NL8402145A - Magneetbandcassetteapparaat met een servoorgaan. - Google Patents
Magneetbandcassetteapparaat met een servoorgaan. Download PDFInfo
- Publication number
- NL8402145A NL8402145A NL8402145A NL8402145A NL8402145A NL 8402145 A NL8402145 A NL 8402145A NL 8402145 A NL8402145 A NL 8402145A NL 8402145 A NL8402145 A NL 8402145A NL 8402145 A NL8402145 A NL 8402145A
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- cam
- servo
- arm
- wheel
- relay
- Prior art date
Links
Classifications
-
- G—PHYSICS
- G11—INFORMATION STORAGE
- G11B—INFORMATION STORAGE BASED ON RELATIVE MOVEMENT BETWEEN RECORD CARRIER AND TRANSDUCER
- G11B15/00—Driving, starting or stopping record carriers of filamentary or web form; Driving both such record carriers and heads; Guiding such record carriers or containers therefor; Control thereof; Control of operating function
- G11B15/02—Control of operating function, e.g. switching from recording to reproducing
- G11B15/10—Manually-operated control; Solenoid-operated control
-
- G—PHYSICS
- G11—INFORMATION STORAGE
- G11B—INFORMATION STORAGE BASED ON RELATIVE MOVEMENT BETWEEN RECORD CARRIER AND TRANSDUCER
- G11B15/00—Driving, starting or stopping record carriers of filamentary or web form; Driving both such record carriers and heads; Guiding such record carriers or containers therefor; Control thereof; Control of operating function
- G11B15/18—Driving; Starting; Stopping; Arrangements for control or regulation thereof
- G11B15/1883—Driving; Starting; Stopping; Arrangements for control or regulation thereof for record carriers inside containers
Landscapes
- Transmission Devices (AREA)
Description
'---- V * EHN 11.087 1 N.V. Philips* Gloeilampenfabrieken te Eindhoven "Magneetbandcassetteapparaat met een servoorgaan"
De uitvinding heeft betrekking op een magneetbandcassetteapparaat met een servoorgaan voor het verstellen van tenminste êên ap-paraatonderdeel, welk servo-orgaan een servo wiel omvat/ dat aan de onttrek voorzien is van een vertanding, waarin tenminste êên onderbreking ® gelegen is, welke in een ruststand van het servo wiel tegenover een door een motor aangedreven tandwiel ligt, op welk servowiel verder een ex-* centernok en ten minste êên grendelnok aanwezig zijn, waarbij in de ruststand van het servowiel door veerkracht een startkoppel op de ex-centernok uitgeoefend wordt, welk servoorgaan verder een tussen arret-^ stand en onwerkzame stand heen en weer zwenkbare relaisbeugel omvat die een weekijzer*element draagt dat in de ruststand van het servowiel aangetrokken ligt tegen een pulsrelais en daardoor de relaisbeugel in de arretstand houdt, in welke stand een arretnok op de relaisbeugel aan-ligt tegen de grendelnok op het servowiel, waardoor de arretnok het ^ servowiel in de ruststand vergrendeld houdt, terwijl na kortstondig e-lectrisch bekrachtigen van het pulsrelais de relaisbeugel onder veerkracht vanuit de arretstand naar de onwerkzame stand zwenkt in welke stand de arretnok vrij ligt van de grendelnok en onder invloed van het startkoppel op de excenternok het servowiel draait, de vertanding met 20 het tandwiel koppelt, het servowiel door de motor aangedreven wordt en het apparaatonderdeel doet verstellen, waarna een terugstelnok op de relaisbeugel door de grendelnok wordt aangestoten, waardoor de relaisbeugel tegen-veerkracht vanuit de onwerkzame stand terugzwenkt naar de arretstand, vervolgens de grendelnok opnieuw tegen de arretnok oploopt fte c en de arretnok het servowiel weer in de ruststand vergrendelt.
Een dergelijk magneetbandcassetteapparaat is bekend uit documentatie van KISHO-Electronics Go., Ltd. (Japan). Het hierin voorgestelde magneetbandcassetteapparaat omvat een relaisbeugel, welke het servowiel in de ruststand vergrendeld houdt onder invloed van het zoge- 30 ‘ aaeaa.de pulsrelais. Een dergelijk relais omvat een permanente magneet, welke in de arretstand van de relaisbeugel deze door middel van het weekijzer-element stevig aantrekt. Om de magneet ligt een draadspoel 8402145 $>, _ 4 PHN 11.087 2 gewikkeld, zodat tevens een elektromagneet aanwezig is, welke door middel van een schakelaar kortstondig met een electrische stroombron aangesloten kan worden. De uitvoering en de opstelling ten opzichte van de permanente magneet van de elektromagneet is zodanig dat tijdens het in-5 schakelen van de stroombron de permanente magneet magnetisch neutraal genaakt wordt. Hierdoor wordt de relaisbeugel niet meer aangetrokken en kan een veer de relaisbeugel doen verzwenken naar de onwerkzame stand, waardoor het servowiel vrijgegeven wordt en kan verdraaien. Het voordeel van een dergelijk pulsrelais is dat het inschakelen van de stroom-10 bron slechts korte tijd behoeft te geschieden, voldoende om het pulsrelais kortstondig magnetisch neutraal te maken en de relaisbeugel te doen verzwenken. Dit kort inschakelen biedt als voordeel dat hierdoor de stroombron van het magneetbandcassetteapparaat slechts korstondig wordt belast, waarbij slechts een geringe stroom door het pulsrelais 1® afgencmen wordt. Dit is niet alleen van voordeel voor batterij-gevoede apparaten, doch is tevens van voordeel voor moderne micro-processor gestuurde apparaten, waarbij zich een dergelijk kortstondig schakelen eenvoudig laat realiseren. Een dergelijk pulsrelais is verder kompakt realiseerbaar en biedt ten opzichte van de conventionele electrcmagneet 20 een slechts geringe warmteontwikkeling.
Bij het in genoemde documentatie voorgesteld magneetbandcassetteapparaat dient de positionering van de diverse onderdelen van de relaisbeugel ten opzichte van de daarmee samenwerkende onderdelen van het servowiel en het pulsrelais nauwkeurig plaats te vinden, om er-
OC
van verzekerd te zijn dat in de arret stand, aangetrokken door het pulsrelais een effectieve vergrendeling van het servowiel optreedt. Deze nauwkeurige positionering wordt evenwel bemoeilijkt door de gebruikelijke aanwezige toleranties bij een dergelijk servoorgaan, hetgeen in de praktijk betekent dat het servoorgaan van het bekende apparaat 30 vanwege de vereiste nauwkeurige vervaardiging en montage alleen tegen een relatief hoge prij s realiseerbaar is.
De uitvinding beoogt een magneetbandcassetteapparaat van genoemde soort te voorzien van een servoorgaan, bediend door een pulsrelais, met een eenvoudig en toch effectieve werkende relaisbeugel.
