NL8304188A - Wikkelbare bandregel met verplaatsende naaf, haspelstelsel daarvoor en werkwijze voor de samenstelling. - Google Patents
Wikkelbare bandregel met verplaatsende naaf, haspelstelsel daarvoor en werkwijze voor de samenstelling. Download PDFInfo
- Publication number
- NL8304188A NL8304188A NL8304188A NL8304188A NL8304188A NL 8304188 A NL8304188 A NL 8304188A NL 8304188 A NL8304188 A NL 8304188A NL 8304188 A NL8304188 A NL 8304188A NL 8304188 A NL8304188 A NL 8304188A
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- hub
- reel
- flange
- recess
- seat recess
- Prior art date
Links
Classifications
-
- G—PHYSICS
- G01—MEASURING; TESTING
- G01B—MEASURING LENGTH, THICKNESS OR SIMILAR LINEAR DIMENSIONS; MEASURING ANGLES; MEASURING AREAS; MEASURING IRREGULARITIES OF SURFACES OR CONTOURS
- G01B3/00—Measuring instruments characterised by the use of mechanical techniques
- G01B3/10—Measuring tapes
- G01B3/1041—Measuring tapes characterised by casings
-
- G—PHYSICS
- G01—MEASURING; TESTING
- G01B—MEASURING LENGTH, THICKNESS OR SIMILAR LINEAR DIMENSIONS; MEASURING ANGLES; MEASURING AREAS; MEASURING IRREGULARITIES OF SURFACES OR CONTOURS
- G01B3/00—Measuring instruments characterised by the use of mechanical techniques
- G01B3/10—Measuring tapes
- G01B2003/1058—Manufacturing or assembling methods
-
- G—PHYSICS
- G01—MEASURING; TESTING
- G01B—MEASURING LENGTH, THICKNESS OR SIMILAR LINEAR DIMENSIONS; MEASURING ANGLES; MEASURING AREAS; MEASURING IRREGULARITIES OF SURFACES OR CONTOURS
- G01B3/00—Measuring instruments characterised by the use of mechanical techniques
- G01B3/10—Measuring tapes
- G01B3/1041—Measuring tapes characterised by casings
- G01B3/1043—Details of internal structure thereof, e.g. means for coupling separately moulded casing halves
Landscapes
- Physics & Mathematics (AREA)
- General Physics & Mathematics (AREA)
- Tape Measures (AREA)
- Storage Of Web-Like Or Filamentary Materials (AREA)
Description
i i m i -4
Wikkelbare bandregel met verplaatsende naaf, haspelstelsel daarvoor en werkwijze voor de samenstelling.
De uitvinding heeft betrekking op door kracht terug te brengen wikkelbare regels van het type, waarbij een haspel of spoel toegepast wordt, waarbinnen de kracht-terugbreng- of -opwikkelveer en het aeetblad gewonden worden, 5 en die bestemd zijn om in een kast opgenomen te worden om het complete stelsel te vormen.
Zoals zonder meer duidelijk zal zijn, vinden door kracht terug te brengen wikkelbare regels verbreide toepassing door het gemak dat zij aan de gebruiker verschaffen 10 bij bet terugwinden van de band binnen de kast. Bij de meeste opwikkelbare regels wordt nu een haspel of patroon toegepast, die de krachtterugbrengveer en het meetblad bevat, en vaak maken dergelijke regels het voor de koper mogelijk om de haspels of tenminste het meetblad te vervangen in het geval dat 15 het beschadigd of gebroken wordt. In dergelijke patronen is in het algemeen een naaf of post aangebracht, die bevestigd is binnen de kast en waarin één einde van de veer ingrijpt. Het haspelgedeelte van het stelsel is dan vrij om daaromheen te roteren om het blad te kunnen wikkelen en afwikkelen als het 20 uit de kast teruggetrokken of in de kast teruggewonden wordt.
Verscheidene constructieve uitvoeringen zijn voorgesteld en aangewend voor het bevestigen van het naaf-of postonderdeel in de patroon of in het uiteindelijke regel-stelsel. Wanneer de veer vooraf gewonden en strakgespannen wordt 25 in de haspel vóór opname in de kast, moet het onderdeel, waaraan het binneneinde daarvan bevestigd is, niet-roteerbaar zijn ten opzichte van de haspel maar de haspel moet, na montage in de kast, roteerbaar zijn ten opzichte van de kast. Bijgevolg waren er bij sommige uitvoeringen tijdelijke naven betrokken, die terugge-30 trokken worden; bij andere werden ineenpassende elementen gebruikt om de verandering te bewerkstelligen in het onderdeel (haspel of kast) ten aanzien waarvan de veer niet-roteerbaar is.
3304188 _- ^» - 2 - . *
Het is een oogmerk van de onderhavige uitvinding om te voorzien in een nieuwe door kracht terug te brengen wikkelbare regel, waarbij een verplaatsbaar naafonderdeel aanvankelijk niet-roteerbaar in aangrijping is met het 5 haspelonderdeel en daarna axiaal beweegbaar is om in aangrij ping te komen met de kast van de regel bij samenstellingom de haspel om de naaf en ten opzichte van de kast te kunnen roteren.
Het is ook een oogmerk om te voorzien in 10 een zodanige regel, waarbij de verscheidene elementen zonder meer en betrekkelijk economisch gefabriceerd en daarna zonder meer tot een constructie met een lange levensduur samengesteld kunnen worden.
Een ander oogmerk is om te voorzien in 15 een patroon voor een wikkelbare regel, die vooraf gewonden en zonder meer in de kast samengesteld kan worden.
