielen.

Country Status (3)

Country Link
DE (1) DE4106566A1 (nl)
FR (1) FR2747719A1 (nl)
NL (1) NL9100239A (nl)

Families Citing this family (6)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE102006005509A1 (de) * 2006-02-07 2007-08-30 Fraunhofer-Gesellschaft zur Förderung der angewandten Forschung e.V. Splitterschutz mit optischer und thermischer Funktionalität
BG110486A (bg) * 2009-10-02 2011-05-31 Институт По Металознание "Акад. А. Балевски" - Бан Броня
DE102010028933B4 (de) * 2010-05-12 2021-03-18 Sommer Metallbau-Stahlbau Gmbh & Co. Kg Schutzwand
DE102013008941A1 (de) * 2013-05-25 2014-11-27 Diehl Bgt Defence Gmbh & Co. Kg Anordnung zum Schutz eines Objekts, insbesondere eines Kraftfahrzeugs, gegen anfliegende Projektile
DE102014014468A1 (de) * 2014-09-26 2016-03-31 Rheinmetall Waffe Munition Gmbh Militärisches Radfahrzeug mit einer Minenschutzanordnung
DE102017118909A1 (de) * 2017-08-18 2019-02-21 SGP - Spezial Gummiprodukte GmbH Geschossauffangeinrichtung, Geschossauffangvorrichtung, Geschossfangsystem sowie Verfahren und Verwendung hierzu

Family Cites Families (10)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
NL48453C (nl) *
FR814019A (fr) * 1936-02-19 1937-06-14 Reterson Holding S A Abri pour la protection contre les bombardements et les attaques ohimiques
US2393350A (en) * 1943-05-21 1946-01-22 George P Wiedman Bullet protection guard
US2392215A (en) * 1944-11-17 1946-01-01 Barber Colman Co Bulletproof grid
GB865629A (en) * 1959-02-04 1961-04-19 Bofors Ab A protective device for reducing the effect of projectiles with bursting charges
US3431818A (en) * 1965-04-26 1969-03-11 Aerojet General Co Lightweight protective armor plate
US3765301A (en) * 1968-06-09 1973-10-16 Us Army Light weight ribbed composite armor
DE2409876A1 (de) * 1974-03-01 1975-09-04 Nikolaus Dipl Kfm Blenk Einrichtung zum schutz gegen geschosse
FR2413533A1 (fr) * 1977-12-29 1979-07-27 Sfp Structures Porte pour abris resistant aux explosions
AU7088581A (en) * 1980-06-02 1981-12-10 Alvin Eugene Gorum Armour comprising ceramic rods

Also Published As

Publication number Publication date
FR2747719A1 (fr) 1997-10-24
DE4106566A1 (de) 1998-01-15

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US7144187B1 (en) Cabled massive security barrier
US8857311B2 (en) Apparatus for providing protection from ballistic rounds, projectiles, fragments and explosives
US8074553B1 (en) Apparatus for providing protection from ballistic rounds, projectiles, fragments and explosives
EP0261197B1 (en) A reactive armour wall structure
EP1828706B1 (en) Light ballistic protection as building elements
CA2704278A1 (en) Apparatus for providing protection from ballistic rounds, projectiles, fragments and explosives
JP2016180588A (ja) 改善したハードポイントを有する車両および構造物シールド
US6494139B1 (en) Hole boring charge assembly
WO2002039048A2 (en) Reactive mine protection
US8210767B1 (en) Vehicle barrier with access delay
NL9100239A (nl) Inrichting voor het beschermen van schuilplaatsen tegen de directe inslag van conventionele projectielen.
US6973864B1 (en) Protective structure and protective system
US20110226166A1 (en) Overhead protection system
US4957034A (en) Candy cane configuration for modular armor unit
US5402704A (en) Armor for defeating kinetic energy projectiles
US3137205A (en) Device for protection against bursting projectiles
US20140373707A1 (en) Arrangement for the protection of an object, especially of a motor vehicle, against approaching projectiles
US20020092415A1 (en) Passive armour for protection against shaped charges
DE4226897C1 (de) Aktive Schutzvorrichtung
US7007607B1 (en) Missile system for breaching reinforced concrete barriers utilizing hinged explosively formed projectile warheads
Bless et al. Transverse loads on a yawed projectile
DE2906378C1 (de) Aktive Schutzvorrichtung fuer feste oder bewegliche Objekte
DE2811732C1 (de) Schutzeinrichtung gegen Geschosse, insbesondere Hohlladungsgeschosse
DE3603610C1 (de) Flugkörper mit einer Tandemladung
RU2780640C1 (ru) Противотаранное мобильное заграждение

Legal Events

Date Code Title Description
A1A A request for search or an international-type search has been filed
BV The patent application has lapsed