De uitvinding wordt hiertoe gekenmerkt doordat dat de relaisbeugel een starre arm en een elastisch buigbare arm omvat, de buigbare arm nabij het vrije einde van een starre drager voorzien is 35 8402145 f * $ ΕΉΝ 11.087 3 die het weekij zer-element draagt, welke drager van een koppel element voorzien is, dat in de arretstand van de relaisbeugel en tijdens de heengaande verzwenking naar de onwerkzame stand aanligt tegen de starre arm en het weekijzer-element met de starre arm gekoppeld houdt, zodat 5 het element de zwenkbeweging van de starre arm volgt, welk koppel element althans op het einde van het terugzwenken van de relaisbeugel vanuit de onwerkzame stand naar de arretstand, nadat het weekijzer-el ament opnieuw tegen het pulsrelais aangetrokken ligt, vrij ligt van de starre arm, waarop deze arm tijdens een doorbuigen van de buigbare arm een ad-ditionele zwenkbeweging kan uitvoeren onder invloedvan de door de gren-delnok op de terugstelnok uitgeoefende kracht.
Op deze wijze bezit het magneetbandcassetteapparaat volgens de uitvinding een relaisbeugel met een opsplitsing tussen een starre en een e-lastische arm, waarbij tijdens het bewegen vanuit de arretstand naar de 15- onwerkzame stand ten gevolge van de koppeling van weekij zer-element met de starre arm het weekij zer-element snel en betrouwbaar op afstand van het pulsrelais gebracht wordt, welke afstand door de mogelijkheid de starre arm een relatief grote lengte te verschaffen vrij groot kan zijn. Anderzijds is tijdens het verzwenken van de relaisbeugel vanuit 20 de onwerkzame stand naar de arretstand de mogelijkheid aanwezig, nadat het weekijzerelement opnieuw aangetrokken ligt tegen het pulsrelais, de starre arm nog enigszins verder te verzwenken, zodat optredende toleranties in de wederzijdse ligging van de grendelnok en de terugstelnok effectief opgevangen kunnen worden. Hierdoor kan men ondanks een minder 25 nauwkeurige vervaardiging van het servoorgaan toch ervan zeker zijn dat telkens in de arretstand het wsekijzerelement tegen het pulsrelais aanligt en het servo wiel goed vergrendeld gehouden wordt. Door bij voorkeur de elastisch buigbare arm ongeveer evenwijdig aan en in de nabij heid van de starre arm te positioneren, levert deze konstruktie nage-30 noeg geen additionele ruimtebehoefte binnen het magneetbandcassetteapparaat op. De relaisbeugel is bij voorkeur uitgezonderd de buigbare arm in zijn geheel star uitgevoerd, om bij voorkeur de kracht, afkomstig van de op de relaisbeugel werkende veer, effectief over te kunnen brengen op de arretnok zodat deze eventueel optredende wrijving tijdens ° de ontgrendeling van de grendelnok effectief kan overwinnen.
Een voorkeursvorm van een magneetbandcassetteapparaat volgens de uitvinding wordt gekenmerkt doordat het koppelelement als 8402145 , £· ΡΗΝ 11.087 4 haak uitgevoerd is, welke zich, gezien evenwijdig aan de zwenkas, vanaf de drager om het vrije einde van de starre arm uitstrekt en in gekoppelde positie aan de van de drager afgekeerde zijde tegen de starre arm aanligt. Op deze wijze volgt de drager de starre arm nauwkeurig tijdens 5 het zwenken naar de onwerkzame stand en kan de drager na loskcmen van het weekijzer-element, in geval dit loskomen stootsgewijs verloopt, niet doorschieten ten opzichte van de starre arm, daar de drager in dat geval oploopt tegen de starre arm. Verder laat zich deze uitvoering ef-fektief uit één stuk door spuitgieten vervaardigen.
^ In verband hiermee wordt nog een voorkeursvorm van een mag neetbandcassetteapparaat volgens de uitvinding, waarbij de relaisbeugel verder een de terugstelnok dragende terugstelarm en een de arretnok dragende arretarm omvat, gekenmerkt doordat de arretnok een ongeveer tangentiaal ten opzichte van de zwenkas van de relaisbeugel gelegen
IC
aan slag wand voor de grendelnok van het servowiel bezit. Door deze ongeveer tangentiaal gelegen aanslagwand is het servowiel in de ruststand telkens effectief vergrendeld. Hierbij is het van belang dat de relaisbeugel over voldoende afstand verzwenkt kan worden om de aanslagwand volledig weg te kunnen draaien van de grendelnok.
20
In verband met het voorgaande wordt nog een uitvoeringsvorm van een magneetbandcassetteapparaat volgens de uitvinding gekenmerkt doordat de starre arm, de buigbare arm met drager en het koppelelement, de terugstelarm en de arretarm als een eenheid uit kunststof vervaardigd zijn, terwijl de drager opsluitdelen bezit voor het opsluiten van
OC
het weekij zer-element. Door de integrering in kunststof van de diverse delen van de relaisbeugel is deze eenvoudig, goedkoop en toch met voldoende nauwkeurigheid te vervaardigen. Door de opsluitdelen is desondanks het weekijzer-element gemakkelijk op te nemen in de drager.
Een andere voorkeursvorm van een magneetbandcassetteapparaat ^ wordt gekennmerkt doordat het servowiel twee grendelnokken en twee uitsparingen in de vertanding omvat en twee verschillende ruststanden innemen kan, waarbij telkens in de arretstand van de relaisbeugel de ene grendelnok aanligt tegen de arretnok op de relaisbeugel en vervolgens na electrische bekrachtiging van het pulsrelais in de onwarkzame stand
QE
van de relaisbeugel de andere grendelnok tegen de terugstelnok op de relaisbeugel oploopt en deze terugzwenkt naar de arretstand. Door de mogelijkheid het servowiel in twee verschillende ruststanden te 8402145 PHN 11.087 5 * i vergrendelen kan het apparaatonderdeel, dat door het servo-orgaan versteld wordt, in een bijbehorende stand gelegen zijn. Zo kan het apparaatonderdeel in tenminste twee standen door het servo-orgaan versteld worden. Door de aanwezigheid van de twee grendelnokken kunnen deze afwisselend de grendelfunctie vervullen, respectievelijk de terug-5 stelfunctie voor het doen terugzwenken van de relaisbeugel vervullen.
Een verder uitvoering van een magneetbandcassetteapparaat, waarbij het apparaat een kopplaat omvat waarop tenminste één magneetkop en een door de zwenkbare drukrolhouder gedragen drukrol aanwezig zijn, j wordt volgens de uitvinding gekenmerkt doordat het servowiel de kopplaat verstelt via een scharnierbare, tweearmige verstelhefboom, welke door de excenternok op het servowiel gestuurd wordt, waarbij in een eerste ruststand van het servowiel de kopplaat in een ten opzichte van een magneetbandcassette teruggetrokken positie gelegen is en in de tweede ruststand van het servowiel de kopplaat in de richting van de 10 magneetbandcassette vooruitgeschoven positie gelegen is, waarbij de verstelhefboom via een drukveer tegen de drukrolhouder drukt tijdens het verstellen van de kopplaat naar de vooruitgeschoven positie en rechtstreeks tegen de kopplaat drukt tijdens het verstellen naar de te-2q ruggetrokken positie. Alhoewal ook andere onderdelen van het apparaat door het servo-orgaan versteld kunnen worden, is het servo-orgaan optimaal geschikt voor het verstellen van de kopplaat en de daarop aanwezige magneetkoppen en drukrol. In de vooruitgeschoven positie kunnen de magneetkoppen in de cassette geschoven liggen, terwijl de drukrol 2^ tegen de kaapstander van het apparaat gepositioneerd ligt.. Hierbij is het van voordeel dat de drukveer de mogelijkheid biedt, dat de verstel-hefboora enigszins verder verzwenkt wordt dan voor het bereiken van de vooruitgeschoven positie van de kopplaat nodig is. Het voordeel hiervan is dat optredende toleranties in de overbrenging tussen de excenternok 2Q en de drukrolhouder effectief opgevangen kunnen worden, terwijl verder de drukrol effectief aandrukt tegen de kaapstander, waardoor geen slip tussen de band en drukrol kan optreden. Omdat deze voorspanning op de drukrolhouder niet nodig is in terugwaartse richting en een minder nauwkeurige positionering van de kopplaat nodig is in de teruggetrokken 22 positie is de verstelhefboom tijdens het terugverstellen van de kopplaat hiermee rechtstreeks gekoppeld.