Een verder oogmerk is om te voorzien in een eenvoudig en betrekkelijk zonder moeilijkheden verlopende werkwijze voor het samenstellen van een vooraf gewonden patroon 20 in de kast om een door kracht terug te brengen wikkelbare regel te vormen.
Kort omschreven is nu gebleken dat de voorgaande en daarmee verband houdende oogmerken zonder meer bereikt kunnen worden bij een wikkelbare regel, die een kast heeft, 25 bestaande uit een paar samengaande secties, welke een kamer daarbinnen vormen, waarbij een van de secties een naafzittinguit-sparing op het binnenoppervlak daarvan heeft. Roteerbaar aangebracht binnen de kast is een haspel met een cilindrische kern, ringvormige eindwanden van grotere diameter dan het kerngedeelte 30 om een ringvormige kamer daaromheen te vormen, en een zich axiaal uitstrekkende doorgang daardoor. Een naafzittinguitsparing is aangebracht in het buitenoppervlak van de eindwand nabij de naafzittinguitsparing van de kastsectie.
Een axiaal verplaatsbare naaf heeft een 35 loop in de doorgang van de haspel en een flens aan het einde daar- S3 0 4 1 3 8 i * - 3 - van nabij de eerstgenoemde kastsectie. De flens en de naafzit-tinguitsparingen zijn samenwerkend bemeten en zo gevormd dat de flens zich op losneembare wijze in de uitsparingen vastzetten en zodoende de naaf tegen relatieve rotatie vastzetten 5 zal. Aanvankelijk grijpt de naafflens onder wrijving in de naaf- zittinguitsparing van de haspel en is deze axiaal verplaatsbaar tot in de naafzittinguitsparing van de kast om de haspel om de loop te kunnen roteren. Gewikkeld binnen het kerngedeelte van de haspel is een opwikkelveer waarvan het binneneinde in 10 aangrijping is met de loop en waarvan het buiteneinde zich buiten het tussengedeelte van de haspel uitstrekt voor aangrijping met het meetblad.
Bij voorkeur zijn de naafzittinguitsparingen en de naafflens van in hoofdzaak veelhoekige doorsnede en hebben 15 de flens en uitsparingen tegenovergestelde, zich naar buiten uitstrekkende vingergedeelten om de aangrijping te versterken.
Het is wenselijk dat de andere van de kast- secties een uitsparing van onronde doorsnede in het binnenopper- vlak daarvan heeft, en de post een eindgedeelte van samenwerkende 20 doorsnede heeft, die in deze uitsparing komt te zitten. Boven- dsarop dien zal de eerste kastsectie gewoonlijk een post'hebben, in het algemeen in het midden van de naafzittinguitsparing, en heeft de loop van de naaf een boring daarin, waarin de kastpost zich uitstrekt om de naaf op de eerste kastsectie te geleiden.
25 In het meest gebruikelijke geval is de naaf zittinguitsparing van de ene kastsectie van grotere diepte dan de di k te van de naafflens, en is de naafzittinguitsparing van de haspel van kleinere diepte dan de dik te van de naafflens. Bovendien hebben de haspeleindwanden cilindrische verhevenheden op 30 de buitenoppervlakken daarvan, en bevindt de naafzittinguitsparing zich in een van deze verhevenheden.
De veerpatroon heeft om een regelstelsel te vormen de flens van de naaf onderwrijving in ingrijping in de naafzittinguitsparing van de haspel om relatieve rotatie tegen te 35 gaan tot de patroon in de kast gemonteerd is.
« 3 Λ· i 1 3 8
v V ✓ * I w SJ
* i - 4 -
Bij het samenstellen van de wikkelbare regel wordt de veerpatroon in een kastsectie geplaatst, die de samenwerkend gevormde naafzittinguitsparing in het binnenopper-vlak daarvan heeft. De naaf wordt axiaal verplaatst om de naaf-5 flens van zijn zitting te brengen uit de zittinguitsparing van de haspel en deze op zijn zitting te brengen in de naafzitting-uitsparing van de kastsectie om de haspel om de naaf en ten opzichte van de kastsectie te kunnen roteren. Daarna wordt een samengaande kastsectie over de haspel geplaatst, en worden de 10 twee kastsecties bevestigd tij de samenstelling.
Als een deel van een dergelijke samenstelling wordt één einde van een wikkelbaar regelmeetblad in aan-grijping gebracht met het buiteneinde van de opwikkelveer en om het kerngedeelte van de haspel gewikkeld.
15 De uitvinding wordt in het volgende nader toegelicht aan de hand van een in de tekening voorgesteld uit-voeringsvoorbeeld daarvan.
Figuur 1 is een bovenaanzicht van een haspel of patroon voor een wikkelbare regel, die de onderhavige uit-20 vinding belichaamt, waarbij één eindwand van de haspel weggebroken is om inwendige constructie te onthullen; figuur 2 is een zijaanzicht van de patroon van figuur 1 met weggebroken delen om inwendige constructie te onthullen; 25 figuur 3 is een gedeeltelijk onderaanzicht van de patroon; figuur 4 is een gedeeltelijk zijaanzicht op grotere schaal van een wikkelbaar regelstelsel waarbij de patroon van figuur 1-3 aangewend wordt en met weggebroken de-30 len om inwendige constructie te onthullen; en figuur 5 is een afbeelding van een gedeelte van de kasteindwand en van de naaf, waarin de onderdelen in hun betrekkelijke verband losgenomen beschouwd worden.
Vervolgens wordt de voorgestelde uitvoering 35 nader beschreven.