In verband hiermee wordt nog een voorkeursvorm van een a 4 0 2 1 4 5 ΡΗΝ 11.087 6 ί, * magneetbandcassetteapparaat volgens de uitvinding gekenmerkt doordat in de eerste ruststand van het servowiel het startkoppel op de excenternok uitgeoefend wordt door een de excenternok aftastend uitsteeksel op een veerbelaste rembeugel, welke rembeugel spoelschotels van het magneet-5 bandcassetteapparaat afremt tijdens draaiing van het servowiel van de tweede naar de eerste ruststand onder invloed van de kracht, welke door de excenternok wordt uitgeoefend op het uitsteeksel.
Op deze wijze is telkens het servowiel, na de effectief verlopende ont-grendeling ten opzichte van de relaisbeugel, in staat snel te starten 10 om door de motor aangedreven te worden. Hierbij is het van voordeel dat voor het starten geen speciaal onderdeel nodig is, doch volstaan kan worden met het toepassen van een uitsteeksel op de rembeugel, welke door de excenternok tijdens het draaien van het servowiel bediend wordt. Verder kan op deze wijze het servo-orgaan naast de kopplaat als 15 verder apparaatonderdeel tevens de rembeugel van het apparaat verstellen. Door gebruik te maken van de krachij; die de drukveer op de verstel-hefbocm uitoefent kan ook in de tweede ruststand van het servowiel een startkoppel op de excenternok verkregen worden.
Een verdere voorkeursvorm van een magneetbandcassetteap-25 paraat volgens de uitvinding wordt gekenmerkt doordat de kopplaat door het servowiel tot in een eerste en in een tweede vooruitgeschoven positie ten opzichte van een magneetbandcassette verstelbaar is, het servowiel door een voortdurend draaiende eerste motor aandrijfbaar is, terwijl een tweede motor de verzwenking stuurt van een zwenkarm waarop een 25 stopnok aanwezig is, waarbij door inschakelen van de tweede motor op een tijdstip νδδ r het elektrisch bekrachtigen van het pulsrelais tijdens het verstellen van de kopplaat vanuit de teruggetrokken positie in een werkzame, ver zwenkte stand van de stopnok een aanslag op de kopplaat tegen de stopnok oploopt, waardoor deze .in de werkzame stand de 25 tweede vooruitgeschoven positie van de kopplaat bepaalt, terwijl door electrisch bekrachtigen van het pulsrelais op een tijdstip vóór het inschakelen van de tweede motor de stopnok een onwerkzame stand ten opzichte van de aanslag op de kopplaat inneemt en de kopplaat tot de eerste, ten opzichte van de tweede positie meer vooruitgeschoven positie 35 naar de magneetbandcassette verstelbaar is. Op deze wijze kan men met gebruikmaking van één servo-orgaan door een keuze van de tijdstippen, waarop de tweede motor en het pulsrelais bediend worden, de kopplaat 8402145 * t PHN 11.087 7 vanuit de teruggetrokken positie naar twee onderling verschillende vooruitgeschoven posities verstellen. Door de eerste motor als aandrijving voor het vliegwiel en de daarmee verbonden kaapstander te gebruiken en de tweede motor als aandrijving voor de spoelschotels te gebrui-5 ken kan men bij deze constructie als bedienorganen van het loopwerk volstaan met de beide motoren en het pulsrelais. Hierdoor wordt een eenvoudig en ccmpact realiseerbare constructie verkregen. Het op de ger* wenste tijdstippen schakelen van de tweede motor en het pulsrelais kan bij voorkeur geschieden door gebruikmaking van een microprocessor-M schakeling.
De uitvinding zal nader worden toegelicht aan de hand van een in de tekening weergegeven uitvoeringsvoorbeeld van een magneetbandcassetteapparaat, waartoe evenwel de uitvinding niet beperkt is.
Hierbij tonen:
Figuur 1 een perspectivisch bovenaanzicht op een voor de uitvinding van belang zijnd deel van een magneetbandcassetteapparaat volgens de uitvinding,
Figuur 2 op vergrote schaal .een explosieaanzicht op de kop-plaat en het daarmee samenwerkend servo-orgaan van het magneetbandcas-setteapparaat volgens figuur 1,
Figuur 3 toont een schematisch bovenaanzicht op het servo-orgaan, gelegen in eerste ruststand,
Figuur 4 toont een schematisch bovenaanzicht op het servo-orgaan, gelegen in de eerste ruststand volgens figuur 3, tesamen met 2® een deel van de kopplaat en een renbeugel,
Figuur 5 toont een schematisch bovenaanzicht op het servo-orgaan, gelegen in een tweede ruststand,
Figuur 6 toont een schematisch bovenaanzicht op een deel van de kopplaat en het daarmee werkend verstelorgaan, waarbij de kopplaat 2° in een vooruitgeschoven positie gelegen is*
Het in figuur 1 weergegeven magneetbandcassetteapparaat omvat een gestelplaat 1, waarin twee wikkeldoorns 2 en 3 roteerbaar zijn gelagerd. De wikkeldoorns 2 en 3 zijn elk aan de onderzijde verbonden met een coaxiaal gelegen spoelschotel 4 respectievelijk 5,die aan de ge cmtrek voorzien is van een vertanding. Op de gestelplaat 1 is een kopplaat 6 rechtlijnig in een richting volgens de dubbelpijl 7 geleid. Op nog nader te beschrijven wijze kan de kopplaat 6 in een ten opzichte 84 02 14 5 t *. * PHN 11.087 8 van de wikkeldooms en een daarop aanwezige, niet weergegeven magneet-bandcassette teruggetrokken positie gelegen zijn en kan de kopplaat vanuit deze positie naar een eerste respectievelijk een tweede vooruitgeschoven positie verplaatst worden, waarbij in de eerste positie de 5 kopplaat op een geringere afstand van de wikkeldoorns 2 en 3 gelegen is dan in de tweede. De kopplaat 6 draagt een tweetal magneetkoppen 8 en 9, waarbij de magneetkop 8 in de weergegeven uitvoeringsvorm een gecombineerde opname- weergavekop en de magneetkop 9 een wiskop is. Verder is op de kopplaat 6 een drukrolhefboom 10 scharnierbaar gelagerd om een ^ asstap 11, welke op de bovenzijde van de gestelplaat 1 bevestigd is. De drukrolhefboom 10 draagt aan het van de asstap 11 afgekeerde einde een drukrol 12, welke in de positie als weergegeven in de figuur 6 tegen een kaapstander 13 aangedrukt kan liggen. Dit is in de eerste vooruitgeschoven positie van de kopplaat 6. In de tweede, enigszins minder ver ^ vooruitgeschoven positie ligt de drukrol 12 vrij van de kaapstander 13. De kaapstander 13 is gelagerd in de gestelplaat 1 en onder deze plaat verbonden met een vliegwiel 14 dat via een snaar 15 door een eerste motor 16 aangedreven wordt.
Op de gestelplaat 1 is in de ruimte tussen de spoelschotels 20 4 en 5 een aandrijfwiel 17 aanwezig dat verbonden is met een as 18. Onder de gestelplaat 1 is op de as 18 een wormwiel 19 aanwezig dat in in-grijping is met een worm 21, die wordt aangedreven door een tweede motor 22. De motoren 16 en 22 zijn elektrisch verbonden met een micropro- cessorschakeling 23, door welke schakeling beide motoren in- en uitge-25 schakeld kunnen worden en de motor 22 in draairichting omgekeerd kan worden. De microprocessorschakeling 23 is verder elektrisch verbonden met een nog verder te beschrijven pulsrelais 24 (zie o.a. figuur 2).
Op de as 18 is boven het aandrijfwiel 17 verder een zwenkarm 25 aanwezig, welke aan het van de as afgekeerde einde een stopnok 26 on draagt en nabij de onderzijde uitgevoerd is als asstap, waarop een tussen wiel 27 gelagerd is. Op niet weergegeven wijze is met de zwenkarm 25 een frictieveer 27 verbonden waarvan het vrije einde drukt tegen een centraal ten opzichte van de asstap 26 gelegen deel van het tussenwiel 27 en welke veer op het moment dat de motor 22 in draairichting omkeert ten gevolge van het op het tussen wiel 27 uitgeoefende frictiekoppel de zwenkbeweging van de arm 25 om de as 18 stuurt. Aldus kan door ver-zwenking van de zwenkarm 25 het tussenwiel 27 gekoppeld worden met de 35 8402145 * i EHN 11.087 9 spoelschotel 4 respectievelijk 5 teneinde de betreffende spoelschotel aan te drijven. De richting van de ver zwenking is op de hiervoor beschreven wijze afhankelijk van de draairichting van de tweede motor 22. Aldus kan, indien de magneetbandcassette op het magneetbandcasset-5 teapparaat aanwezig is, de in de cassette gelegen magneetband door de motor 22 via de wikkeldoorn 2 respectievelijk 3 opgespoeld worden. De motor 22 is zodanig uitgevoerd dat dit opspoelen tijdens opname- respectievelijk weergavébedrij f met een relatief langzame snelheid en tijdens snelspoelen met een relatief hoge snelheid kan geschieden.
10 Op de kopplaat 6 zijn een twaetal onderling evenwijdig ver lopende lippen 28 en 29 aanwezig, welke onderling spiegelsymmetrisch opgesteld zijn ten opzichte van een vlak loodrecht op de gestelplaat 1 en evenwijdig aan de pijl 7. Derhalve wordt volstaan met het beschrijven van de linkerlip 28. Deze lip strekt zich vanaf de kopplaat 1 15 tot het vrije einde uit en omvat een uitsparing 30, met een in buitenwaartse richting schuin verlopende wand 30a en een aanslagwand 30b.
Indien de tweede motor 22 gestart wordt v66r een verschuiven van de kopplaat, 6 in de richting van de wikkeldooms 2 en 3 plaatsvindt,zal de stopnok 26 verzwenkt zijn in de uitsparing 30 van de lip 28 respectie-20 velijk 29 (afhankelijk van de draairichting van de motor 22), waarop door verschuiven van de kopplaat 6 in de richting van de wikkeldoorns 2 en 3 de aanslagwand 30b oploopt tegen de stopnok 26. Op deze wijze kan door via de microprocessorschakeling 23 eerst de tweede motor 22 te starten en vervolgens de kopplaat 6 te verstellen de kopplaat 6 de 25 hiervoor reeds beschreven tweede vooruitgeschoven positie innemen. In deze stand ligt het tussen wiel 27 gekoppeld met de spoelschotel 4 resp. 5 en kan een snelspoelen van de magneetband plaatsvinden, afhankelijk van de draairichting van de motor 22 in richting van de wikkeldoorn 2 resp. 3. Voor een meer gedetailleerde beschrijving voor het 30 functioneren van de aandrijving van deze spoelschotels en de wijze van verzwenking van de zwenkarm 25 in samenwerking met de lippen 28 en 29 wordt verwezen naar de Nederlandse octrooiaanvrage 8304313 van aanvraagster ingediend d.d. 15.12.83 (EHN 10.860).
De drukrolhefboom 10 wordt door middel van een als bladveer 35 uitgevoerde op een stift 31 bevestigde drukveer 32 aangedrukt, waarbij op de kopplaat 6 een aanslag 33 aanwezig is die de verzwenking van de drukrolhefboom cm de asstap 11 in de richting van de klok begrenst. Eén 8402145 ύ Λ ΡΗΝ 11-087 10 ι der benen van de drukveer 32 ligt aan de van de drukrolhefboom 10 afgekeerde zijde aan tegen een stift 34, welke gevoerd is door een sleuf 35 inde kopplaat 6. De stift 34 is bevestigd nabij het vrije einde van een tweearmige verstelhefboom 36, die zwenkbaar is om een met de gestel-5 plaat 1 verbonden asstap 37. De verstelhefboom 36 draagt nabij het vrije einde van de andere arm een stift 38, welke zich door de gestel-plaat heen uitstrekt tot een onder de gestelplaat gelegen servoorgaan 39, dat hierna verder besproken zal worden.
Het servo-orgaan 39 omvat een servo wiel 40, dat door middel 10 van een asstap 41 draaibaar gelagerd is in de gestelplaat 1. Verder omvat het servo-orgaan 39 een relaisbeugel 42, die zwenkbaar is om een asstap 43 aan de onderzijde van de gestelplaat 1. De servabeugel 42 kan samenwerken met een pulsrelais 44 dat eveneens aan de onderzijde van de ' gestelplaat 1 bevestigd is. Het servowiel kan worden aangedreven door 15 een tandwiel 45, dat vast op de as van het vliegwiel 14 aangebracht is en daarmee tevens door de eerste motor 16 aangedreven kan worden, waarbij het tandwiel 45 roteert in een richting volgens de pijl a in figuur 3. Op een wijze als ook weergegeven in figuur 3 draagt het servowiel 40 een excentrisch can de asstap 41 gelegen excente nok 46 en een tweetal 20 grendelnokken 47 en 48, welke onderling over een hoek van ongeveer 140® ten opzichte van de asstap 41 verdeeld ligt. Het servowiel 40 is aan de omtrek voorzien van een vertanding, waarin een tweetal onderbrekingen 49 en 50 aanwezig zijn, welke onderbrekingen eveneens onder een hoek van 140° verdeeld liggen. Op deze wijze kan het servowiel 40 in een 25 eerste ruststand (zie figuur 3) respectievelijk in een tweede ruststand (zie figuur 5) gelegen zijn waarbij telkens de onderbreking 49 respectievelijk 50 gelegen is tegenover het tandwiel 45 doch in welke ruststand het tandwiel ten gevolge van de onderbreking het servowiel niet kan aandrijven. Op het servowiel 40 is verder een rug 51 aanwezig die 30 eveneens een excentrisch verloop om de asstap 41 vertoont.