3304138 é » - 5 -
Eerst worden figuur 1-3 beschouwd, waarin een door kracht terug te brengen wikkelbare regelhaspel of patroon voorgesteld is, die de onderhavige uitvinding belichaamt, waarbij de haspelkast met het verwijzingscijfer 10 aangegeven 5 is en bestaat uit samengaande helften met in hoofdzaak ring- vormLge eindwanden 12, 14 en een cilindrische kemwand 16, die een kamer 18 daarbinnen tussen de eindwanden 12, 14 vormen. Op de buitenoppervlakken van de eindwanden 12, 14 worden zich axiaal uitstrekkende, in hoofdzaak cilindrische verhevenheden 20a, 20b 10 gezien met uitgerichte openingen 22 die zich daardoor uitstrekken om de centrale doorgang te vormen.
Zoals duidelijk in figuur 2 en 3 gezien wordt, hebben de buitenoppervlakken van de verhevenheden 20a, 20b elk een uitsparing 24 daarin rond de opening 22 die van in 15 hoofdzaak vierkante vorm is met een paar uitgerichte vingerge-deelten 26 welke van weerszijden daarvan uitsteken. Elk van de samengaande secties van de haspelkast 10 heeft openingen 28 in de eindwanden 12, 14 daarvan., waarin onder wrijving samengaande uitsteeksels 29 aan de sectie van de kemwand 16, die 20 door de andere samengaande sectie gevormd wordt, komen te zitten.
Door de haspelkastdoorgang, die door de openingen 22 gevormd wordt, strekt zich een verplaatsbare naaf uit, die algemeen met het verwijzingscijfer 30 aangegeven is en die duidelijk in figuur 5 gezien wordt. De naaf 30 heeft een 25 basis of flens 32 en een cilindrische loop 34 met diametraal tegenovergestelde, zich volgens een koorde uitstrekkende velden 36 aan het vrije einde daarvan en een zich axiaal uitstrekkende, volgens een koorde aangebrachte sleuf 38 halverwege de lengte daarvan. De flens 32 is van in hoofdzaak vierkante vorm met een 30 paar vingers 42 die van weerszijden daarvan uitsteken, en een boring 40, die zich uitstrekt door de loop 34 en flens 32, is verschoven naar één zijde van de hartlijn van de loop 34 zoals later uiteengezet zal worden in het hier volgende.
De flens 32 is er qua vorm op berekend om 35 nauwsluitend in de uitsparing 24 van de haspel 10 te passen en § 3 C 4 13 8 - 6 - onder wrijving daarbinnen in te grijpen, en de dikte daarvan is iets groter dan de diepte van de uitsparing 24 zodat deze zich uitstrekt buiten het vlak gevormd door het buitenoppervlak van de verhevenheid 20b waarin deze komt te zitten. De axiale 5 lengte van de loop 34 is groter dan de dikte van de haspelkast 10 zodat het vrije einde daarvan zich buiten het vlak van de verhevenheid 20a op de andere eindwand 12 uitstrekt.
Zoals ook in figuur 2 gezien wordt, is een krachtveer 46 in de kamer 18 schroeflijnvormig gewonden om de 10 naaf 30 waarbij het binneneinde daarvan in de sleuf 38 van de loop 34 grijpt. Het buiteneinde van de veer 46 strekt zich uit door een (niet weergegeven) doorgang in de kernwand 16 en verkeert in aangrijping met het metalen meetblad 48 dat gewikkeld is in de ringvormige kamer die gevormd wordt door de eindwanden 15 12, 14 en buitenoppervlakken van de kern 16.
In figuur 4 is de wikkelbare regéL weergegeven zoals deze samengesteld wordt met de regelkast die algemeen aangegeven is met het verwijzingscijfer 50 en gevormd is uit öe twee secties onder het vormen van'eindwanden 52, 54 en een om-20 trekszijwand die een (niet weergegeven) fcladdoorgang daarin heeft, waardoor het meetblad 48 uifc-treedt.
De eindwand 52 heeft in het binnenoppervlak daarvan een verhevenheid 56 gevormd, die een uitsparing 60 heeft, welke in hoofdzaak vierkant is met tegenovergestelde, zich 25 tegenovergesteld uitstrekkende vingergedeelten 42a die samenwerkend gevormd en bemeten zijn om de flens 32 en vingergedeelten 42 van de naaf 30 nauwsluitend daarin op te nemen, en de diepte daarvan is groter dan de dikte van de naafflens 32. Verschoven naar één zijde van de hartlijn van de uitsparing 30 is een op-30 staande cilindrische post 64 van ringvormige doorsnede, die zich omhoog uitstrekt in de boring 40 van de naaf 30.
De eindwand 54 heeft daarin een verhevenheid 58 gevormd, met een uitsparing 68, die boogvormige einden en rechtlijnige zijden heeft, die samenwerkend bemeten en gevormd 35 zijn om het vrije einde van de loop 34 van de naaf 30 nauwslui- 3304188 - 7 - tend op te nemen. Daar beide einden van de naaf 30 nauwsluitend in de uitsparingen 60, 68 opgenomen worden, wat het daarin roteren daarvan niet veroorloven zal, wordt de rotatie daarvan tegengegaan bij de montage in de kast 50, ofschoon de haspel 5 10 vrij is om daaromheen te roteren wanneer de flens 32 een maal buiten aangrijping is met de uitsparing 24 in de haspel 10.