De relaisbeugel 42 omvat een viertal armen, te weten een starre arm 52, een buigbare arm 53, een arretarm 54 en een terugstelarm 55. Op de terugstelarm 55 drukt een veer 56, welke met het andere einde verbonden is met de gestelplaat 1 en welke voortdurend tracht de re-33 laisbeugel 42 in een richting volgens de pijl b om de asstap 43 te ver-zwenken. De terugstelarm 55 omvat een terugstelnok 55a, welke gelegen is op het vrije einde van de arm 55 welke nok gelegen is nabij de 8402145 * *· £. EHN 11.087 11 cmtrek van het servo wiel 40 en twee schuin gerichte, onderling een hoek insluitende wanden omvat. De arretarm 54 draagt nabij het vrije einde een arretnok 54a, welke als haak uitgevoerd is en een ongeveer tangen-tiaal ten opzichte van de asstap 43 gelegen aan slagtand voor de gren- 5 delnok 47 respectievelijk 48 bezit. In de ruststand als weergegeven in figuur 3 respectievelijk 5 ligt steeds de grendelnok 47 respectievelijk 48 aan tegen de arretnok 54a, waardoor deze nok het servo wiel 40 vergrendeld houdt. In deze stand ligt de arretarm 54 aan tegen een aanslag 57, aanwezig op de gestelplaat 1, welke aanslag de positie van de re-^ laisbeugel 42 in de arretstand bepaalt. De buigbare arm 53 is nabij het vrije einde van een starre drager 58 voorzien, die een koppel el ement 58 bezit, dat als haak uitgevoerd is en dat zich gezien evenwijdig aan de asstap 43 vanaf de drager 58 au het vrije einde van de starre arm 52 uitstrekt en in de in figuur 3 weergegeven gekoppelde positie aan het 15 van de drager 58 afgekeerde zijde tegen de starre arm 52 aanligt. De drager 58 is verder voorzien van opsl uitdelen 58b, welke dienen voor het opsluiten van een plaatvormig weekijzer-el ement 59. In de weergegeven arretstand van de relaisbeugel in figuur 3 respectievelijk 5 ligt telkens het weekijzer-el ement aangetrokken tegen het pulsrelais 44.
20
Het pulsrelais 44 bestaat uit een permanente magneet 60, voorzien van een tweetal benen, waaromheen een tweetal draadspoelen 61 gewikkeld liggen. Aldus bezit het relais 44 zowel een permanente magneet als ook een elektromagneet, welke met een niet weergegeven stroombron verbonden worden onder invloed van de werking van de microproces-25 sorschakeling 24. De werking van het pulsrelais 44 berust op het principe dat gedurende de tijd dat de draadspoelen 61 niet met de stroombron verbonden zijn door het permanente magnetisme de magneet 60 continue het weekijzer-element 59 aantrekt. Aldus ligt de relaisbeugel 42 in de arretstand ten gevolge van de aanwezigheid van de aanslag 57 en 30 van het pulsrelais 44 stevig gepositioneerd. Het korstondig bekrachtigen van de draadspoelen 61, waarvoor een elektrische puls voldoende is, betekent een neutralisering door de elektromagneet van het permanente magnetisme van de magneet 60, waardoor het weekijzer-el ement 59 niet langer aangetrokken wordt. Op dat moment kan de veer 56 de relais-35 beugel 42 doen verzwenken om de asstap 43 in de richting volgens de pijl b. Opgemerkt wordt dat de relaisbeugel met de vier armen 52 tot en met 55 als één stuk kunststof kan zijn vervaardigd, waarbij tijdens de 8 4 u l 1 4 5 « * · * PHN 11.087 12 montage slechts het ver stel element 59 in de houder 58 opgesloten behoeft te worden. Het is met behulp van de haak 58 mogelijk de drager 58 bij het verzwenken van de relaisbeugel in de richting van de pijl b het weekijzer-element 59 star gekoppeld met de arm 55 mee te laten zwenken/ 5 terwijl anderzijds bij het zwenken van de relaisbeugel 52 in de richting tegengesteld aan de pijl b na het aanliggen van het weekij zer element 59 tegen de magneet 60 de starre arm 52 enigszins verder te laten zwenken, hetgeen mogelijk is door de elastische buigbaarheid van de arm 53. Hierop zal in het hiernavolgende deel van de beschrijving nog nader ^ worden teruggekomen.
Zoals weergegeven in figuur 4 is verder een rembeugel 62 verschuifbaar in het gestel 1 geleid en wel evenwijdig aan het hiervoor· reeds genoemde symmetrievlak op halve afstand van de spoelschotels 4 en 5, waarbij een veer' 63 voortdurend tracht de rembeugel 62 van de spoel-^ schotels 4 en 5 af te bewegen. De rembeugel 62 is voorzien van een uitsteeksel 64, dat geleid is in een uitsparing 65 in de gestelplaat 1. Het uitsteeksel 64 tast met het vrije einde de excenternok 46 af en drukt onder de werking van veer 63 in de eerste ruststand van het servowiel 40 aan tegen de excenternok en oefent een startkoppel uit (pijl 20 c), dat tracht het wiel 40 in de richting van de pijl d om de asstap 41 te laten draaien. Zolang evenwel de arretnok 54 nog aanligt tegen de grendelnok 47 kan dit startkoppel c geen effect hebben. Indien evenwel door het pulsgewijs bekrachtigen van het pulsrelais 44 het weekij zer- element 59 niet langer aangetrokken wordt kan de relaisbeugel 42 zwen-25 ken om de asstap 43 in de richting volgens de pijl b. Hierbij is het van voordeel dat de relaisbeugel 42 afgezien van de buigbare arm 53 verder star uitgevoerd is, zodat de wrijving tussen de arretnok 54a en de grendelnok 47 effectief kan worden ondervangen. Na vrijkomen kan nu het startkoppel (pijl c) het servowiel doen draaien, waarna de vertan- on ding aan de omtrek van het servowiel in ingrijping komt met het tandwiel 45 aangedreven door de motor 16, waardoor ten gevolge van de rotatie van het tandwiel 45 in de richting volgens de pijl a het servowiel verder draait in de richting volgens de pijl d. Afhankelijk van de mate waarin de kopplaat 6 versteld dient te worden is op het moment van 35 bekrachtigen van het pulsrelais 44 de tweede motor 22 nog niet gestart, indien de eerste vooruitgeschoven positie ingenomen moet worden, terwijl indien de tweede, minder vooruitgeschoven positie ingencmen 8402145 ESN 11.087 13 * -·* dient te worden vóór electrisch bekrachtigen van het pulsrelais eerst de twsede motor 22 ingeschakeld wordt. Tijdens draaiing van het servo- wiel 40 wordt de verstelhefboom 36 door middel van de excenternok 46 versteld tot in de stand als weergegeven in de figuren 5 en 6. Deze g stand kan worden ingencmen doordat de grendelnok 48, zoals ook in figuur 5 weergegeven eerst tegen de terugstelnok 55 opgelopen is# en de relaisbeugel 42 vanuit de onwerkzame verzwenkte stand teruggesteld heeft naar de arret stand. Hierop kan na doorlopen van het laatste deel van de draaiing van de nok 48 deze oplopen tegen de arretnok 54a op de ^ relaisbeugel 42, waardoor het servowiel 40 opnieuw vergrendeld is. In deze stand is de uitsparing 50 kernen te liggen tegenover het tandwiel 45, zodat verdere rotatie van het tandwiel 45 geen invloed heeft op het servowiel 40. Tijdens het zwenken van de verstelhefboom 36 onder invloed van de excenternok 46 is via de stift 34 druk uitgeoefend op de 15 drukveer 32, waardoor deze tegen de drukrolhefboom 10 duwt* Deze kracht heeft tot gevolg dat ten gevolge van het aanliggen van de drukrolhefboom 10 tegen de aanslag 33 de kopplaat 6 naar voren verschoven wordt tot in de eerste respectievelijk tweede vooruitgeschoven positie (zoals reeds vermeld afhankelijk van het al of niet eerst inschakelen van de 20 tweede motor 22). In de eerste vooruitgeschoven positie drukt nu de drukrol 12 tegen de kaapstander 13, waarbij de stift 34 enigszins verder beweegt dan de kopplaat 6, zodat voldoende voor spanning op de drukrol 12 aanwezig is. Hierbij is van voordeel dat eventueel optredende toleranties in de overbrenging tussen de excenternok 46 en de kopplaat 25 6 effectief gecompenseerd worden. Vanaf het moment dat de drukrol 12 tegen de kaapstander 13 aangedrukt is kan de opname cq. weergave aanvangen en wordt de band in de richting van de wikkeldoorn 3 opgespoeld.