Bij de samenstelling van de regel volgens de onderhavige uitvinding wordt het binneneinde van de kracht-terugbrengveer 46 opgenomen in de sleuf 38 van de naaf 30 en 10 wordt de onderste sectie van de haspel en de veer 46 binnen de kamer 18 gewikkeld met het buiteneinde daarvan buiten de kern-wand 16 uitstekend. Gedurende deze aanvankelijke samenstellings-verrichting is de naaf 30 niet-roteerbaar ten opzichte van de onderste sectie van de haspel 10 door de wrijvingsaangrijping 15 van de flens 32 binnen de uitsparing 24 in de haspeleindwand 14. De haspel wordt dan geroteerd in een vatting om de veer 46 tot een bepaalde spanning te wikkelen met het buiteneinde uitstekend voorbij de omtrek van de haspel 10. De bovenste sectie van de haspel 10 wordt dan op de onderste sectie gesnapt onder 20 het tegelijkertijd vastzetten van het buiteneinde van de kracht-veer aan de haspel 10, en de twee secties worden bij voorkeur ultrasonisch gelast om de veiligheid van de samenstelling te vergroten.
Het zal echter duidelijk zijn dat de naaf 25 30 roteerbaar gemonteerd kan worden in een vatting waarbij de haspel 10 niet-roteerbaar daarin is om rotatie van de naaf in de vatting te veroorloven om de veer 46 binnen de haspel 10 te wikkelen.
Nadat de veerpatroon vooraf gewonden is, 30 wordt deze in de onderste kastsectie geplaatst met de post 64 op de kasteindwand 52 uitgericht met de boring 40 in de naaf 30 en met de vingergedeelten 42 op het uitstekende gedeelte van de naafflens 42 uitgericht met de vingergedeelten 42a van de uitsparing 60 in de kasteindwand 52. Het buiteneinde van de veer 46 35 wordt door de bladdoorgang in de kast 50 gevoerd en de (niet 3 o 0 ; Η 8 - 8 - weergegeven) bladvastzetting wordt gebruikt om het in deze uitgezette stand te bevestigen. Het boveneinde van de loop 34 wordt dan omlaag geduwd om de flens 32 uit de uitsparing 24 in de haspel 10 te bewegen en deze omlaag te drukken in de uit-5 sparing 60 van de kasteindwand 52.
Op dit punt is de haspel 10 nu roteerbaar ten opzichte van de naaf 30 en de kast 50. Het wikkelbare blad 48 is nu in aangrijping met het uitstekende einde van de veer 46, en de vastzetting wordt losgenomen om de veer 46 het blad 48 10 binnen de kast 50 om de haspelkernwand 16 te laten wikkelen. De bovenste sectie van de kast 50 wordt dan over de onderste sectie geplaatst met de velden van de uitsparing 68 in de eindwand 54 uitgericht met de velden 36 van de loop 34. De loop 34 komt dan in de uitsparing 68 te zitten, de twee secties worden opeenge-15 drukt en bevestigingen worden opgenomen om de twee secties in hun samengestelde verband te bevestigen.
Desgewenst kan het wikkelbare blad 48 om de haspel 10 gewonden worden voor opname in een kast om zodoende een complete vervangingspatroon te vormen. In deze vorm moeten 20 geschikte klemorganen aangebracht worden om de gewikkelde elementen tegen afwikkeling te bevestigen.
Het zal duidelijk zijn dat de afmeting en vormgeving van de uitsparingen 24, 60 en van de flens 32 van de naaf 30 samenwerkend moeten zijn om zodoende onder wrijving 25 in aangrijping te komen met de flens 32 binnen de respectieve uitsparing 24, 60. De vingergedeelten van de uitsparingen 24, 60 vergroten het oppervlakgebied voor wrijvingsaangrijping en vormen ook de middelen om het goed uitgerichte verband van de naaf 30 en haspel 10 ten opzichte van de kast 50 te verzekeren.
30 De specifieke vormgeving van de flens 32 en van de uitsparingen 24, 60 kan gekozen worden uit elke onronde vorm die een onrond stelsel opleveren zal welke relatieve rotatie van de naaf 30 ten opzichte van het deel, waarin deze komt te zitten, tegengaat. De in hoofdzaak vierkante vorm van de 35 voorgestelde uitvoeringen is hoogst doeltreffend en gunstig ge- «3041 99 ij "7 \ ïj· %· .
- 9 - bleken vanuit het standpunt van het bewerkstelligen van het uitgerichte verband van de delen.
De boring 40 in de loop 34 van de naaf 30 is verschoven uit het midden daarvan om voor de oriëntatie vol-5 gens een koorde van de veeropneemfleuf 38 te zorgen, en de ver schuiving van de post 64 op de eindwand 52 van de kast 50 dient om het uitgerichte verband daarmee tot stand te brengen. Deze verschuiving ten opzichte van de uitsparing 60 begunstigt ook de goede oriëntatie van de patroonhaspel 10 ten opzichte van de 10 kast 50.
Het is wenselijk dat de regel een bladvast-zetmechanisme omvat, waarvan vele vormen momenteel bekend zijn, daaronder begrepen die van West volgens het Amerikaanse octrooi-schrift 3.214.836. Deze kan ook voorzien zijn van snelheidregel-15 kammen van het type dat geopenbaard is in het Amerikaanse octrooischrift 3.889.897 ten name van Van Zelderen.
De haspel, naaf en kast worden op geschikte wijze gevormd door spuitgieten uit kunsthars zoals acrylonitril-butadieen-styreen-interpolymeer, nylon, acetaal, polypropeen, 20 met glas gevulde polyesters, enz. Harsen van technische kwaliteit zoals nylon en acetaal worden bij voorkeur toegepast voor de naaf. Desgewenst kan de kast door vormgieten uit metaal zoals aluminium verkregen worden.