Tijdens het bereiken van bandeinde of indien een niet weergegeven stoptoets bediend wordt, wordt het pulsrelais 44 opnieuw be-30 krachtigd. Dit heeft tot gevolg dat de relaisbeugel opnieuw vanuit de arretstand naar de onwerkzame stand bewogen wordt, waarbij ook nu de grendelnok 48 vrij komt te liggen van de arretnok 54a. In deze situatie duwt de verstelhefboom 36 op een zodanige wijze tegen de excenternok 46 dat de druk, door de veer 32 op de verstelhefboom 36 uitgeoefend een 35 startkoppel op de excenternok uitoefent, zodat het servowiel 40 na ont-grendeling van de relaisbeugel 42 verder kan draaien volgens de pijl d, waardoor nu de vertanding aan de cmtrek van het servowiel opnieuw 8402145 9 , t· PHN 11.087 14 met het tandwiel 45 kan koppelen. Hierdoor wordt het servo wiel opnieuw aangedreven, waarbij de stift 38 geleid wordt tussen de excenternok 46 en de rug 51, waardoor de verstelhefboom 36 teruggezwenkt wordt in de richting van de klok de astap 37. Dit heeft tot gevolg dat nu de stift 5 34 rechtstreeks drukt op het eind van de sleuf 35 tegen de kopplaat 6 en deze in de richting volgens de pijl 7 naar de teruggetrokken stand versteld wordt. Tijdens het begin van de rotatie van het servowiel 40 is door de excenternok 46 op het uitsteeksel 64 van de rembeugel 62 een kracht uitgeoefend, waardoor de renbeugel kortstondig in de richting 10 van de spoelschotels 4 en 5 bewogen is. Dit heeft tot gevolg dat tijdens de draaiing van het servowiel 40 de rembeugel bediend wordt en de spoelschotels 4 en 5 afgeremd worden. Tijdens de draaiing in de richting volgens de pijl d stoot de grendelnok 47 tegen de terugstelnok 55a, waardoor de relaisbeugel vanuit de onwerkzame stand opnieuw terug-15 gesteld wordt in de richting van de arretstand (zie figuur 3). Vervolgens loopt de grendelnok 47 opnieuw op tegen de arretnok 54a waarna de eerste ruststand als in figuur 3 opnieuw ingencmen wordt. Op deze wijze kan het servowiel vanuit een eerste ruststand (figuur 3) bewogen worden — **· naar een tweede ruststand (figuur 5) en weer opnieuw naar de tweede 20 ruststand (figuur 3). Hierbij wordt de kopplaat 6 vanuit de teruggetrokken positie versteld naar een der vooruitgeschoven posities en weer terug naar de teruggetrokken positie, terwijl tijdens het terugbewegen van de kopplaat tevens de rembeugel 62 bediend wordt voor het afremmen van de spoelschotels. De beschreven constructie biedt het voordeel dat 25 de relaisbeugel, welke samenwerkt met het pulsrelais slechtgs korte tijd electrisch bekrachtigd hoeft te worden om het servowiel te kunnen ontgrendelen. Door deze pulsgewijzigde bekrachtiging loopt slechts een geringe stroom door de draadspoel 61 en treedt weinig warmteontwikkeling op. Dit is van voordeel in het bijzonder voor compacte, batterij-30 aangedreven apparaten of voor apparaten, die door microprocessorschake-lingen gestuurd worden. De constructie van de relaisbeugel 42 maakt het mogelijk bij het servo-orgaan optredende toleranties effectief te compenseren. Telkens vindt een terugstellen vanuit de onwerkzame stand naar de arretstand plaats over enigszins grotere afstand dan strikt ge-35 nemen nodig is, welk additionele zwenkbeweging van de starre arm evenwel de zekerheid biedt dat telkens het weekijzer-element 59 goed aanligt tegen de magneet 60. Verder is op toleranties effectief te 840214! a « PHN 11.087 15 compenseren. Telkens vindt een terugstellen vanuit de onwerkzame stand naar de arret stand plaats over enigszins grotere afstand dan strikt genomen nodig is, welk additionele zwenkbeweging van de starre arm evenwel de zekerheid biedt dat telkens het weekijzer-element 59 goed aan-® ligt tegen de magneet 60. Verder is op deze wijze mogelijk een relatief grote «afstand tussen het wsekij zer- element 59 en het pulsrelais te overbruggen.
Opgemerkt wordt dat het weergegeven servo-orgaan niet alleen kan worden toegepast voor het verstellen van een kopplaat en een rent- 10 beugel. Het is duidelijk dat ook het servo-orgaan voor het verstellen van andere apparaatonderdelen kan worden ingezet, zoals voor het verstellen van tandwielen zoals voor het laten draaien van een kop en zoals voor het intrekken respectievelijk uitwerpen van magneetband- cassette.