Derhalve kan worden gezien dat de wikkel-25 bare regels volgens de onderhavige uitvinding een nieuw naaien haspelstelsel hebben, waarbij de naaf aanvankelijk niet-ro-teerbaar is ten opzichte van de haspel om het wikkelen van de veer binnen de haspel mogelijk te maken en deze daarna verplaatsbaar is om in aangrijping te komen met de regelkast om de regel 30 daaromheen te kunnen roteren. De verschillende elementen van het stelsel kunnen zonder meer gefabriceerd en samengesteld worden, en de samenstelling levert een lange levensduur en betrekkelijk zonder moeilijkheden verlopende verrichting op.
Kort samengevat is in het voorgaande beschre-35 ven dat bij een door kracht terug te brengen wikkelbare regel 33 0 4 1 3 8 - 10 - een kast, die op het binnenoppervlak van een van de eindwanden daarvan een onronde uitsparing heeft, en een haspel, die op de aangrenzende eindwand daarvan een uitsparing van overeenkomstige vorm heeft, toegepast worden. Verschuifbaar opgenomen in de 5 centrale doorgang door de haspel is een naaf met een loopge- deelte dat zich tot in de doorgang van de haspel uitstrekt en een flens aan één einde die een doorsnede heeft welke samenwerkend besmeten en gevormd is om nauwsluitend in een van beide uitsparingen opgenomen te kunnen worden. Bij de montage 10 van de vooraf ge--wonden haspel in de kast wordt de flens aanvankelijk in de uitsparing van de haspel opgenomen om relatieve rotatie daartussen tegen te gaan en daarna wordt de naaf axiaal verplaatst om de flens in de uitsparing van de kast op te nemen om zodoende de haspel daaromheen te kunnen roteren.
3304198
Claims (19)
1. Wikkelbare regel, in combinatie bestaande uit een kast, bestaande uit een paar samengaande secties, die een kamer daarbinnen vormen, waarbij een van deze secties 5 een naafzittinguitsparing op het binnênoppërvlak daarvan heeft, een haspel, die binnen de kast roteerbaar is, met een cilindrische kern, ringvormige eindwanden van grotere diameter dan dit kerngedeelte om een ringvormige kamer daaromheen te vormen, en een zich axiaal uitstrekkende doorgang daardoor, welke haspel 10 een naafzittinguitsparing in het buitenoppervlak van de eindwand nabij de naafzittinguitsparing van het genoemde ene kastgedeelte heeft, een axiaal verplaatsbare naaf die een loop in de genoemde doorgang van de haspel en een flens aan het einde daarvan nabij de genoemde ene kastsectie heeft, waarbij deze flens en de naaf-15 zittinguitsparingen samenwerkend bemeten en zo gevormd zijn dat de flens en zodoende de naaf vastgezet worden om relatieve rotatie tegen te gaan, en de genoemde naafflens onder wrijving in ingrijping te brengen is in de naafzittinguitsparing van de haspel en axiaal verplaatsbaar is tot in de naafzittinguitsparing 20 van de kast om de haspel om de genoemde loop te kunnen roteren, en een opwikkelveer die binnen het genoemde kerngedeelte van de haspel gewikkeld is en waarvan het binnendeinde in aangrijping gebracht wordt met de genoemde loop en waarvan het buiteneinde zich buiten het genoemde kerngedeelte van de haspel uitstrekt.
2. Wikkelbare regel volgens conclusie 1, gekenmerkt doordat de naafzittinguitsparingen en de genoemde naafflens van in hoofdzaak veelhoekige doorsnede zijn.
3. Wikkelbare regel volgens conclusie 2, gekenmerkt doordat de genoemde flens tegenovergestelde, zich 30 naar buiten uitstrekkende vingergedeelten heeft en de genoemde uitsparingen samenwerkende vingergedeelten hebben.
4. Wikkelbare regel volgens conclusie 1, gekenmerkt doordat de andere van de genoemde kastsecties een uitsparing van onronde doorsnede in het binnenoppervlak daarvan 35 heeft en de genoemde loop een eindgedeelte van samenwerkende 5304138 # - 12 - *» doorsnede heeft, die in de genoemde uitsparing komt te zitten.
5. Wikkelbare regel volgens conclusie 1, gekenmerkt doordat de genoemde ene kastsectie een post daarop heeft, in hoofdzaak in het midden van de genoemde naafzitting- 5 uitsparing, en de genoemde naaf een boring daarin heeft tot in welke de genoemde kastpost zich uitstrekt om deze naaf op deze ene kastsectie te geleiden.
6. Wikkelbare regel volgens conclusie 1, gekenmerkt doordat de genoemde naafzittinguitsparing van de 10 genoemde ene kastsectie van grotere diepte dan de dikte van de genoemde naafflens is.
7. Wikkelbare regel volgens conclusie 6, gekenmerkt doordat de genoemde naafzittinguitsparing van de haspel van kleinere diepte dan de dikte van de genoemde naafflens 15 is.
8. Wikkelbare regel volgens conclusie 1, gekenmerkt doordat de genoemde haspeleindwanden cilindrische verhevenheden op de buitenoppervlakken daarvan hebben, en de genoemde naafzittinguitsparing in een verhevenheid aangebracht is. 20
9· Patroon voor een door kracht terug te brengen wikkelbare regel, bestaande uit een haspel met een cilindrische kern, ringvormige eindwanden van grotere diameter dan het genoemde kerngedeelte om een zich axiaal uitstrekkende doorgang daardoor te vormen, welke haspel een naafzittinguitsparing in 25 het buitenoppervlak van een van de genoemde eindwanden om de genoemde doorgang heeft, een axiaal verplaatsbare naaf met een loop in de genoemde doorgang van de haspel en een flens die in de genoemde zittinguitsparing opgenomen wordt, welke naafflens en welke naafzittinguitsparing samenwerkend gevormd en bemeten 30 zijn voor wrijvingsaangrijping van de naaf in de uitsparing, waarbij de naafflens op losneembare wijze in de uitsparing vastgezet wordt om relatieve rotatie daartussen tegen te gaan, en een op-wikkelbare veer die binnen het genoemde kerngedeelte van de haspel gewikkeld is en waarvan het binneneinde in aangrijping is met de 35 genoemde loop. 9304198 - 13 - S ψ
10. Patroon volgens conclusie 9, gekenmerkt doordat de genoemde naafzittinguitsparing en de genoemde naafflens van in hoofdzaak veelhoekige doorsneden zijn.
11. Patroon volgens conclusie 10, 5 gekenmerkt doordat de genoemde flens zich naar buiten uitstrek kende vingergedeelten heeft en de genoemde uitsparing samenwerkende vingergedeelten heeft.
12. Patroon volgens conclusie 9, gekenmerkt doordat de genoemde naafzittinguitsparing van de has- 10 pel van kleinere diepte dan de dikte van de genoemde naafflens is.
13. Patroon volgens conclusie 9, gekenmerkt doordat de genoemde haspeleindwanden cilindrische verhevenheden op de buitenoppervlakken daarvan hebben, en de 15 genoemde naafzittinguitsparing in een verhevenheid aangebracht is.
14. Werkwijze voor het vervaardigen van een wikkelbare regel, welke de verrichtingen omvat van het vormen van een haspel met een cilindrische kern, ringvormige eindwanden van grotere diameter dan dit kerngedeelte om een ringvormige 20 kamer daaromheen te vormen, en een zich axiaal uitstrekkende doorgang daardoor, welke haspel een naafzittinguitsparing in het buitenoppervlak van één eindwand om de genoemde doorgang heeft, het in de genoemde doorgang van de haspel opnemen van de loop van een axiaal verplaatsbare naaf die een flens aan het einde ene 25 daarvan nabij de genoemde/kastsectie heeft, welke flens en welke naafzittinguitsparingen samenwerkend bemeten en gevormd zijn om de genoemde flens nauwsluitend te kunnen opnemen, en het drukken van de flens tot in de genoemde uitsparing om de naaf vast te zetten om relatieve rotatie daarvan tegen te gaan, het in aan- 30 grijping brengen van één einde van een terugwikkelveer met de genoemde loop van de genoemde naaf en het wikkelen daarvan binnen het genoemde kerngedeelte van de haspel, het plaatsen van het haspelonderstelsel in een kastsectie dat een samenwerkend gevormde naafzittinguitsparing in het binnenoppervlak daarvan heeft, 35 en het axiaal verplaatsen van de genoemde naaf voor het van zijn 3. n4 13 8 A - 14 - zitting brengen van de genoemde naafflens uit de genoemde zittinguitsparing van de haspel en het op zijn zitting brengen daarvan in de genoemde naafzittinguitsparing van de genoemde kastsectie om de haspel om de naaf en ten opzichte van de genoem- 5 de kastsectie te kunnen roteren.
15. Werkwijze voor het vervaardigen van een wikkelbare regel volgens conclusie 14, met het kenmerk, dat deze de verrichtingen omvat van het plaatsen van een samengaande kastsectie over de haspel en het bevestigen van de kastsecties 10 in hun samengestelde verband.
16. Werkwijze voor het vervaardigen van een wikkelbare regel volgens conclusie 14, met het kenmerk, dat deze de verrichting omvat van het vastzetten van het andere einde van de genoemde terugwikkelveer ten opzichte van de haspel om het 15 afwikkelen daarvan tegen te gaan.
17. Werkwijze voor het vervaardigen van een wikkelbare regel volgens conclusie 16, met het kenmerk, dat deze de verrichting omvat van het in aangrijping brengen van één· einde van een wikkelbaar regelmeetblad met het andere einde van 20 de genoemde terugwikkelveer, het afwikkelen van deze veer, en het wikkelen van het genoemde blad om het genoemde kerngedeelte door de wikkelkracht van de veer.