15 20 25 30 35 8402145
Claims (9)
1. Magneetbandcassetteapparaat met een servoorgaan voor het verstellen van tenminste één apparaatonderdeel, welk servo-orgaan een servowiel omvat, dat aan de omtrek voorzien is van een vertanding, waarin tenminste één onderbreking gelegen is, welke in een ruststand 5 van het servowiel tegenover een door een motor aangedreven tandwiel ligt , op welk servowiel verder een'' excenternok en ten minste één gren-delnok aanwezig zijn, waarbij in de ruststand van het servowiel door veerkracht een startkoppel op de excenternok uitgeoefend wordt, welk servoorgaan verder een tussen arret stand en onwerkzame stand heen en 10 weer zwenkbare relaisbeugel omvat die een weekij zer-element draagt dat in de ruststand van het servowiel aangetrokken ligt tegen een pulsre-lais en daardoor de relaisbeugel in de arretstand houdt, in welke stand een arretnok op de relaisbeugel aanligt tegen de grendelnok op het servowiel, waardoor de arretnok het servowiel in de ruststand vergrendeld 15 houdt, terwijl na kortstondig electrisch bekrachtigen van het pulsre-lais de relaisbeugel onder veerkracht vanuit de arretstand naar de onwerkzame stand zwenkt, in welke stand de arretnok vrij ligt van de grendelnok en onder invloed van het startkoppel op de excenternok het ser-vowiel draait, de vertanding met het tandwiel koppelt, het servowiel 20 door de motor aangedreven wordt en het apparaat-onderdeel doet verstellen, waarna een terugstelnok op de relaisbeugel door de grendelnok wordt aangestoten, waardoor de relaisbeugel tegen veerkracht vanuit de onwerkzame stand terugzwenkt naar de arretstand, vervolgens de grendelnok opnieuw tegen de arretnok oploopt en de arretnok het servowiel weer 25 in de ruststand vergrendelt, met het kenmerk, dat de relaisbeugel een starre arm en een elastisch buigbare arm omvat, de buigbare arm nabij het vrije einde van een starre drager voorzien is die het weekijzer-element draagt, welke drager van een koppeleleraent voorzien is, dat in de arretstand van de relaisbeugel en tijdens de heengaande verzwenking 30 naar de onwerkzame stand aanligt tegen de starre arm en het weekij zer-element met de starre arm gekoppeld houdt, zodat het element de zwenk-beweging van de starre arm volgt, welk koppel el orient althans op het einde van het terugzwenken van de relaisbeugel vanuit de onwerkzame stand naar de arretstand, nadat het weekij zer-element opnieuw tegen het 35 pulsrelais aangetrokken ligt, vrij ligt van de starre arm, waarop deze arm tijdens een doorbuigen van de buigbare arm een additionele zwenkbe-weging kan uitvoeren onder invloed van de door de grendelnok op de 8402145 ΓΗΝ 11.087 1 7 «3e terugstelnok uitgeoefende kracht.
2. Magneetbandcassetteapparaat volgens conclusie 1, met het kenmerk dat het koppelelement als haak uitgevoerd is, welke zich, gezien evenwijdig aan de zwenkas, vanaf de drager om het vrije einde van 5 de starre arm uitstrekt en in gekoppelde positie aan de van de drager af gekeerde zijde tegen de starre arm aanligt.
3. Magneetbandcassetteapparaat volgens conclusie 2, waarbij de relaisbeugel verder een de terugstelnok dragende terugstel arm en een de arretnok dragende arretarm cravat/· met het kenmerk dat de arretnok een M ongeveer tangentiaal ten opzichte van de zwenkas van de relaisbeugel gelegen aanslagwand voor de grendelnok van het servo wiel bezit.
4. Magneetbandcassetteapparaat volgens conclusie 3, met het kenmerk dat de starre arm, de buigbare arm met drager en het koppel element, de terugstel arm en de arretarm als een eenheid uit kunststof ver- ^ vaardigd zijn, terwijl de drager opsluitdelen bezit voor het opsluiten van het weekijzer-element.
5. Magneetbandcassetteapparaat volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk dat het servowiel twee grendelnokken en twee uitsparingen in de vertanding omvat en twee verschillende ruststanden 20 innemen kan, waarbij telkens in de arretstand van de relaisbeugel de ene grendelnok aanligt tegen de arretnok op de relaisbeugel en vervolgens na electrische bekrachtiging van het pulsrelais in de onwerkzame stand van de relaisbeugel de andere grendelnok tegen de terugstelnok op de relaisbeugel oploopt en deze terugzwenkt naar de arretstand.
6. Magneetbandcassetteapparaat volgens conclusie 5, waarbij het apparaat een kopplaat omvat, waarop tenminste één magneetkop en een door een zwenkbare drukrolhouder gedragen drukrol aanwezig zijn, met het kenmerk dat het servowiel de kopplaat verstelt via een scharnier-bare, tweearmige verstelhefbocra, welke door de excenternok op het ser-vowiel gestuurd wordt, waarbij in een eerste ruststand van het servowiel de kopplaat in een ten opzichte van een magneetbandcassette teruggetrokken positie gelegen is en in de tweede ruststand van het servowiel de kopplaat in de richting van de magneetbandcassette vooruit geschoven positie gelegen is, waarbij de verstëlhefboom via een drukveer 35 tegen de drukrolhouder drukt tijdens het verstellen van de kopplaat naar de vooruitgeschoven positie en rechtstreeks tegen de kopplaat drukt tijdens het verstellen naar de teruggetrokken positie. 3402145 •v t * PHN 11. <J87“ 18
7. Magneetbandcassetteapparaat volgens conclusie 6/ met het kenmerk dat in de eerste ruststand van het servowiel het startkoppel op de excenternok uitgeoefend wordt door een de excenternok aftastend uitsteeksel op een veerbelaste rembeugel, welke rembeugel spoelschotels 5 van het magneetbandcassetteapparaat afremt tijdens draaiing van het servowiel van de tweede naar de eerste ruststand onder invloed van de kracht, welke door de excenternok wordt uitgeoefend op het uitsteeksel.
8. Magneetbandcassetteapparaat volgens conclusie 7, met het kenmerk dat in de tweede ruststand van het servowiel het startkoppel op 10 de excenternok uitgeoefend wordt door de verstelhefboom onder invloed van de kracht van de drukveer tussen deze hefboom en de drukrolhouder.
9. Magneetbandcassetteapparaat volgens conclusie 6, met het kenmerk dat de kopplaat door het servowiel tot in een eerste en in een tweede vooruitgeschoven positie ten opzichte van een magneetbandcasset- 10 te verstelbaar is, het servowiel door een voortdurend draaiende eerste motor aandrijfbaar is, terwijl een tweede motor de verzwenking stuurt van een zwenkarm waarop een stopnok aanwezig is, waarbij door inschakelen van de tweede motor op het tijdstip voor het elektrisch bekrachtigen van het pulsrelais tijdens het verstellen van de kopplaat vanuit de 20 teruggetrokken positie in een werkzame, ver zwenkte stand van de stopnok een aanslag op de kopplaat tegen de stopnok oploopt, waardoor deze in de werkzame stand de tweede vooruitgeschoven positie van de kopplaat bepaalt, terwijl door electrisch bekrachtigen van het pulsrelais op een tijdstip voor het inschakelen van de tweede motor de stopnok een on-25 werkzame stand ten opzichte van de aanslag op de kopplaat inneemt en de kopplaat tot de eerste, ten opzichte van de tweede positie meer vooruitgeschoven positie naar de magneetbandcassette verstelbaar is. 30 • 35 8402145
Priority Applications (6)
Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
---|---|---|---|
NL8402145A NL8402145A (nl) | 1984-07-06 | 1984-07-06 | Magneetbandcassetteapparaat met een servoorgaan. |
CA000485752A CA1246738A (en) | 1984-07-06 | 1985-06-27 | Magnetic-tape-cassette apparatus comprising a servo device |
US06/751,354 US4665451A (en) | 1984-07-06 | 1985-07-02 | Servo with impulse relay for a magnetic-tape-cassette apparatus |
EP85201064A EP0168878A1 (en) | 1984-07-06 | 1985-07-03 | Magnetic-tape-cassette apparatus comprising a servo device |
BR8503184A BR8503184A (pt) | 1984-07-06 | 1985-07-03 | Aparelho de fita magnetica cassete que compreende um servodispositivo |
JP1985101290U JPS6133228U (ja) | 1984-07-06 | 1985-07-04 | 磁気テ−プカセツト装置 |
Applications Claiming Priority (2)
Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
---|---|---|---|
NL8402145 | 1984-07-06 | ||
NL8402145A NL8402145A (nl) | 1984-07-06 | 1984-07-06 | Magneetbandcassetteapparaat met een servoorgaan. |
Publications (1)
Publication Number | Publication Date |
---|---|
NL8402145A true NL8402145A (nl) | 1986-02-03 |
Family
ID=19844181
Family Applications (1)
Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
---|---|---|---|
NL8402145A NL8402145A (nl) | 1984-07-06 | 1984-07-06 | Magneetbandcassetteapparaat met een servoorgaan. |
Country Status (6)
Country | Link |
---|---|
US (1) | US4665451A (nl) |
EP (1) | EP0168878A1 (nl) |
JP (1) | JPS6133228U (nl) |
BR (1) | BR8503184A (nl) |
CA (1) | CA1246738A (nl) |
NL (1) | NL8402145A (nl) |
Families Citing this family (4)
Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
---|---|---|---|---|
NL8502056A (nl) * | 1985-07-17 | 1987-02-16 | Philips Nv | Magneetbandapparaat met tenminste een een servowiel omvattende schakelinrichting voor het schakelen van een apparaatfunktie. |
NL8502055A (nl) * | 1985-07-17 | 1987-02-16 | Philips Nv | Magneetbandapparaat. |
JP2746579B2 (ja) * | 1986-11-08 | 1998-05-06 | ソニー株式会社 | テープレコーダ |
US5659441A (en) * | 1995-06-07 | 1997-08-19 | International Business Machines Corporation | Mechanical device enclosure for high performance tape drive |
Family Cites Families (13)
Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
---|---|---|---|---|
JPS5120893B1 (nl) * | 1970-08-21 | 1976-06-29 | ||
DE2534661A1 (de) * | 1974-08-02 | 1976-02-19 | Itsuki Prof Ban | Magnetbandgeraet mit kassettenhalterung |
US3976263A (en) * | 1974-10-29 | 1976-08-24 | Technical Incorporated | Operating system in a magnetic tape reproducer and recorder |
GB1548664A (en) * | 1975-06-24 | 1979-07-18 | Matsushita Electric Ind Co Ltd | Magnetic tape recording and reproducing system |
JPS53140007A (en) * | 1977-05-13 | 1978-12-06 | Hitachi Ltd | Power transmission system for cassette tape recorder |
GB2029998B (en) * | 1978-09-15 | 1982-08-18 | Sony Corp | Mode changing apparatus in a tape recorder |
US4378578A (en) * | 1980-01-14 | 1983-03-29 | Pioneer Ansafone Manufacturing Corporation | Mode control device for tape recorders |
JPS6138103Y2 (nl) * | 1980-05-01 | 1986-11-04 | ||
JPS624919Y2 (nl) * | 1980-09-19 | 1987-02-04 | ||
US4519269A (en) * | 1981-06-19 | 1985-05-28 | Clarion Co., Ltd. | Transmission system in a cam mechanism |
US4523241A (en) * | 1981-06-24 | 1985-06-11 | Clarion Co., Ltd. | Head shift mechanism in a magnetic tape apparatus |
JPS5870448A (ja) * | 1981-10-21 | 1983-04-26 | Sony Corp | 切換機構 |
JPS592248A (ja) * | 1982-06-25 | 1984-01-07 | Zenshirou Uehara | テ−プレコ−ダの駆動装置 |
-
1984
- 1984-07-06 NL NL8402145A patent/NL8402145A/nl not_active Application Discontinuation
-
1985
- 1985-06-27 CA CA000485752A patent/CA1246738A/en not_active Expired
- 1985-07-02 US US06/751,354 patent/US4665451A/en not_active Expired - Fee Related
- 1985-07-03 EP EP85201064A patent/EP0168878A1/en not_active Withdrawn
- 1985-07-03 BR BR8503184A patent/BR8503184A/pt unknown
- 1985-07-04 JP JP1985101290U patent/JPS6133228U/ja active Pending
Also Published As
Publication number | Publication date |
---|---|
BR8503184A (pt) | 1986-03-25 |
US4665451A (en) | 1987-05-12 |
CA1246738A (en) | 1988-12-13 |
JPS6133228U (ja) | 1986-02-28 |
EP0168878A1 (en) | 1986-01-22 |
Similar Documents
Publication | Publication Date | Title |
---|---|---|
NL8501027A (nl) | Magneetbandapparaat. | |
NL8402145A (nl) | Magneetbandcassetteapparaat met een servoorgaan. | |
NL8502055A (nl) | Magneetbandapparaat. | |
NL8304313A (nl) | Schakelinrichting voor het bedienen van de opnameschakelaar van een magneetbandapparaat. | |
NL8204078A (nl) | Bedrijfswijze-omschakelinrichting voor een bandrecorder. | |
NL8502056A (nl) | Magneetbandapparaat met tenminste een een servowiel omvattende schakelinrichting voor het schakelen van een apparaatfunktie. | |
US4831660A (en) | Mode change mechanism for tape recorders | |
NL8006257A (nl) | Apparaat voor het opnemen en/of weergeven van signalen op een magneetband. | |
US3737085A (en) | Automatic shutoff system for magnetic tape reproducers and recorders | |
NL8103831A (nl) | Magneetbandcassetteapparaat. | |
EP0828250B1 (en) | Reel braking mechanism for magnetic tape recording and reproduction apparatuses | |
NL8501028A (nl) | Magneetbandapparaat. | |
JPH0337157Y2 (nl) | ||
JPS5827411Y2 (ja) | 円盤状回転記録媒体再生装置 | |
JP3066345U (ja) | テ―プデッキのブレ―キ駆動装置 | |
JPS60157749A (ja) | テ−プレコ−ダ−の動作切換装置 | |
JP2727338B2 (ja) | テープレコーダの駆動装置 | |
KR100194445B1 (ko) | 테이프 레코더의 모드 전환 기구 | |
JPS6120665Y2 (nl) | ||
JP3443143B2 (ja) | 光磁気ディスク記録再生装置及びその駆動切換え方法 | |
JP3075425U (ja) | テープデッキのブレーキ駆動装置 | |
JPH0521707Y2 (nl) | ||
US6612512B1 (en) | Recording and/or reproducing device having a pull-out element and having means for moving the pull-out element into its nominal position | |
JP2548139B2 (ja) | テ−プレコ−ダ | |
JPS6336505Y2 (nl) |
Legal Events
Date | Code | Title | Description |
---|---|---|---|
A1B | A search report has been drawn up | ||
BV | The patent application has lapsed |