18. Werkwijze, in hoofdzaak zoals voorgesteld in de beschrijving en/of tekening.
19. Inrichting, in hoofdzaak zoals voorge steld in de beschrijving en/of tekening. 8304128
Applications Claiming Priority (2)
Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
---|---|---|---|
US06/447,703 US4487379A (en) | 1982-12-07 | 1982-12-07 | Coilable tape rule with shifting hub, reel assembly therefor, and method of assembling |
US44770382 | 1982-12-07 |
Publications (1)
Publication Number | Publication Date |
---|---|
NL8304188A true NL8304188A (nl) | 1984-07-02 |
Family
ID=23777393
Family Applications (1)
Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
---|---|---|---|
NL8304188A NL8304188A (nl) | 1982-12-07 | 1983-12-06 | Wikkelbare bandregel met verplaatsende naaf, haspelstelsel daarvoor en werkwijze voor de samenstelling. |
Country Status (11)
Country | Link |
---|---|
US (1) | US4487379A (nl) |
JP (1) | JPS59145903A (nl) |
AU (1) | AU560615B2 (nl) |
CA (1) | CA1196782A (nl) |
DE (1) | DE3344281C2 (nl) |
FR (1) | FR2537266B1 (nl) |
GB (1) | GB2131393B (nl) |
IT (1) | IT1167679B (nl) |
MX (1) | MX159693A (nl) |
NL (1) | NL8304188A (nl) |
ZA (1) | ZA839036B (nl) |
Families Citing this family (32)
Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
---|---|---|---|---|
DE3323706C1 (de) * | 1983-07-01 | 1984-12-20 | Karl Kuntze (GmbH & Co), 5650 Solingen | Rollbandmass |
US4662078A (en) * | 1986-06-02 | 1987-05-05 | Gammon Reel, Inc. | Construction string reel |
FR2639590B1 (fr) * | 1988-11-30 | 1991-02-22 | Ecia Equip Composants Ind Auto | Barillet arme a ressort notamment pour enrouleur de ceinture de securite |
US4972601A (en) * | 1989-10-20 | 1990-11-27 | The Stanley Works | Coilable tape rule with improved connection between spring and blade |
US4982910A (en) * | 1989-10-20 | 1991-01-08 | The Stanley Works | Coilable tape rule with improved connection between spring and hub |
JP2514967Y2 (ja) * | 1990-06-11 | 1996-10-23 | 株式会社田島製作所 | 長尺の小型巻尺ケース |
SE466972B (sv) * | 1990-09-13 | 1992-05-04 | Hoffmans Verkstads Ab | Maattband och bandkassett |
JPH05254389A (ja) * | 1992-03-16 | 1993-10-05 | Takata Kk | シートベルトリトラクタにおける付勢力付与手段の付勢状態保持装置 |
US5791581A (en) * | 1996-11-27 | 1998-08-11 | The Stanley Works | Tape rule blade hook shock absorbers |
US5820057A (en) * | 1997-11-05 | 1998-10-13 | The Stanley Works | Tape rule with geared spring motor drive |
GB2348401B (en) * | 1999-03-31 | 2001-08-08 | Breed Automotive Tech | Retractor |
US6324769B1 (en) | 1999-08-04 | 2001-12-04 | The Stanley Works | Rule assembly with increased blade standout |
US6282808B1 (en) * | 1999-08-04 | 2001-09-04 | The Stanley Works | Rule assembly with hook bend protection |
AT5503U1 (de) * | 2001-03-08 | 2002-07-25 | Lem Norma Gmbh | Einrichtung zur unterstützung der messung des erdwiderstandes |
US20040187336A1 (en) * | 2003-03-28 | 2004-09-30 | Shih-Lin Lee | Structure of a tape rule housing |
US7458537B2 (en) | 2005-05-31 | 2008-12-02 | Cooper Brands, Inc. | Tape measure with post reinforcing collar |
US7377050B2 (en) * | 2006-04-03 | 2008-05-27 | Irwin Industrial Tool Company | Tape measure |
US20080184581A1 (en) * | 2007-02-02 | 2008-08-07 | Index Measuring Tape Co., Ltd. | Tape ruler |
US9080849B2 (en) | 2011-07-29 | 2015-07-14 | Milwaukee Electric Tool Corporation | Tape measure |
CA2784047C (en) | 2011-07-29 | 2015-08-11 | Milwaukee Electric Tool Corporation | Tape measure |
US8863399B2 (en) | 2011-08-26 | 2014-10-21 | Milwaukee Electric Tool Corporation | Tape measure |
US9267778B2 (en) | 2012-01-19 | 2016-02-23 | Milwaukee Electric Tool Corporation | Tape measure |
US8819955B2 (en) | 2012-03-08 | 2014-09-02 | Milwaukee Electric Tool Corporation | Tape measure |
USD733597S1 (en) | 2012-07-30 | 2015-07-07 | Milwaukee Electric Tool Corporation | Tape measure |
USD785475S1 (en) | 2015-12-10 | 2017-05-02 | Milwaukee Electric Tool Corporation | Tape measure |
USD785476S1 (en) | 2015-12-10 | 2017-05-02 | Milwaukee Electric Tool Corporation | Tape measure |
USD783429S1 (en) | 2016-01-07 | 2017-04-11 | Milwaukee Electric Tool Corporation | Tape measure |
USD787347S1 (en) | 2016-01-07 | 2017-05-23 | Milwaukee Electric Tool Corporation | Tape measure |
USD783430S1 (en) | 2016-01-07 | 2017-04-11 | Milwaukee Electric Tool Corporation | Tape measure |
USD788611S1 (en) | 2016-06-01 | 2017-06-06 | Milwaukee Electric Tool Corporation | Tape measure |
WO2018026756A1 (en) * | 2016-08-02 | 2018-02-08 | Saint-Gobain Performance Plastics Corporation | Bearing |
CN222048778U (zh) | 2021-12-23 | 2024-11-22 | 斯坦利布莱克和戴克公司 | 卷尺卷轴杆 |
Family Cites Families (15)
Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
---|---|---|---|---|
US2172043A (en) * | 1938-12-19 | 1939-09-05 | Bastian Brothers Company | Spring reel tape measure |
US2602958A (en) * | 1947-10-30 | 1952-07-15 | Grand Rapids Hardware Company | Sash balance |
GB711713A (en) * | 1951-11-03 | 1954-07-07 | David Rushworth | Improvements in or relating to self winding cable reels |
US3062479A (en) * | 1959-09-14 | 1962-11-06 | Mccaffrey Ruddock Tagline Corp | Means for facilitating replacement of springs in spring rewound tagline devices |
US3255531A (en) * | 1964-04-14 | 1966-06-14 | Arnold N Anderson | Measuring tape |
US3384321A (en) * | 1966-01-19 | 1968-05-21 | Aero Motive Mfg Company | Rotary device |
US3447229A (en) * | 1966-12-27 | 1969-06-03 | Nat Lead Co | Method and apparatus for captive washer assembling |
US3716201A (en) * | 1970-05-04 | 1973-02-13 | Stanley Works | Coilable rule and replacement cartridge therefor |
US3694588A (en) * | 1970-05-06 | 1972-09-26 | Arthur I Appleton | Take-up reel |
DE2128055C3 (de) * | 1971-06-05 | 1978-12-14 | The Stanley Works, New Britain, Conn. (V.St.A.) | Taschenbandmaß mit Austauschkassette |
FR2344811A1 (fr) * | 1976-03-18 | 1977-10-14 | Stanley Mabo | Instrument de mesure lineaire |
US4045079A (en) * | 1976-05-17 | 1977-08-30 | General Motors Corporation | Inertia seat back lock |
US4142693A (en) * | 1977-10-05 | 1979-03-06 | The Stanley Works | Coilable rule |
US4159809A (en) * | 1978-01-06 | 1979-07-03 | American Safety Equipment Corporation | Prewound retractor spring housing assembly |
DE3116835A1 (de) * | 1980-05-20 | 1982-02-25 | Barnes Group Inc., 06010 Bristol, Conn. | Gurtaufroller |
-
1982
- 1982-12-07 US US06/447,703 patent/US4487379A/en not_active Expired - Lifetime
-
1983
- 1983-12-05 ZA ZA839036A patent/ZA839036B/xx unknown
- 1983-12-06 CA CA000442596A patent/CA1196782A/en not_active Expired
- 1983-12-06 IT IT24075/83A patent/IT1167679B/it active
- 1983-12-06 MX MX199636A patent/MX159693A/es unknown
- 1983-12-06 NL NL8304188A patent/NL8304188A/nl not_active Application Discontinuation
- 1983-12-07 DE DE3344281A patent/DE3344281C2/de not_active Expired
- 1983-12-07 GB GB08332668A patent/GB2131393B/en not_active Expired
- 1983-12-07 FR FR8319602A patent/FR2537266B1/fr not_active Expired
- 1983-12-07 AU AU22158/83A patent/AU560615B2/en not_active Ceased
- 1983-12-07 JP JP58230008A patent/JPS59145903A/ja active Granted
Also Published As
Publication number | Publication date |
---|---|
FR2537266A1 (fr) | 1984-06-08 |
DE3344281C2 (de) | 1986-08-14 |
DE3344281A1 (de) | 1984-06-07 |
GB2131393A (en) | 1984-06-20 |
CA1196782A (en) | 1985-11-19 |
AU2215883A (en) | 1984-06-14 |
ZA839036B (en) | 1984-07-25 |
IT8324075A0 (it) | 1983-12-06 |
JPS59145903A (ja) | 1984-08-21 |
AU560615B2 (en) | 1987-04-09 |
GB2131393B (en) | 1986-04-30 |
FR2537266B1 (fr) | 1987-11-20 |
MX159693A (es) | 1989-08-04 |
US4487379A (en) | 1984-12-11 |
GB8332668D0 (en) | 1984-01-11 |
IT1167679B (it) | 1987-05-13 |
JPH041841B2 (nl) | 1992-01-14 |
Similar Documents
Publication | Publication Date | Title |
---|---|---|
NL8304188A (nl) | Wikkelbare bandregel met verplaatsende naaf, haspelstelsel daarvoor en werkwijze voor de samenstelling. | |
US4878581A (en) | Cartridge for web-type media material | |
NL193504C (nl) | Rolmaat met verbeterde verbinding tussen veer en naaf. | |
US5368245A (en) | Two-piece pay-out tube | |
CA1142902A (en) | Guide device for use in elongate filament dispensing package and the like | |
NL8006384A (nl) | Lineair meetinstrument. | |
US4903833A (en) | Cartridge for web-type media material | |
US4542863A (en) | Pipe-thread sealing tape reel with tape retarding element | |
CA3055841C (en) | Spindle assembly for sheet product dispensers | |
US5507446A (en) | Phone cord rewinder | |
US20090113946A1 (en) | Anti-theft locking device with a flexible cable | |
US3362461A (en) | Shade roller | |
JPS638151A (ja) | プラスチツクフイルムストリツプ分配装置 | |
DE2719428B2 (de) | Kassettenband-Wickelvorrichtung | |
US4756418A (en) | Anti-clockspringing apparatus and method | |
US20040195130A1 (en) | Polarized tape dispenser | |
US5332169A (en) | Method of preventing clockspringing of a wound web within a cassette | |
JPS63247257A (ja) | 新聞、雑誌等の巻き取った印刷物を中間貯蔵する巻取物支持体 | |
US6053355A (en) | Paper-towel dispenser | |
US5344094A (en) | Process and apparatus for retaining and dispensing a coiled article | |
EP0548211B1 (en) | A web-roll anti-clockspringing mechanism | |
US20070170302A1 (en) | Spool assembly for locating a spooled material end | |
US749971A (en) | Peters co | |
NL8303155A (nl) | Opneemspoel voor een correctielint. | |
US4500047A (en) | Spool adaptor |
Legal Events
Date | Code | Title | Description |
---|---|---|---|
A85 | Still pending on 85-01-01 | ||
BV | The patent application has lapsed |